Echtscheiding en scheiding van tafel en bed

Kroatië
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

1 Wat zijn de voorwaarden voor een echtscheiding?

Voorwaarde voor het verkrijgen van een rechterlijke beslissing over echtscheiding is het starten van de passende gerechtelijke echtscheidingsprocedure (civiel of niet-contentieus) door de gemachtigde persoon of personen (locus standi), overeenkomstig de artikelen 50, 369 en 453 van de wet inzake familierechtelijke procedures (Obiteljski zakon) (Narodne Novine (NN; Staatsblad van de Republiek Kroatië), nr. 103/15, hierna "ObZ 2015"). Als de echtgenoten samen een minderjarig kind hebben, moet het verzoek om echtscheiding door onderlinge toestemming vergezeld gaan van de juiste bijlagen (verslag over de verplichte counseling en plan voor gezamenlijk ouderlijk gezag - artikel 55 juncto artikel 456 ObZ 2015). Soortgelijke regelingen zijn van toepassing als de echtgenoten samen een minderjarig kind hebben en slechts één van de echtgenoten een echtscheidingsverzoek indient (verslag over de verplichte counseling en een bewijs van deelname aan de eerste gezinsbemiddelingsvergadering - artikel 57 juncto artikel 379 ObZ 2015).

2 Welke echtscheidingsgronden bestaan er?

De voorwaarden voor echtscheiding zijn neergelegd in artikel 51 ObZ 2015. Op grond van voornoemde wettelijke bepalingen wordt een huwelijk door de rechter ontbonden: 1. indien de echtgenoten zijn overeengekomen om te scheiden, 2. indien is vastgesteld dat de echtelijke relatie tussen de echtgenoten ernstig en permanent is verstoord, of 3. indien er een jaar is verstreken sinds de "beëindiging van de echtvereniging".

3 Wat zijn de juridische gevolgen van een echtscheiding als het gaat om:

3.1 de persoonlijke relatie tussen de echtgenoten (bijvoorbeeld de achternaam)?

Een van de rechtsgevolgen van de beëindiging van het huwelijk is de beëindiging van de individuele rechten en plichten van de echtgenoten (de artikelen 30-33 ObZ 2015). In de wet inzake familierechtelijke procedures is uitdrukkelijk bepaald dat in geval van beëindiging van het huwelijk (door nietigverklaring of echtscheiding) elk van de voormalige echtgenoten de naam mag behouden die hij of zij op het moment van de beëindiging van het huwelijk had (artikel 48 ObZ 2015).

3.2 de verdeling van het vermogen van de echtgenoten?

Vóór de ontbinding van het huwelijksvermogen (in overleg of door gerechtelijke beëindiging - in een niet‑contentieuze procedure) is het meest voorkomende probleem dat van het scheiden van rechten en zaken die deel uitmaken van het huwelijksvermogen van rechten en zaken die individuele vermogensbestanddelen van de ene of de andere echtgenoot zijn (waarbij drie soorten vermogensbestanddelen worden onderscheiden). Deze problemen worden opgelost door het starten van een civiele procedure op basis van de desbetreffende bepalingen van de ObZ (de artikelen 34-39 en 43-46 ObZ 2015), indien de echtgenoten geen overeenstemming konden bereiken over de onderlinge vermogensverhoudingen (huwelijkscontract – de artikelen 40-42 ObZ 2015), met subsidiaire toepassing van de wet op de eigendomsrechten en andere zakelijke rechten, de wet op de burgerrechtelijke verplichtingen, de wet op de kadastrale registratie, de vennootschapswet, de uitvoeringswet en de wet op de burgerlijke rechtsvordering (de artikelen 38, 45 en 346 ObZ 2015).

3.3 de minderjarige kinderen uit het huwelijk?

