Let op: de oorspronkelijke versie van deze pagina (Spaans) is onlangs gewijzigd. Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
Swipe to change

Nationale wetgeving

Spanje

Op deze pagina wordt informatie over het Spaanse rechtsstelsel aangeboden en wordt een overzicht gegeven van de Spaanse rechtsorde.

Inhoud aangereikt door
Spanje
Er bestaat geen officiële vertaling in de door u gewenste taal.
U kunt van deze tekst wel een automatische vertaling raadplegen. Let op: zo'n automatische vertaling dient alleen ter informatie. De beheerder van deze website kan niet instaan voor de kwaliteit van die vertaling.

Bronnen van de Spaanse rechtsorde

De bronnen van de Spaanse rechtsorde zijn vastgelegd in artikel 1 van het burgerlijk wetboek (“Código Civil”):

  1. De bronnen van de Spaanse rechtsorde zijn de wet, de gewoonte en de algemene rechtsbeginselen.
  2. Bepalingen die in strijd zijn met een andere bepaling van hogere orde zijn niet geldig.
  3. Een krachtens gewoonte geldende regel is alleen van toepassing als toepasselijk recht in geschreven vorm ontbreekt en op voorwaarde dat hij niet in strijd is met de goede zeden of de openbare orde en in de praktijk is bewezen.
  4. Juridische gebruiken die niet zuiver interpretatief ten aanzien van een wilsverklaring zijn, worden als gewoonte beschouwd.
  5. Algemene rechtsbeginselen zijn van toepassing als wetten of gewoonten ontbreken, onverminderd hun richtinggevende rol binnen de rechtsorde.
  6. De rechtsregels die zijn vervat in internationale verdragen zijn niet rechtstreeks van toepassing in Spanje zolang ze niet zijn opgenomen in de interne rechtsorde van Spanje door middel van volledige bekendmaking in het Spaanse staatsblad (“Boletín Oficial del Estado”).
  7. De laatste rechtsbron is de jurisprudentie van het hooggerechtshof (Tribunal Supremo), dat wetten, gewoonten en algemene rechtsbeginselen uitlegt en toepast.
  1. Rechters en rechtbanken hebben de onverschoonbare plicht om in elk geval uitspraak te doen in de zaken die zij behandelen, waarbij ze zich aan het gevestigde stelsel van rechtsbronnen dienen te houden.

Soorten rechtsregels

Grondwet: hoogste rechtsregels van de staat, waaraan alle publieke machten en burgers onderworpen zijn. Alle bepalingen of handelingen die in strijd met de grondwet zijn, zijn niet rechtsgeldig. De grondwet is onderverdeeld in twee inhoudelijk duidelijk onderscheiden delen: a) het dogmatische gedeelte, en b) het organieke gedeelte.

Internationale verdragen: schriftelijke overeenkomsten tussen bepaalde volkenrechtelijke subjecten die door het volkenrecht worden beheerst en die kunnen bestaan uit een of meerdere met elkaar samenhangende rechtsinstrumenten, ongeacht de benaming daarvan.

Autonomiestatuten: institutionele basiswetgeving van een autonome gemeenschap, erkend door de Spaanse grondwet van 1978 en goedgekeurd bij Organieke Wet. Hierin zijn ten minste de naam van de autonome gemeenschap, de territoriale begrenzing, de naam, organisatie en zetel van de instellingen van de autonome gemeenschap en alle bevoegdheden opgenomen.

  • Wetten: er bestaan verschillende soorten wetten.
  • Organieke wetten: Wetten die betrekking hebben op de ontwikkeling van de grondrechten en de publieke vrijheden, wetten waarmee de autonomiestatuten worden goedgekeurd en wetten die betrekking hebben op het algemene kiessysteem en de overige in de grondwet genoemde wetten.
  • Gewone wetten: wetten die onderwerpen reguleren waarop organieke wetten betrekking hebben.
  • Wetgevende decreten: hiermee delegeren het Parlement en de regering de bevoegdheid om regels met de rang van wet op bepaalde gebieden uit te vaardigen.
  • Wetsbesluiten: Voorlopige wetgevende bepalingen van de regering in buitengewone en dringende gevallen die geen invloed kunnen hebben op de ordening van de fundamentele instituties van de staat, de in Titel I van de grondwet omschreven rechten, plichten en vrijheden van de burgers, het systeem van autonome gemeenschappen of het algemene kiesrecht. Over wetsbesluiten moeten onmiddellijk, dat wil zeggen binnen dertig dagen na de afkondiging ervan, een debat en een stemming in het Spaanse congres van afgevaardigden (“Congreso de los Diputados”) worden gehouden.
  • Verordeningen: algemene rechtsregels van de uitvoerende macht. Hiërarchisch bevinden verordeningen zich direct onder de wetten, en in het algemeen dienen zij ter uitvoering van wetten.
  • Gewoonten: deze worden gedefinieerd als “het geheel van regels die zijn afgeleid van de min of meer constante herhaling van uniforme handelingen”. Om een collectieve en spontane wil te vertegenwoordigen moet een gewoonte algemeen, constant, uniform en duurzaam zijn.
  • Algemene rechtsbeginselen: algemene regels die zijn geformuleerd, en die, zonder dat ze door middel van formele procedures in het recht zijn opgenomen, als onderdeel daarvan worden beschouwd omdat ze als basis dienen voor andere specifieke regels of op abstracte wijze de inhoud van een groep daarvan belichamen. Ze vullen lacunes in het recht op of geven uitleg aan wettelijke regels.
  • Jurisprudentie: Jurisprudentie wordt gevormd door ten minste twee arresten die een bepaalde wet op dezelfde wijze interpreteren, afkomstig van het hooggerechtshof of, wanneer het om bepaalde gebieden gaat waar de autonome gemeenschappen bevoegd zijn, van de arrondissementsrechtbanken van de desbetreffende autonome gemeenschap. Wanneer een rechter of rechtbank afwijkt van de door het hooggerechtshof gevestigde doctrine wordt het arrest niet automatisch nietig verklaard, maar kan het als aanleiding dienen om in cassatie te gaan. Het hooggerechtshof kan echter op elk moment afwijken van zijn geconsolideerde rechtspraak.

