In welk land is de rechtbank bevoegd?

France
Content provided by:
European Judicial Network
European Judicial Network (in civil and commercial matters)

1 Moet ik mij wenden tot een gewone rechtbank of tot een gespecialiseerde rechtbank (bijvoorbeeld een arbeidsrechtbank)?

In het Franse rechtssysteem bestaan twee soorten rechtbanken naast elkaar: administratieve en gerechtelijke.

Elke categorie bestaat uit drie niveaus.

In de eerste categorie zijn de gewone rechtbanken die beslissingen geven de administratieve rechtbanken (tribunaux administratifs), alsmede diverse gespecialiseerde administratieve rechtbanken. Deze beslissingen kunnen bij administratieve hoven van beroep (cours administratives d'appel) worden aangevochten. Ten slotte kunnen deze uitspraken door de Raad van State (Conseil d’Etat) worden getoetst.

In de tweede categorie zijn de gewone rechtbanken die in eerste aanleg beslissingen geven de regionale rechtbanken (tribunaux de grande instance), samen met een aantal andere rechtbanken waarvan de bevoegdheid bij wet is vastgesteld. Deze beslissingen kunnen worden aangevochten bij hoven van beroep (cours d’appel), die uit meerdere kamers bestaan (een civiele kamer (civile), sociale kamer (sociale), commerciële kamer (commerciale) en strafrechtelijke kamer (criminelle)). De uitspraken van de hoven van beroep kunnen aanleiding geven tot hoger beroep bij het Hof van Cassatie (Cour de cassation) (dat zelf bestaat uit meerdere kamers die zijn opgebouwd rond de voor de hoven van beroep opgesomde gebieden).

De uitsplitsing van de categorieën rechtbanken is als volgt:

Administratieve rechtbanken:

  • Raad van State (1)
  • administratieve hoven van beroep (8)
  • administratieve rechtbanken (42)

Gerechtelijke rechtbanken:

  • Hof van Cassatie (1)
  • hoven van beroep (36)
  • Hoogste hof van beroep (Tribunal supérieur d’appel) (1)
  • regionale rechtbanken (164) [waarvan er 16 bevoegd zijn voor handelszaken]
  • rechtbanken van eerste aanleg (tribunaux de première instance) (4) [waarvan er 2 bevoegd zijn voor handelszaken]
  • jeugdrechtbanken (tribunaux pour enfants) (155)
  • socialezekerheidsrechtbanken (tribunaux des affaires de sécurité sociale) (114)
  • districtsrechtbanken (tribunaux d’instance) (307)
  • arbeidsrechtbanken (conseils de prud’hommes) (210)
  • arbeidsrechtbanken (tribunaux du travail) (6)
  • handelsrechtbanken (tribunaux de commerce) (134)

De gespecialiseerde gerechtelijke rechtbanken:

  • de districtsrechtbanken behandelen de meest voorkomende geschillen. In de regel behandelen zij alle vorderingen met betrekking tot bedragen tot 10 000 EUR. Zij zijn ook bevoegd om uitspraak te doen over bepaalde specifieke geschillen (onbetaalde huur, loonbeslag, verkiezingen op werkplekniveau, krediet in consumentenrechtelijke zaken).
  • de handelsrechtbanken zijn bevoegd voor geschillen tussen handelaren, tussen kredietinstellingen of tussen deze twee soorten ondernemingen, geschillen met betrekking tot handelsondernemingen, geschillen over handelstransacties tussen personen en geschillen over de financiële problemen van handelsondernemingen (vereffening, curatele enz.).
  • de rechtbanken voor pachtzaken (tribunaux paritaires des baux ruraux) zijn bevoegd voor de behandeling van geschillen tussen pachters en verpachters van landbouwgrond (landpacht, deelpacht enz.),
  • de arbeidsrechtbanken behandelen alle geschillen tussen werknemers en werkgevers die onder individuele privaatrechtelijke arbeidsovereenkomsten vallen,
  • tot een bij decreet vastgestelde datum en uiterlijk op 1 januari 2019 zijn de socialezekerheidsrechtbanken (tribunaux des affaires de sécurité sociale) bevoegd voor geschillen waarop wet- en regelgeving inzake sociale zekerheid en onderlinge landbouwverzekeringen van toepassing zijn; vanaf een bij decreet vastgestelde datum en uiterlijk op 1 januari 2019 vallen deze geschillen onder de bevoegdheid van speciaal daartoe aangewezen regionale rechtbanken,
  • tot een bij decreet vastgestelde datum en uiterlijk op 1 januari 2019 behandelen rechtbanken voor geschillen met betrekking tot arbeidsongeschiktheid (tribunaux du contentieux de l'incapacité) geschillen met betrekking tot invaliditeit, de mate van invaliditeit en blijvende arbeidsongeschiktheid; vanaf een bij decreet vastgestelde datum en uiterlijk op 1 januari 2019 vallen deze geschillen onder de bevoegdheid van speciaal daartoe aangewezen regionale rechtbanken,
  • de rechtbanken voor militaire pensioenen behandelen geschillen over militaire pensioenen.