De juridische gevolgen van de beëindiging van een huwelijk voor minderjarige kinderen omvatten een aantal belangrijke kwesties: bij welke ouder zal het kind na de beëindiging van het huwelijk wonen, (omgangs)regelingen met de andere ouder, alimentatie voor het kind, organisatie van de overige elementen van ouderlijke zorg (vertegenwoordiging van het kind, uitvoering van rechtshandelingen, beheer van en beschikking over het vermogen van het kind, opvoeding en gezondheid van het kind enz.). De echtgenoten kunnen tot een akkoord komen over deze juridische gevolgen van echtscheiding (overeenkomst inzake gezamenlijke ouderlijke zorg) en zo voor een meer eenvoudige en snellere buitengerechtelijke echtscheidingsprocedure kiezen (de artikelen 52, 54-55, 106, 453-460 ObZ 2015). Indien de echtgenoten geen overeenkomst over gezamenlijke ouderlijke zorg opstellen die een akkoord over de relevante juridische gevolgen van echtscheiding bevat, wordt de beslissing hierover ambtshalve door de rechter genomen in een door een echtscheidingsvordering gestarte gerechtelijke procedure (de artikelen 53-54, 56-57 en 413 ObZ 2015). Desalniettemin bestaat de mogelijkheid dat de ouders het eens worden over de rechtsgevolgen van echtscheiding tijdens een gerechtelijke echtscheidingsprocedure. In dat geval zal de rechter uitspraak doen op grond van het akkoord tussen de ouders indien hij van mening is dat dit akkoord in het belang van het kind is (artikel 104/3 juncto artikel 420 ObZ 2015).

3.4 de verplichting om alimentatie te betalen aan de andere echtgenoot?

De wet inzake familierechtelijke procedures voorziet in de mogelijkheid dat een echtgenoot om alimentatie verzoekt voordat de echtscheidingsprocedure wordt afgesloten. Indien tijdens de echtscheidingsprocedure geen alimentatieverzoek is ingediend, kan een voormalige echtgenoot binnen zes maanden na de definitieve beëindiging van het huwelijk een alimentatieverzoek indienen indien bij afsluiting van de echtscheidingsprocedure aan de voorwaarden voor alimentatie was voldaan en tot de afsluiting van de alimentatieprocedure op elk moment aan deze voorwaarden is voldaan (de artikelen 295-301, 423-432 ObZ 2015). De wettelijke voorwaarden voor alimentatie zijn dat de eiser niet over voldoende middelen beschikt om in zijn/haar eigen onderhoud te voorzien of niet in staat is om die middelen uit zijn/haar vermogen te genereren, en niet in staat is te werken of werk te vinden, mits de alimentatie betalende echtgenoot over voldoende middelen en capaciteiten beschikt om deze verbintenis na te komen (artikel 295 ObZ 2015). De alimentatie wordt vastgesteld voor een welbepaalde periode. In artikel 298 ObZ 2015 is bepaald dat de alimentatieplicht voor een echtgenoot tot één jaar kan duren, afhankelijk van de duur van het huwelijk en de mogelijkheid voor de eiser om in de nabije toekomst op een andere wijze voldoende bestaansmiddelen te verwerven. In ObZ 2015 wordt ook geregeld hoe de alimentatie moet worden betaald. Overeenkomstig artikel 296 ObZ 2015 wordt alimentatie vastgesteld als een maandelijks vooruit te betalen vast bedrag. Het is echter mogelijk dat de rechter op verzoek van een of beide echtgenoten gelast om de alimentatie als een eenmalig bedrag te betalen, afhankelijk van de omstandigheden van de zaak. Overeenkomstig artikel 302 ObZ 2015, kunnen echtgenoten in geval van echtscheiding een alimentatieovereenkomst sluiten (de artikelen 302, 470-473 ObZ 2015).

