Let op: de oorspronkelijke versie van deze pagina (Kroatisch) is onlangs gewijzigd. Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
Swipe to change

Nationale wetgeving

Kroatië

Inhoud aangereikt door
Kroatië

Grondwet van de Republiek Kroatië

Grondwet van de Republiek Kroatië

De grondwet van de Republiek Kroatië van 22 december 1990 (hierna "grondwet van 1990" genoemd) regelt de samenstelling van het constitutioneel hof van de Republiek Kroatië (hierna "constitutioneel hof" genoemd) en de aard en reikwijdte van zijn bevoegdheden.

Overeenkomstig de grondwet van 1990:

  • bestaat het constitutioneel hof uit elf rechters, die door de Kamer van Volksvertegenwoordigers zijn gekozen op voordracht van de Kamer der Districten van het parlement, voor een termijn van acht jaar, uit vooraanstaande juristen, in het bijzonder rechters, openbare aanklagers, advocaten en hoogleraren recht;
  • kiezen de rechters van het constitutioneel hof uit hun midden een president voor een termijn van vier jaar. De rechters van het hof kunnen naast het rechterschap bij het hof geen andere publieke of beroepstaak vervullen;
  • genieten de rechters van het constitutioneel hof net als de leden van het parlement immuniteit;
  • kan een rechter van het constitutioneel hof voortijdig uit zijn functie worden ontheven als hij daar zelf om verzoekt, als hij wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf of als de overige leden van het hof hem blijvend ongeschikt achten voor het vervullen van zijn functie.

Conform de grondwet van 1990 heeft het constitutioneel hof de volgende kerntaken/-bevoegdheden:

  • toetsen van wetten op grondwettigheid en de wetten waarvan het hof oordeelt dat ze ongrondwettig zijn, vernietigen;
  • toetsen van andere regelgeving op (grond)wettigheid en de regelgeving waarvan het hof oordeelt dat ze ongrondwettig of onwettig is, vernietigen;
  • beschermen van grondwettelijke mensenrechten en burgerlijke vrijheden in het kader van een bij hem ingesteld grondwettelijk beroep;
  • beslechten van bevoegdheidsconflicten tussen wetgevende, uitvoerende en rechterlijke instanties;
  • toezien op de grondwettigheid van de programma's en activiteiten van politieke partijen en verbieden van partijen waarvan het programma of de activiteiten een bedreiging vormen voor het democratisch constitutioneel bestel, de onafhankelijkheid, de eenheid of de territoriale integriteit van de Republiek Kroatië;
  • toezien op de (grond)wettigheid van verkiezingen en nationale referenda en kennis nemen van verkiezingsgeschillen die buiten de bevoegdheid van de gewone rechter vallen;
  • blijvend ongeschikt verklaren van de president van de Republiek Kroatië voor het vervullen van de presidentiële functie, op een daartoe strekkend voorstel van de regering, in welk geval de presidentiële taken tijdelijk worden waargenomen door de voorzitter van het parlement;
  • uitspraak doen, bij tweederdemeerderheid, in een door de Kamer van Volksvertegenwoordigers bij tweederdemeerderheid ingestelde procedure tot afzetting van de president van de Republiek Kroatië. Indien het hof het afzettingsverzoek toewijst, wordt de president op grond van het bepaalde in de grondwet automatisch uit zijn ambt gezet.

In de grondwet van 1990 wordt ook bepaald dat een constitutionele wet moet worden aangenomen waarin de voorwaarden voor de verkiezing van de rechters van het constitutioneel hof en de beëindiging van hun ambtstermijn moeten worden opgenomen, alsook de voorwaarden en termijnen voor het instellen van procedures voor de toetsing van (grond)wettigheid, de procedure voor het nemen van beslissingen en de rechtsgevolgen van die beslissingen, de bescherming van de grondwettelijke mensenrechten en burgerlijke vrijheden, en andere kwesties die voor de werking van het hof van belang zijn; in de grondwet wordt tevens bepaald dat deze constitutionele wet moet worden vastgesteld volgens de procedure voor het wijzigen van de grondwet.