2 Als de gewone rechtbanken bevoegd zijn (dus als dit de rechtbanken zijn die bevoegd zijn voor dergelijke zaken), hoe kan ik dan te weten komen welke van die rechtbanken bevoegd is voor mijn zaak?

2.1 Is er een onderscheid tussen lagere en hogere gewone burgerlijke rechtbanken (bijvoorbeeld districtsrechtbanken als lagere rechtbanken en regionale rechtbanken als hogere rechtbanken), en zo ja, welke is dan bevoegd voor mijn zaak?

De bevoegdheidsverdeling tussen de regionale rechtbanken, de districtsrechtbanken en de lokale rechtbanken (juridictions de proximité) is hierboven beschreven. Er zij op gewezen dat als een bepaalde bevoegdheid niet specifiek aan andere rechtbanken is toegewezen, de regionale rechtbanken de bevoegde gewone rechtbanken zijn.

  • De districtsrechtbanken zijn bevoegd om uitspraak te doen in geschillen waarvan de waarde maximaal 10 000 EUR bedraagt en in geschillen zonder beperking van de waarde over bepaalde zaken zoals consumentenrecht, voogdijschap van volwassenen en huurovereenkomsten voor woningen.
  • De regionale rechtbanken zijn bevoegd voor alle andere civiele geschillen die niet onder de bevoegdheid van andere rechtbanken vallen, met name in familiezaken.

2.2 Territoriale bevoegdheid (is de rechtbank van stad A of van stad B bevoegd voor mijn zaak?)

2.2.1 De basisregel voor de territoriale bevoegdheid

In de regel is de rechtbank van de woonplaats van de verweerder bevoegd. Het doel van deze regel is om verweerders een zekere mate van bescherming te bieden, aangezien het voor hen gemakkelijker zal zijn om zich te verdedigen voor de rechtbank die het dichtst bij hun woonplaats ligt.

Als de verweerder een natuurlijke persoon is, is dus de rechtbank van de woonplaats of verblijfplaats van de verweerder bevoegd. Voor een rechtspersoon (vennootschap, vereniging) is dit de plaats van vestiging, wat doorgaans de plaats is waar de statutaire zetel van de rechtspersoon is gevestigd. In sommige gevallen is de belangrijkste bekende vestiging niet de statutaire zetel. In dergelijke gevallen kan men zich wenden tot de rechtbank van de plaats waar de hoofdvestiging gelegen is. In het geval van een grote onderneming met meerdere vestigingen/filialen kan men zich wenden tot de rechtbank van de plaats waar een van haar vestigingen/filialen gelegen is.