4 Wat betekent "scheiding van tafel en bed” in de praktijk?

Er bestaat in het Kroatische familierecht geen term voor "scheiding van tafel en bed". Een verwante term voor "scheiding van tafel en bed" in de huidige wetgeving is "beëindiging van de echtvereniging" (prestanak bračne zajednice). De "beëindiging van een echtvereniging" vindt plaats als de echtgenoten alle onderlinge relaties die normaal bij samenwoning bestaan, beëindigen, d.w.z. als zij niet langer de wens hebben om als echtgenoten door het leven te gaan en de specifieke inhoud van het huwelijksleven te delen en te realiseren. De beëindiging van een echtvereniging heeft een specifieke betekenis binnen het huwelijksrecht, aangezien volgens artikel 51 ObZ 2015, een van de wettelijke redenen voor beëindiging van het huwelijk is dat er één jaar is verstreken sinds de beëindiging van de echtvereniging. De beëindiging van de echtvereniging heeft ook een specifieke betekenis bij het bepalen van de vermogensverhoudingen tussen echtgenoten, aangezien op grond van artikel 36 ObZ 2015, het vermogen dat echtgenoten hebben verworven tijdens de echtvereniging (in tegenstelling tot tijdens de duur van het huwelijk) of dat uit dat vermogen voortkomt, als huwelijksvermogen wordt beschouwd.

5 Wat zijn de gronden voor een “scheiding van tafel en bed”?

Er bestaat in het Kroatische familierecht geen term voor "scheiding van tafel en bed". Een verwante term voor "scheiding van tafel en bed" in de huidige wetgeving is "beëindiging van de echtvereniging" (prestanak bračne zajednice). De wet inzake familierechtelijke procedures voorziet niet in voorwaarden voor de "beëindiging van de echtvereniging", aangezien echtvereniging een juridische norm is die de kern van het huwelijksleven vormt. De beëindiging van de echtvereniging vindt plaats als de echtgenoten alle onderlinge relaties waaruit het huwelijksleven normaal bestaat beëindigen, d.w.z. als zij niet langer de wens hebben om als echtpaar door het leven te gaan en de specifieke inhoud van een dergelijke relatie te realiseren (de echtgenoten praten bijvoorbeeld niet meer met elkaar). De beëindiging van een echtvereniging komt in de praktijk meestal tot uiting doordat een van de echtgenoten de gemeenschappelijke woning en de andere echtgenoot verlaat.

6 Wat zijn de juridische gevolgen van een “scheiding van tafel en bed”?

Er bestaat in het Kroatische familierecht geen term voor "scheiding van tafel en bed". Een verwante term voor "scheiding van tafel en bed" in de huidige wetgeving is "beëindiging van de echtvereniging" (prestanak bračne zajednice). De "beëindiging van de echtvereniging" heeft een specifieke betekenis binnen het huwelijksrecht, aangezien volgens artikel 51 ObZ 2015, een van de wettelijke redenen voor beëindiging van het huwelijk is dat er meer dan één jaar is verstreken sinds de "beëindiging van de echtvereniging". De "beëindiging van de echtvereniging" heeft ook een specifieke betekenis bij het bepalen van de vermogensverhoudingen tussen echtgenoten, aangezien op grond van artikel 36 ObZ 2015, het vermogen dat echtgenoten hebben verworven tijdens de echtvereniging (in tegenstelling tot tijdens de duur van het huwelijk) of dat uit dat vermogen voortkomt, als huwelijksvermogen wordt beschouwd. De logica die aan deze wetgeving ten grondslag ligt, is dat de duur van de echtvereniging niet precies hoeft samen te vallen met de duur van het huwelijk, met name als het huwelijk in een echtscheiding eindigt. In de regel vindt de beëindiging van de echtvereniging plaats voordat de echtscheidingsprocedure wordt gestart. Het is dus mogelijk dat de echtscheidingsprocedure loopt na de "beëindiging van de echtvereniging", wat meestal het geval is (vooral als in de procedure rechtsmiddelen zijn aangewend).

7 Wat betekent “nietigverklaring van het huwelijk" in het huwelijk in de praktijk?

"Nietigverklaring van het huwelijk" (poništaj braka) is een van de redenen voor de beëindiging van het huwelijk (artikel 47 ObZ 2015) en is een van de drie echtelijke geschillen die in het Kroatische rechtsstelsel worden geregeld (artikel 369 ObZ 2015). "Nietigverklaring van het huwelijk" is een familierechtelijke sanctie voor een huwelijk dat is aangegaan in strijd met de bepalingen inzake de geldigheid van het huwelijk (de artikelen 25‑29 ObZ 2015). Deze sanctie wordt opgelegd in het kader van een gerechtelijke procedure die door instelling van een rechtsvordering is gestart (artikel 369 ObZ 2015). De bepalingen inzake "nietigverklaring van het huwelijk" zijn van toepassing als een huwelijk niet geldig is (de artikelen 29, 49 en 369-378 ObZ 2015).