Sinds 1990 is in de constitutionele rechtsorde van de Republiek Kroatië geen andere wet aangenomen dan de wet betreffende het constitutioneel hof van de Republiek Kroatië. Volgens de grondwet moet die wet worden aangenomen volgens de procedure die voor de grondwet zelf is vastgesteld. Hieruit blijkt duidelijk het belang en de rol van de grondwettelijke rechtspraak in de rechtsorde van de Republiek Kroatië.

Overeenkomstig de grondwet van 1990 nam het parlement in maart 1991 de eerste constitutionele wet betreffende het constitutioneel hof van de Republiek Kroatië aan (hierna "constitutionele wet van 1991" genoemd), waarin de in de grondwet van 1990 omschreven bevoegdheden van het constitutioneel hof nader zijn gepreciseerd.

De eerste wijziging van de grondwet van 1990 dateert van eind 1997, toen de constitutionele wet tot wijziging en aanvulling van de grondwet werd aangenomen. Die grondwetswijziging hield geen wijziging of aanvulling in van de bepalingen van de grondwet van 1990 waarin de bevoegdheden van het hof worden geregeld. In september 1999 nam het parlement een nieuwe constitutionele wet betreffende het constitutioneel hof van de Republiek Kroatië aan (hierna "constitutionele wet van 1999" genoemd).

De tweede wijziging van de grondwet van 1990 dateert van eind 2000, toen de wet tot wijziging van de grondwet werd aangenomen. Bij deze grondwetswijziging werden de bevoegdheden van het constitutioneel hof aanzienlijk uitgebreid en werd het aantal rechters verhoogd van elf tot dertien. Naast de bevoegdheden die al in de grondwet van 1990 waren vastgelegd, kreeg het hof de volgende nieuwe bevoegdheden en taken:

  • toetsing van de grondwettigheid van wetten en de (grond)wettigheid van andere rechtsvoorschriften die niet meer van kracht zijn, mits niet meer dan een jaar is verstreken tussen de datum van opheffing van die rechtsregels en de datum waarop het verzoek of voorstel tot instelling van een procedure werd ingediend;
  • toezicht houden op het beginsel van (grond)wettigheid, en verslag uitbrengen aan de Kamer van Volksvertegenwoordigers over geconstateerde on(grond)wettigheden;
  • in kennis stellen van de regering van gevallen waarin het hof heeft vastgesteld dat een bevoegd orgaan heeft verzuimd regelgeving tot uitvoering van grondwettelijke bepalingen, wetten en andere regelgeving uit te vaardigen, hoewel dat orgaan daartoe verplicht was, en, ingeval de regering een dergelijk verzuim heeft gepleegd, de Kamer van Volksvertegenwoordigers daarvan op de hoogte brengen;
  • aannemen, op voorstel van de regering, van een beslissing die inhoudt dat de voorzitter van het parlement tijdelijk de functie van president van de Republiek Kroatië uitoefent ingeval de president zijn taken voor geruime tijd wegens ziekte of ongeschiktheid niet kan uitvoeren, in het bijzonder wanneer de president geen tijdelijke plaatsvervanger heeft kunnen aanstellen;
  • voorafgaande toestemming geven voor de detentie van of het instellen van een strafprocedure tegen de president van de Republiek Kroatië;
  • uitspraak doen over het beroep tegen een beslissing van de nationale raad voor de rechtspraak waarbij een rechter uit het rechterlijk ambt wordt gezet of een disciplinaire straf krijgt opgelegd, welk beroep binnen dertig dagen na de instelling ervan moet worden behandeld (in een dergelijk geval kan geen constitutionele klacht worden ingediend).

De derde wijziging van de grondwet van 1990 dateert van begin 2001. Deze grondwetswijziging hield geen wijziging of aanvulling in van de grondwettelijke bepalingen van 2000, waarbij de bevoegdheden van het constitutioneel hof aanzienlijk zijn uitgebreid in vergelijking met de bevoegdheden vastgesteld in de grondwet van 1990. Het enige wat is gebeurd, is dat de terminologie die wordt gebruikt in het deel van de grondwet dat op het constitutioneel hof betrekking heeft, in overeenstemming is gebracht met de terminologie die wordt gebruikt in het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Bovendien zijn alle verwijzingen naar de Kamer der Districten geschrapt (wegens afschaffing van deze Kamer) en zijn alle verwijzingen naar de Kamer van Volksvertegenwoordigers vervangen door verwijzingen naar het Kroatische parlement, omdat bij deze grondwetswijziging het eenkamerstelsel werd ingevoerd.