2.2.2 Uitzonderingen op de basisregel

2.2.2.1 Wanneer mag ik kiezen tussen de rechtbank van de woonplaats van de verweerder (aangewezen door de basisregel) en een andere rechtbank?
  • Contracten: eisers kunnen een vordering instellen daar waar de verweerder zijn woonplaats heeft of, naargelang van de aard van het contract, waar de goederen moeten worden geleverd of de diensten moeten worden verricht.
  • In geval van aansprakelijkheid voor een schadeveroorzakende handeling (onrechtmatige daad / delict) en in civiele procedures die zijn samengevoegd met een strafzaak, kan de vordering worden ingesteld bij de rechtbank van de plaats waar de verweerder woont of bij de rechtbank van de plaats waar de schade is geleden of de schadeveroorzakende handeling heeft plaatsgevonden.
  • In zaken met betrekking tot onroerende goederen: de eiser kan de zaak aanhangig maken bij de rechtbank van de plaats waar het goed gelegen is.
  • In zaken met betrekking tot alimentatie of bijdragen in de kosten van een huwelijk: de eiser heeft de keuze tussen de rechtbank van de plaats waar de verweerder woont of de rechtbank van de plaats waar de eiser (alimentatiegerechtigde/onderhoudsgerechtigde) woont.
  • Bij geschillen waarbij consumenten betrokken zijn: consumenten kunnen ervoor kiezen om zich te wenden tot de rechtbank waar zij woonden op het moment waarop de overeenkomst werd gesloten of de schadeveroorzakende handeling plaatsvond.
2.2.2.2 Wanneer moet ik kiezen voor een andere rechtbank dan die van de woonplaats van de verweerder (aangewezen door de basisregel)?
  • Bij geschillen over alimentatie of compenserende vergoedingen: de bevoegdheid ligt bij de rechtbank van de woonplaats van de eisende echtgenoot of van de ouder die de hoofdverzorger van de kinderen is, ook al zijn die volwassen.
  • Echtscheiding: de rechtbank van de plaats waar het gezin woont, is bevoegd. Als de echtgenoten niet samenwonen, is de rechtbank van de plaats waar de kinderen wonen bevoegd. Als de echtgenoten geen kinderen hebben, is de rechtbank van de plaats waar de verweerder woont bevoegd.
  • Erfopvolging: de bevoegdheid ligt bij de rechtbank van de plaats waar de overledene het laatst woonde.
  • In zaken met betrekking tot onroerende goederen: de bevoegdheid ligt bij de rechtbank van de plaats waar het onroerend goed gelegen is.
  • Huur van onroerend goed: de bevoegdheid ligt bij de rechtbank van de plaats waar het onroerend goed gelegen is.
2.2.2.3 Mogen de partijen zelf een rechtbank aanwijzen die normaal gezien niet bevoegd zou zijn?

Alle gespecialiseerde rechtbanken zijn exclusief bevoegd en de exceptie van onbevoegdheid moet ambtshalve worden opgeworpen door de rechtbank. De enige mogelijkheid om zich te wenden tot een rechtbank die normaliter niet bevoegd zou zijn, ligt in de keuze tussen de regionale rechtbanken en de districtsrechtbanken voor zaken waarvoor zij niet exclusief bevoegd zijn.

In de regel is elke clausule van een overeenkomst die in strijd is met de regels inzake territoriale bevoegdheid en toewijzing nietig, behalve in overeenkomsten tussen twee handelaren, mits de clausule zeer duidelijk is gespecificeerd.

3 Als een gespecialiseerde rechtbank bevoegd is, hoe kan ik dan te weten komen tot welke rechtbank ik mij moet wenden?

  • Handelsrechtbanken: in de regel ligt de bevoegdheid bij de rechtbank van de plaats waar de verweerder woont. In geval van aansprakelijkheid voor een schadeveroorzakende handeling ligt de bevoegdheid bij de rechtbank van de plaats waar de schadeveroorzakende handeling zich heeft voorgedaan of in het rechtsgebied waarvan de schade is geleden.
  • Rechtbanken voor pachtzaken: de bevoegdheid ligt bij de rechtbank van de plaats waar het onroerend goed gelegen is.
  • Arbeidsrechtbanken: werknemers kunnen zich wenden tot de arbeidsrechtbanken van de plaats van de vestiging waar zij werken, de plaats waar de overeenkomst is gesloten of de plaats van de statutaire zetel van de onderneming die hen in dienst heeft. Als het werk buiten een vestiging is verricht, moet de zaak worden voorgelegd aan de arbeidsrechtbank van de plaats waar de werknemer woont.
  • Rechtbanken voor sociale zaken (tot een bij decreet vastgestelde datum en uiterlijk tot 1 januari 2019): in de regel ligt de bevoegdheid bij de rechtbank van de woonplaats van de begunstigde of werkgever in kwestie of bij de rechtbank van de plaats waar de statutaire zetel van de verwerende organisatie gelegen is in geval van een geschil tussen organisaties waarvan de statutaire zetel niet in hetzelfde rechtsgebied ligt.

Links

Website van het ministerie van Justitie

Website van Legifrance

Laatste update: 23/07/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Use the form below to share your comments and feedback on our new website