8 Wat zijn de gronden voor nietigverklaring van het huwelijk?

Een huwelijk dat is gesloten in strijd met de bepalingen van de artikelen 25 tot en met 28 ObZ 2015 (huwelijk aangegaan door minderjarige personen, personen die niet in staat waren een onderscheid te maken tussen goed en kwaad, personen die niet rechtsbekwaam zijn en bijgevolg geen verklaring kunnen afleggen over hun persoonlijke situatie, personen die bloedverwanten zijn, die zijn geadopteerd, of als de bruid of bruidegom reeds is gehuwd of zich al in een stabiel partnerschap bevindt) is ongeldig en de bepalingen inzake "nietigverklaring van het huwelijk" zijn erop van toepassing (artikel 29 ObZ 2015).

9 Wat zijn de juridische gevolgen van de nietigverklaring van het huwelijk?

De rechtsgevolgen van de "nietigverklaring van het huwelijk" worden op dezelfde wijze geregeld als bij de beëindiging van het huwelijk door echtscheiding (zie het antwoord op vraag 3).

10 Bestaan er alternatieve mogelijkheden om problemen die samenhangen met een echtscheiding op te lossen, zonder dat de rechter wordt ingeschakeld?

In het Kroatische rechtsstelsel is echtscheiding geregeld als gerechtelijke procedure en is er geen mogelijkheid tot een buitengerechtelijke echtscheidingsprocedure. Toch is een bijzonder belangrijk grondbeginsel van het familierecht het beginsel dat familiale problemen in onderling overleg moeten worden opgelost. Dat is een stimulans om familiale problemen consensueel op te lossen en benadrukt dat dit de taak is van alle organen die professionele hulp verlenen aan gezinnen of die beslissen over gezinsrelaties (artikel 9 ObZ 2015). Het familierecht voorziet derhalve in twee soorten buitengerechtelijke procedures die onder meer de consensuele oplossing van echtscheidingsgerelateerde zaken tot doel hebben: verplichte counseling (de artikelen 321-330 ObZ 2015) en gezinsbemiddeling (de artikelen 331-344 ObZ 2015). Verplichte counseling wordt uitgevoerd door een team van deskundigen van het ministerie van Sociale Zaken en vormt een ondersteuning voor gezinsleden (bv. echtgenoten die voornemens zijn een echtscheidingsprocedure te starten en die samen een minderjarig kind hebben) om te komen tot consensusbeslissingen over gezinsrelaties, met bijzondere aandacht voor de bescherming van gezinsrelaties waarbij een kind is betrokken (bv. het opstellen van een plan voor gezamenlijke ouderlijke zorg - een overeenkomst over de juridische gevolgen van echtscheiding, waarin in detail wordt vastgelegd: de woonplaats en het woonadres van het kind, de tijd die het kind bij elk van de ouders zal doorbrengen, de wijze waarop informatie zal worden uitgewisseld in verband met toestemming voor belangrijke beslissingen, hoe belangrijke informatie over het kind zal worden uitgewisseld, het alimentatiebedrag dat de ouder bij wie het kind niet verblijft dient te betalen, alsook hoe toekomstige problemen zullen worden opgelost) en over de juridische gevolgen van het uitblijven van een akkoord en het starten van een gerechtelijke procedure om te beslissen over de persoonlijke rechten van het kind. Gezinsbemiddeling is een proces waarbij partijen proberen om gezinsconflicten met behulp van een of meer gezinsbemiddelaars op consensuele wijze op te lossen. Het belangrijkste doel van het proces is het opstellen van een plan voor gezamenlijke ouderlijke zorg en andere overeenkomsten die verband houden met het kind, alsook met alle andere zaken van materiële en immateriële aard.

11 Waar moet het verzoek tot echtscheiding/scheiding van tafel en bed/nietigverklaring van het huwelijk worden ingediend? Aan welke formaliteiten moet worden voldaan en welke documenten moeten bij het verzoek worden gevoegd?