In maart 2002 werd de constitutionele wet tot wijziging en aanvulling van de constitutionele wet betreffende het constitutioneel hof van de Republiek Kroatië aangenomen, waarbij de tekst van de constitutionele wet van 1999 in overeenstemming werd gebracht met de grondwetswijziging van 2000, waarbij de bevoegdheden van het hof werden uitgebreid. Deze wet is nog steeds van kracht.

De constitutionele rechtsorde werd in Kroatië ingevoerd in 1963 en het constitutioneel hof begon in 1964 met zijn werkzaamheden.

De constitutionele rechtsorde in Kroatië kan worden ingedeeld in twee perioden:

van 1963–1990: de periode waarin Kroatië als Socialistische Republiek Kroatië een van de zes deelrepublieken van de voormalige Socialistische Federale Republiek Joegoslavië (hierna "SFRJ" genoemd) was, en

van 1990 tot heden: de periode van de autonome en onafhankelijke Republiek Kroatië.

Belangrijkste strafwetgeving

Strafrecht:

Wetboek van strafrecht

Wet op de strafvordering

Wet op de overtredingen

Wet op de jeugdrechtbanken

Wet tot bescherming van personen met een geestelijke stoornis

Wet betreffende het niet-verjaren van misdrijven inzake oorlogswoeker en misdrijven gepleegd in het kader van de economische overgang en de privatiseringen

Wet betreffende de schadevergoeding voor slachtoffers van een misdrijf

Wet betreffende de strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen

Amnestiewet

Wet inzake de procedure voor de confiscatie van opbrengsten van misdrijven en overtredingen

Wet inzake de rechtsgevolgen van een veroordeling, het strafblad en de rehabilitatie

Wet op de proeftijd

Belangrijkste civiele, handels- en administratieve wetgeving

Civiel recht:

Tenuitvoerleggingswet

Arbitragewet

Wet op de kosteloze rechtsbijstand

Validatiewet

Wet inzake minnelijke schikkingen

Successiewet

Wet op de burgerlijke verplichtingen

Wet op de burgerlijke rechtsvordering

Wet inzake eigendoms- en andere zakelijke rechten

Wet inzake de huurkoop van bedrijfspanden

Kadasterwet

Wet inzake de aansprakelijkheid van de Republiek Kroatië voor in de voormalige Socialistische Federale Republiek Joegoslavië (SFRJ) veroorzaakte schade waarvoor de voormalige SFRJ verantwoordelijk was

Wet inzake de aansprakelijkheid van de Republiek Kroatië voor de schade die tijdens de Kroatische onafhankelijkheidsoorlog werd veroorzaakt door leden van de Kroatische strijdkrachten en ordetroepen

Wet inzake de aansprakelijkheid voor schade als gevolg van terroristische daden en openbare demonstraties

Wet inzake het verbod op de overdracht van beschikkings- of gebruiksrechten op bepaalde openbare onroerende zaken aan andere gebruikers of van het eigendomsrecht op bedoelde zaken aan natuurlijke of rechtspersonen

Wet houdende het verbod voor bepaalde rechtspersonen om beschikkingsrechten te verwerven op of bezit te nemen van goederen in de Republiek Kroatië

Wet inzake het oplossen van wetsconflicten met de regelgeving van andere landen in bepaalde betrekkingen

Handelsrecht:

Faillissementswet

Vennootschapswet

Wet betreffende de gerechtelijke registers

Wet tot invoering van de Europese vennootschap (SE) en het Europees Economisch Samenwerkingsverband (EESV)

Administratief recht:

Onteigeningswet

Wet inzake onteigening en schadevergoeding

Wet inzake administratieve geschillen

Wet inzake schadevergoeding voor onder het Joegoslavische communistische regime in beslag genomen goederen

Regels en internationale verdragen betreffende de toepassing van de wet inzake schadevergoeding voor onder het Joegoslavische communistische regime in beslag genomen goederen

Laatste update: 22/08/2016

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website