Let op: de oorspronkelijke versie van deze pagina (Bulgaars) is onlangs gewijzigd. Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
Swipe to change

Nationale wetgeving

Bulgarije

Deze webpagina bevat informatie over het Bulgaarse rechtswezen en een overzicht van het Bulgaarse recht.

Inhoud aangereikt door
Bulgarije

Rechtsbronnen

Nationale rechtsbronnen

Soorten:

  • de grondwet (staatsblad nr. 56 van 13.7.1991, wijzigingen in staatsblad nr. 85 van 26.9.2003, nr. 18 van 25.2.2005, nr. 27 van 31.3.2006, nr. 78 van 26.9.2006 - arrest 7/2006 van het grondwettelijk hof, staatsblad nr.12 van 6.2.2007);
  • wettelijke regelgeving;
  • bestuursrechtelijke regelgeving.

De jurisprudentie is geen formele rechtsbron, maar heeft materiële rechtskracht.

Europese en internationale rechtsbronnen

Een van de voornaamste rechtsbronnen is het recht van de Europese Unie.

De verdragen die Bulgarije met andere staten heeft gesloten maken deel uit van de binnenlandse rechtsorde.

Een volgens de grondwettelijke bepalingen geratificeerd verdrag, dat is bekendgemaakt en in werking is getreden, wordt onderdeel van de nationale wetgeving. Het heeft voorrang boven elke ermee strijdige binnenlandse wetsbepaling.

Wettelijke regelgeving treedt, tenzij daarin anders is bepaald, binnen drie dagen na de bekendmaking in werking.

Soorten regelgeving - beschrijving

De geschreven regelgeving omvat de grondwet, de verdragen, de wettelijke en bestuursrechtelijke  regelgeving (decreten, verordeningen, beschikkingen, voorschriften, instructies en dienstvoorschriften).

De grondwet is de hoogste rechtsnorm.  Hij regelt de organisatie, de beginselen, de bevoegdheden en taken van de staatsinstellingen, en de rechten en plichten van de burger.

De wet is een normatieve handeling waarbij maatschappelijke betrekkingen die voor duurzame formalisering in aanmerking komen, op basis van de grondwet worden geregeld of geconcretiseerd, binnen een bepaald gebied of deelgebied van het recht. Nadere bijzonderheden zijn vervat in artikel 3 van de wet normatieve handelingen.

Wettelijke regelgeving treedt, tenzij daarin anders is bepaald, binnen drie dagen na de bekendmaking in werking.

Bij decreet van de ministerraad worden verordeningen, beschikkingen en instructies goedgekeurd, en maatschappelijke regelingen buiten de sfeer van bestuur en ordening vastgesteld. Nadere bijzonderheden zijn vervat in artikel 6 van de wet normatieve handelingen.

Een verordening is een normatieve handeling waarbij een wet in zijn geheel wordt uitgevoerd. Zij voorziet in de inrichting van de staat en de lokale overheden of regelt hun interne werking.

Een beschikking is een normatieve handeling waarbij uitvoering wordt gegeven aan bepaalde artikelen of andere onderdelen van een hogere normatieve handeling.

Een instructie is een normatieve handeling waarbij een hogere instantie lagere instanties voorschrijft hoe een normatieve handeling moet worden toegepast, of waarbij die handeling ten uitvoer wordt gebracht.

Andere, niet-schriftelijke bronnen, zoals gewoonten en algemene rechtsbeginselen, zijn eveneens belangrijk.

De interpretatieve uitspraken van de hoogste rechtscolleges kunnen worden beschouwd als subsidiaire rechtsbron.

De beslissingen van het grondwettelijk hof worden binnen 15 dagen in het staatsblad bekendgemaakt, en worden drie dagen na de bekendmaking van kracht. Een ongrondwettig verklaarde handeling is vanaf de vankrachtwording van de beslissing niet langer van toepassing. De niet ongrondwettig verklaarde onderdelen van een wet blijven van kracht.

Normenhiërarchie

De grondwet is de hoogste rechtsnorm.  Het EU-recht krijgt in de grondwet niet expliciet het primaat toebedeeld, maar heeft wel een hogere status dan het nationale recht.