In het geval van echtgenoten die niet samen een minderjarig kind hebben, kan een van de echtgenoten een gerechtelijke procedure met een verzoek tot echtscheiding starten of kunnen beide echtgenoten een verzoek tot echtscheiding door onderlinge toestemming indienen (artikel 50 ObZ 2015). In beide gevallen vindt geen buitengerechtelijke procedure van verplichte counseling plaats (een vorm van deskundige hulp aan gezinsleden gericht op het bereiken van consensuele beslissingen over gezinsrelaties, uitgevoerd door een team van deskundigen van het ministerie van Sociale Zaken) (de artikelen 321-322 ObZ 2015) en beginnen de echtgenoten onmiddellijk aan een (gerechtelijke of buitengerechtelijke) echtscheidingsprocedure, die relatief eenvoudig en snel is. Al het bovenstaande is in voorkomend geval van toepassing op gerechtelijke procedures tot nietigverklaring van het huwelijk wanneer de echtgenoten niet samen een minderjarig kind hebben.

In het geval van echtgenoten die samen een minderjarig kind hebben, kan een van de echtgenoten een gerechtelijke procedure starten of kunnen beide echtgenoten een verzoek tot echtscheiding door onderlinge toestemming indienen (artikel 50 ObZ 2015). Alvorens echter een echtscheidingsprocedure te starten (door een rechtsvordering in te stellen of door een verzoek tot echtscheiding door onderlinge toestemming in te dienen), zijn echtgenoten die samen een minderjarig kind hebben verplicht om deel te nemen aan de buitengerechtelijke procedure van verplichte counseling (een vorm van deskundige hulp aan gezinsleden gericht op het bereiken van consensuele beslissingen over gezinsrelaties, uitgevoerd door een team van deskundigen van het ministerie van Sociale Zaken) (de artikelen 321-322 ObZ 2015). Het doel van dergelijke procedures is echtgenoten professionele hulp te bieden die onder meer bestaat uit het opstellen van een akkoord over gezamenlijke ouderlijke zorg - een overeenkomst over de juridische gevolgen van echtscheiding, waarin in detail wordt vastgelegd: de woonplaats en het woonadres van het kind, de tijd die het kind bij elk van de ouders zal doorbrengen, de wijze waarop informatie wordt uitgewisseld in verband met de toestemming voor belangrijke beslissingen, hoe belangrijke informatie over het kind zal worden uitgewisseld, het alimentatiebedrag dat de ouder bij wie het kind niet verblijft dient te betalen, alsook hoe toekomstige problemen zullen worden opgelost). Ouders kunnen de overeenkomst over gezamenlijke ouderlijke zorg opstellen tijdens het proces van verplichte counseling, maar dat kan ook zonder hulp of tijdens de gezinsbemiddeling (buitengerechtelijk proces waarbij de partijen met de hulp van een of meer gezinsbemiddelaars proberen gezinsconflicten consensueel op te lossen - artikel 331 ObZ 2015). Door een overeenkomst over gezamenlijke ouderlijke zorg op te stellen, kunnen de echtgenoten een meer eenvoudige en snellere buitengerechtelijke echtscheidingsprocedure starten door een verzoek in te dienen (de artikelen 52, 54-55, 106 en 453-460 ObZ 2015). Echtgenoten die samen een minderjarig kind hebben, zijn verplicht om bij hun verzoek tot echtscheiding door onderlinge toestemming een verslag in te dienen over de in artikel 324 ObZ 2015 bedoelde verplichte counseling, evenals een overeenkomst over gezamenlijke ouderlijke zorg als bedoeld in artikel 106 ObZ 2015 (artikel 456 ObZ 2015).

Indien de echtgenoten geen overeenkomst inzake gezamenlijke ouderlijke zorg opstellen waarin een akkoord over de hierboven vermelde juridische gevolgen van echtscheiding is opgenomen, wordt de beslissing hierover ambtshalve door de rechter genomen in een door een echtscheidingsvordering gestarte gerechtelijke procedure (de artikelen 53-54, 56-57 en 413 ObZ 2015). Als de echtgenoten samen een minderjarig kind hebben, zijn zij verplicht om bij hun echtscheidingsvordering een verslag over de in artikel 324 ObZ 2015, bedoelde verplichte counseling te voegen, alsook een bewijs van deelname aan de eerste gezinsbemiddelingsvergadering (artikel 379 ObZ 2015).