Hiërarchie tussen soorten wetgeving

Volgens artikel 1, lid 2 van het Spaans burgerlijk wetboek zijn bepalingen niet rechtsgeldig als zij strijdig zijn met bepalingen van een hogere rang. Dit betekent dat er noodzakelijkerwijs een hiërarchie tussen de verschillende soorten wetgeving moet worden vastgesteld, en met dit doel worden in de Spaanse grondwet de onderlinge samenhang tussen de verschillende wetten en hun hiërarchische en bevoegdheidsrelaties gereguleerd.

Volgens de grondwet is in het Spaanse recht de volgende rangorde van toepassing:

  1. De grondwet
  2. Internationale verdragen.
  3. De wet in strikte zin: organieke wetten, gewone wetten en regels met de rang van wet (waaronder het koninklijk besluit en het koninklijk wetgevend besluit).
  4. Door de uitvoerende macht uitgevaardigde regels, met hun eigen hiërarchische indeling, afhankelijk van de instantie die ze uitvaardigt (koninklijke besluiten, decreten, ministeriële beschikkingen, enzovoort).

Daarnaast is er een bevoegdheidsbeginsel vastgelegd met betrekking tot de wetten en regels uitgevaardigd door de eigen parlementen van de autonome gemeenschappen.

Institutioneel kader

Instellingen die verantwoordelijk zijn voor het aannemen van rechtsregels

Het institutioneel kader van Spanje is gebaseerd op het beginsel van de scheiding der machten, waarbij de wetgevende macht ligt bij parlement en wetgevende vergaderingen (“Asambleas Legislativas”) van de autonome gemeenschappen.

De uitvoerende macht ligt bij de regering, met inbegrip van de regelgevende bevoegdheid, en de regering oefent soms ook de wetgevende macht uit, wanneer het Parlement deze macht aan de regering heeft gedelegeerd.

Aan lokale entiteiten is geen wetgevende macht toegekend, maar wel een regelgevende bevoegdheid.

Het initiatiefrecht ligt bij de regering, het congres en de Senaat, de wetgevende vergaderingen van de autonome gemeenschappen en het volk (door middel van het volksinitiatief).

Het besluitvormingsproces

Internationale verdragen: er zijn drie goedkeuringsmechanismen waarbij het van het soort onderwerpen dat in het verdrag wordt gereguleerd, afhangt welk mechanisme van toepassing is.

  • In de eerste plaats vindt goedkeuring van de sluiting van een verdrag waarin een internationale organisatie of instelling wordt belast met de uitoefening van bevoegdheden die zijn afgeleid van de grondwet, plaats door middel van een organieke wet.
  • In de tweede plaats kan de regering in de volgende gevallen de toestemming van de staat verlenen om middels verdragen of conventies verplichtingen aan te gaan, met voorafgaande instemming van het Parlement: Verdragen van politieke aard, verdragen of conventies van militaire aard, verdragen of conventies die van invloed zijn op de territoriale integriteit van de staat of de in Titel I vastgelegde fundamentele rechten en plichten, verdragen of conventies die financiële verplichtingen voor de schatkist met zich meebrengen, verdragen of conventies die een wijziging of derogatie van een wet impliceren of wetgevende maatregelen voor de uitvoering ervan vereisen.
  • Bij de overige onderwerpen, tot slot, hoeven congres en Senaat alleen onmiddellijk van de sluiting in kennis te worden gesteld.

Internationale verdragen die op geldige wijze zijn gesloten gaan, nadat ze in Spanje officieel bekend zijn gemaakt, deel uitmaken van de binnenlandse rechtsorde van Spanje. De bepalingen van internationale verdragen kunnen alleen worden ingetrokken, gewijzigd of opgeschort op een wijze waarin het verdrag voorziet of in overeenstemming met de algemene regels van het internationaal recht. Voor de beëindiging van internationale verdragen wordt dezelfde procedure gebruikt als voor de goedkeuring ervan.