Artikel 5, lid 4, van de grondwet bepaalt dat verdragen die volgens de grondwettelijke procedure zijn geratificeerd, en die bekendgemaakt en in werking getreden zijn, deel uitmaken van de nationale wetgeving. Zij hebben voorrang boven elke ermee strijdige binnenlandse wetsbepaling.

Op het volgende niveau staat de wettelijke regelgeving.

De uitvoerende macht stelt bestuursrechtelijke regelgeving vast, zoals decreten, beschikkingen, resoluties, voorschriften, verordeningen, instructies en dienstvoorschriften.

Institutioneel kader

Instellingen die de rechtsvoorschriften vaststellen

De wetgevende macht berust bij de nationale vergadering. Zij kan wetten aannemen, wijzigen, aanvullen en intrekken.

Ter uitvoering van de wet worden door de ministerraad decreten, beschikkingen en resoluties aangenomen. De ministers stellen voorschriften, verordeningen, instructies en dienstvoorschriften vast.

Wat de internationale regelgeving betreft, sluit de ministerraad, daartoe bij de wet gemachtigd, de verdragen. Aan ratificatie door de nationale vergadering zijn onderworpen, de verdragen

  • die een politiek of militair karakter dragen;
  • die betrekking hebben op de medewerking aan een internationale organisatie;
  • waarbij de staatsgrenzen worden gewijzigd;
  • waarbij de schatkist verplichtingen worden opgelegd;
  • op grond waarvan de staat kan deelnemen aan een internationale arbitrage of gerechtelijke procedure;
  • die betrekking hebben op de fundamentele rechten van de mens;
  • die van invloed zijn op de werking van de wet of die niet zonder nieuwe wetgeving kunnen worden uitgevoerd;
  • ten aanzien waarvan ratificatie uitdrukkelijk is voorgeschreven;
  • waarbij grondwettelijke bevoegdheden aan de Europese Unie worden overgedragen.

Besluitvormingsproces

Vaststelling van de grondwet

Een nieuwe grondwet wordt vastgesteld door de grote nationale vergadering, die 400 leden telt.

Nadere bijzonderheden zijn vervat in artikel 158, lid 1, van de grondwet.

De nationale vergadering kan elke bepaling van de grondwet wijzigen, met uitzondering van die welke onder het prerogatief van de grote nationale vergadering vallen. Grondwetswijzigingen worden aangenomen met een drievierdemeerderheid van de stemmen van alle leden van de nationale vergadering, in drie stemrondes op drie verschillende dagen. De voorzitter van de grote nationale vergadering ondertekent de grondwetswijziging en laat ze binnen zeven dagen na aanneming in het staatsblad bekendmaken.

Wetgevingsprocedure

Volgens artikel 87 van de grondwet hebben alle leden van de nationale vergadering en van de ministerraad initiatiefrecht.

Een wetsvoorstel wordt door de nationale vergadering in twee lezingen aangenomen. Tijdens de eerste lezing wordt het voorstel in zijn geheel behandeld. De leden kunnen, binnen de door de nationale vergadering bepaalde termijn, schriftelijk wijzigingen voorstellen op een voorstel dat in eerste lezing is aangenomen. Tijdens de tweede lezing wordt het voorstel in detail besproken en wordt erover gestemd. Na aanneming wordt het aan de president van de Republiek toegezonden, die bij decreet tot bekendmaking ervan besluit. De wet wordt bekendgemaakt in het staatsblad en treedt, tenzij daarin anders is bepaald, na drie dagen in werking.

Juridische databanken

Het staatsblad is kosteloos te raadplegen op zijn website.  In de online-editie worden de door de nationale vergadering aangenomen wetten, de decreten van de ministerraad, de verdragen, alle andere wetgeving, alsook alle overheidsopdrachten en concessies bekendgemaakt.

Commerciële juridische databanken, zoals ApisCiela en de juridische encyclopedie bieden - zij het tegen betaling - complete juridische informatie.

Laatste update: 17/12/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website