12 Kan ik in aanmerking komen voor rechtsbijstand om de kosten van de procedure te dekken?

In Kroatië is de rechtsbijstand en de mogelijkheid van vrijstelling van de betaling van proces- en gerechtskosten geregeld in de wet inzake kosteloze rechtsbijstand (Zakon o besplatnoj pravnoj pomoći) (Narodne Novine (NN; Staatsblad van de Republiek Kroatië), nr. 143/2013 - hierna "ZBPP"). Personen kunnen in aanmerking komen voor primaire rechtsbijstand in alle procedures, met inbegrip van procedures inzake echtelijke geschillen en andere familierechtelijke procedures, mits zij aan de wettelijke vereisten voldoen (de artikelen 9-11 ZBPP). Personen kunnen in aanmerking komen voor secundaire rechtsbijstand in familierechtelijke procedures en in andere in de wet vastgestelde procedures, mits zij aan de wettelijke vereisten voldoen (de artikelen 12-25 ZBPP). Het verkrijgen van een betalingsvrijstelling voor specifieke gerechtelijke procedures, met inbegrip van familierechtelijke procedures, wordt geregeld in artikel 13, lid 3, ZBPP. Het verkrijgen van een vrijstelling van de betaling van gerechtskosten voor alle procedures, en dus ook voor familierechtelijke procedures, wordt geregeld in artikel 13, lid 4, ZBPP. Bijzondere aandacht moet worden besteed aan de bepalingen die a) de verlening van secundaire rechtsbijstand regelen zonder de financiële situatie van de betrokken persoon te onderzoeken (artikel 15 ZBPP), b) de procedure voor het verkrijgen van secundaire rechtsbijstand regelen (de artikelen 16-18 ZBPP), c) de omvang van de verleende secundaire rechtsbijstand regelen (artikel 19 ZBPP), d) procedurekwesties regelen alsook andere kwesties die belangrijk zijn voor het verkrijgen van kosteloze rechtsbijstand (de artikelen 20-25 ZBPP). Tegelijkertijd wordt de aandacht gevestigd op artikel 6 van de wet op de gerechtskosten (Zakon o sudskim pristojbama) (Narodne Novine (NN; Staatsblad van de Republiek Kroatië), nr. 74/95, 57/96, 137/02, (26/03), 125/11, 112/12, 157/13, 110/15), dat betrekking heeft op partijen die altijd van de betaling van gerechtskosten zijn vrijgesteld.

13 Kan beroep worden ingesteld tegen een beslissing over de echtscheiding/scheiding van tafel en bed/nietigverklaring van het huwelijk?

Het is mogelijk om beroep in te stellen tegen een vonnis in verband met echtscheiding of nietigverklaring van het huwelijk. Beide partijen hebben dit recht tijdens de procedure. De wet inzake familierechtelijke procedures regelt niet uitdrukkelijk het beroep in procedures inzake huwelijksgeschillen, maar artikel 346 voorziet wel in de subsidiaire toepassing van de bepalingen van de wet op de burgerlijke rechtsvordering (Zakon o parničnom postupku) (Narodne Novine (NN; Staatsblad van de Republiek Kroatië), nr. 53/91, 91/92, 58/93, 112/99, 88/01, 117/03, 88/05, 02/07, 84/08, 123/08, 57/11, 148/11, 25/13 en 89/14 - hierna: "ZPP").

Het beroep tegen een vonnis wordt geregeld in artikel 348 ZPP. Het beroep tegen een beslissing wordt geregeld in artikel 378 ZPP. Wat rechtsmiddelen betreft, is in ObZ 2015 bepaald dat de herziening van een vonnis in tweede aanleg in een huwelijksgeschil niet is toegestaan (artikel 373 ObZ 2015).

