Let op: de oorspronkelijke versie van deze pagina (Italiaans) is onlangs gewijzigd. Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
De volgende vertalingen zijn al beschikbaar
Swipe to change

Vermogen veiligstellen bij een vordering in EU-landen

Italië
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

1 De verschillende soorten maatregelen

Voorlopige maatregelen vallen in twee categorieën uiteen: bewarende of conservatoire maatregelen (misure conservative), die beslag van goederen omvatten, en voorlopige maatregelen (misure anticipatorie), die vaak toepassing vinden in het familierecht. Er zijn tevens noodmaatregelen (provvedimenti d’urgenza, artikel 700 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering), waarvan de inhoud per geval door het gerecht wordt vastgesteld overeenkomstig de te treffen voorzorgen.

De voorlopige en bewarende maatregelen hebben de volgende belangrijke kenmerken gemeen: ze vereenvoudigen en bespoedigen de procedures, zijn doorgaans voorlopig van aard en dienen de zaak ten gronde. Deze ondersteunende relatie is echter geen wezenlijk kenmerk. Sinds 2005 hoeven de voorlopige maatregelen in specifieke gevallen niet te worden gevolgd door een uitspraak ten gronde. In deze gevallen wordt de voorlopige maatregel in feite een zelfstandig en permanent instrument, hoewel een dergelijke maatregel misschien niet het soort maatregel is dat middels een uitspraak ten principale wordt vastgesteld.

2 De voorwaarden om maatregelen te kunnen treffen

Voorlopige maatregelen moeten aan twee voorwaarden voldoen:

A) periculum in mora, d.w.z. er moet gegronde vrees bestaan dat het recht dat de voorlopige maatregel beoogt te beschermen in afwachting van de uitspraak ten principale onherstelbaar wordt beschadigd;

B) fumus boni juris, d.w.z. de vordering moet aannemelijk worden gemaakt.

2.1 De procedure

Het verzoek om de toepassing van een voorlopige maatregel wordt ingediend bij de bevoegde rechtbank, die doorgaans ook de hoofdprocedure behandelt. De rechtbank onderzoekt de zaak kort, hoort beide partijen en vaardigt vervolgens de voorlopige maatregel uit. De voorlopige maatregel mag ook worden uitgevaardigd zonder de wederpartij te horen, indien dagvaarding van de wederpartij toepassing van de maatregel kan belemmeren.

2.2 De basisvereisten

Voorlopige maatregelen moeten aan de twee eerder genoemde voorwaarden voldoen: periculum in mora en fumus boni juris.

3 Het doel en de aard van dergelijke maatregelen

Voorlopige maatregelen zijn uit de aard der zaak tijdelijk, in afwachting van de uitspraak in het hoofdgeding. Hoewel dit voor bewarende maatregelen altijd geldt, die vereisen dat het hoofdgeding aanhangig is, geldt dit slechts ten dele voor voorlopige maatregelen. Deze blijven van kracht ongeacht of er een procedure aanhangig is, hoewel ze niet dezelfde rechtskracht hebben als een einduitspraak in de zaak in kwestie.

De inhoud van voorlopige maatregelen is afhankelijk van het soort gevaar dat ze beogen af te wenden. Er kan bijvoorbeeld beslag gelegd worden op het vermogen van de schuldenaar. Een bevel om een ten onrechte ontslagen werknemer weer aan te stellen houdt daarentegen de verplichting in om een bepaalde handeling te verrichten.

3.1 Welke goederen kunnen het voorwerp uitmaken van dergelijke maatregelen?

Afhankelijk van het doel kunnen de maatregelen van toepassing zijn op roerende of onroerende zaken, maar ook op intellectuele eigendom en door auteursrecht beschermde werken.

3.2 Wat zijn de gevolgen van dergelijke maatregelen?

Bewarende maatregelen hebben tot doel om de bewaring van rechten te verzekeren waarvan de erkenning langs andere weg gevraagd wordt voor de rechter in het hoofdgeding, met behoud van de status quo, zowel feitelijk als rechtens. Voorlopige maatregelen daarentegen hebben vergelijkbare gevolgen als de einduitspraak die in het hoofdgeding wordt verwacht.

3.3 Is de geldigheid van de maatregelen beperkt in de tijd?

Voorlopige maatregelen blijven van kracht totdat er uitspraak is gedaan in het hoofdgeding en de voorlopige maatregelen worden bekrachtigd of ingetrokken. Bewarende maatregelen, waarvoor het hoofdgeding aanhangig moet zijn (bijv. goedkeuring voor beslag krachtens artikel 670 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering of bewarend beslag krachtens artikel 671 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering), verliezen hun kracht indien er geen gerechtelijke procedure wordt gestart of deze niet binnen de door de wet of de rechter gestelde termijn worden voortgezet, of indien een door de rechter gelaste zekerheid niet is gesteld. Voorlopige maatregelen, met inbegrip van bijzondere maatregelen (waarvan de inhoud wordt bepaald door de rechter en niet door de wet, krachtens artikel 700 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering), blijven ook van kracht wanneer het hoofdgeding niet wordt ingeleid of wel wordt ingeleid maar vervolgens wordt gestaakt, zelfs indien ze niet in de einduitspraak kunnen worden opgenomen.

4 Rechtsmiddelen tegen de maatregelen

Tegen uitspraken die voorlopige maatregelen bekrachtigen of intrekken kan beroep worden aangetekend (artikel 669 terdecies) op de grond dat deze onjuist zijn of door aan het hof van beroep aanvullende omstandigheden en feiten voor te leggen die niet in het oorspronkelijke verzoekschrift waren opgenomen.

Laatste update: 09/01/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website