Wetten:

Wetsontwerpen worden aangenomen door de ministerraad, die ze vervolgens voorlegt aan het congres van afgevaardigden, onder bijvoeging van een toelichting en een uiteenzetting van de achtergrond, die nodig zijn om een besluit over de wetsvoorstellen te kunnen nemen.

Wanneer een gewoon of organiek wetsontwerp door het congres van afgevaardigden is aangenomen, doet de voorzitter van het congres hiervan mededeling aan de voorzitter van de Senaat, die het wetsontwerp ter beoordeling aan de Senaat voorlegt. De Senaat kan binnen twee maanden na de datum van ontvangst van de tekst zijn veto over het wetsontwerp uitspreken of amendementen op het wetsontwerp indienen. Een veto kan alleen worden uitgesproken met een absolute meerderheid van de stemmen.

Het wetsontwerp kan niet voor bekrachtiging aan de koning worden voorgelegd zonder dat het congres de oorspronkelijke tekst met een absolute meerderheid heeft geratificeerd in het geval van een veto, of met een eenvoudige meerderheid wanneer er twee maanden zijn verstreken na de indiening van het wetsontwerp, of zich heeft uitgesproken over de amendementen, die met een eenvoudige meerderheid kunnen worden aangenomen of verworpen. De termijn van twee maanden waarover de Senaat beschikt om het wetsontwerp te verwerpen of te amenderen, wordt teruggebracht tot twintig kalenderdagen bij wetsontwerpen die door de regering of door het congres van afgevaardigden tot urgent zijn verklaard.

De koning bekrachtigt binnen vijftien dagen de door het Parlement aangenomen wetten, vaardigt deze uit en verordent de onmiddellijke bekendmaking ervan.

  • Organieke wetten: Voor de aanneming, wijziging of intrekking van organieke wetten is een absolute meerderheid van het congres vereist in een eindstemming over het gehele wetsontwerp.

Verordeningen: Het opstellen van verordeningen geschiedt aan de hand van de volgende procedure:

  • In eerste instantie wordt het bijbehorende wetsvoorstel ingediend door de bevoegde beleidsinstantie, samen met een verslag over de noodzaak en opportuniteit ervan, evenals een financiële verklaring met een raming van de kosten die de verordening met zich mee zal brengen.
  • Tijdens het voorbereidende proces moeten er, naast de voorgeschreven verslagen, adviezen en voorafgaande goedkeuringen, zoveel studies en raadplegingen worden uitgevoerd als nodig wordt geacht om de trefzekerheid en de wettigheid van de tekst te waarborgen. Verordeningen moeten in elk geval gepaard gaan met een verslag over de gendereffecten van de maatregelen die de verordening bevat.
  • Wanneer de bepaling van invloed is op de rechten en legitieme belangen van de burgers, kunnen deze gehoord worden gedurende een redelijke periode die niet korter is dan vijftien werkdagen. Wanneer dit gelet op de aard van de bepaling raadzaam is, moet het publiek de gehele genoemde periode inspraakmogelijkheden worden geboden.
  • De ontwerp-verordening moet in elk geval worden voorgelegd aan het technisch secretariaat-generaal (“Secretaría General Técnica”), onverminderd het oordeel van de Spaanse raad van state (“Consejo de Estado ”) in de gevallen waarin de wet voorziet.
  • Wanneer de verordening de verdeling van bevoegdheden tussen staat en autonome gemeenschappen kan beïnvloeden, moet het ministerie van Regionaal beleid (“Ministerio de Política Territorial”) eerst een verslag over de maatregel uitbrengen.
  • Voor de inwerkingtreding van de verordeningen die door de regering zijn aangenomen is volledige bekendmaking in het Spaanse staatsblad nodig.

Gegevensbanken over wetgeving

Het Spaanse staatsblad beschikt over een databank met alle wetgeving die sinds 1960 is gepubliceerd: Iberlex.

Is de toegang tot de gegevensbanken kosteloos?

De toegang tot deze gegevensbank is gratis.

Korte beschrijving van de inhoud

Op de website van het Spaanse staatsblad kunnen alle sinds 1960 verschenen staatsbladen worden geraadpleegd.

De website heeft een zoekmachine waarmee wetgeving en bekendmakingen kunnen worden opgezocht, en beschikt over gegevensbanken van de constitutionele jurisprudentie sinds 1980, van de landsadvocatuur (rapporten en adviezen vanaf 1997) en van de Spaanse raad van state. Tot slot biedt de website een waarschuwingsdienst voor nieuwe wetgeving aan, een dienst voor gepubliceerde kennisgevingen en een dienst voor raadpleging van informatie en documentatie.

Links

IBERLEX/ databank met Spaanse wetgeving

Laatste update: 12/03/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.