14 Wat moet ik doen om een door een rechtbank in een andere lidstaat gewezen beslissing over echtscheiding/scheiding van tafel en bed/nietigverklaring van het huwelijk in Nederland te laten erkennen?

Krachtens artikel 21 van Verordening (EG) nr. 2201/2003 van de Raad van 27 november 2003 betreffende de bevoegdheid en de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen in huwelijkszaken en inzake de ouderlijke verantwoordelijkheid (verordening Brussel II bis) wordt een in een lidstaat gegeven beslissing in de andere lidstaten erkend zonder dat daarvoor een bijzondere procedure vereist is (artikel 21, lid 1), maar overeenkomstig artikel 21, lid 3, kan elke belanghebbende verzoeken om een beslissing al dan niet te erkennen. In dat geval moeten verzoeken om erkenning of niet-erkenning worden ingediend bij het territoriaal bevoegde gerecht (zie de lijst die elke lidstaat overeenkomstig artikel 68 aan de Commissie heeft meegedeeld in de in artikel 37 van verordening Brussel II bis bedoelde vorm). Bovendien dient te worden opgemerkt dat er, onverminderd artikel 21, lid 3, van verordening Brussel II bis, geen bijzondere procedure vereist is om de gegevens van de burgerlijke stand van een lidstaat bij te werken op basis van een in een andere lidstaat uitgevaardigd vonnis in verband met een echtscheiding, scheiding van tafel en bed of nietigverklaring van het huwelijk waartegen volgens het recht van die lidstaat geen beroep meer kan worden ingesteld.

15 Tot welk gerecht moet ik mij wenden om bezwaar te maken tegen de erkenning van een door een rechtbank in een andere lidstaat gewezen beslissing over echtscheiding/scheiding van tafel en bed/nietigverklaring van het huwelijk? Welke procedure is in dit geval van toepassing?

Verzoeken om erkenning of niet-erkenning (artikel 21, lid 3, van verordening Brussel II bis) moeten worden ingediend bij het territoriaal bevoegde gerecht (zie de lijst waarnaar wordt verwezen in het antwoord op vraag 14). In dat geval wordt de procedure van afdeling 2, hoofdstuk III, van verordening Brussel II bis toegepast.

Het rechtsmiddel, d.w.z. een beroepsprocedure op grond van artikel 33 van verordening Brussel II bis, wordt via de rechtbank die in eerste aanleg de beslissing heeft gegeven (het territoriaal bevoegde gerecht uit de bovenbedoelde lijst), voorgelegd aan het bevoegde hogere gerecht (arrondissementsrechtbanken).

16 Wat is het toepasselijk recht in een echtscheidingsproces tussen echtgenoten die niet in Nederland wonen of een verschillende nationaliteit hebben?

Het toepasselijke recht bij een echtscheiding is het recht van het land waarvan de echtgenoten op het moment van de instelling van de vordering staatsburger zijn.

Als de echtgenoten op het moment van de instelling van de vordering staatsburger van verschillende landen zijn, worden de rechtsvoorschriften van de landen waarvan zij staatsburger zijn, cumulatief toegepast (artikel 35, lid 2, van de wet inzake het oplossen van wetsconflicten met de regelgeving van andere landen in bepaalde betrekkingen (Zakon o rješavanju sukoba zakona s propisima drugih zemalja u određenim odnosima) (Narodne Novine (NN; Staatsblad van de Republiek Kroatië), nr. 53/91, 88/01)). Als een huwelijk niet kan worden beëindigd krachtens het recht van de landen waarvan de echtgenoten staatsburger zijn, is het Kroatische recht van toepassing op de beëindiging van het huwelijk indien de vaste verblijfplaats van een van de echtgenoten op het moment van de instelling van de vordering in Kroatië was.

Als een van de echtgenoten een Kroatisch staatsburger zonder vaste verblijfplaats in Kroatië is en het huwelijk niet kan worden beëindigd krachtens het recht dat is aangewezen overeenkomstig artikel 35, lid 2, van de wet inzake het oplossen van wetsconflicten met de regelgeving van andere landen in bepaalde betrekkingen, is het Kroatische recht van toepassing.

Laatste update: 23/08/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website