Insolventie/faillissement

Ierland
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

Het persoonlijke-insolventierecht in Ierland is geregeld in de Bankruptcy Act 1988 (zoals gewijzigd) (Faillissementswet 1988) en de Personal Insolvency Acts 2012 - 2015 (persoonlijke-insolventiewetten) (PI-wet). Middels de PI-wet, waarin drie methoden van schuldafwikkeling staan beschreven, wordt de faillissementswetgeving gewijzigd.

Alle persoonlijke-insolventieprocedures, waaronder faillissement, worden afgehandeld door de Insolvency Service of Ireland (ISI, Ierse insolventiedienst), een in 2013 opgericht zelfstandig wettelijk orgaan dat valt onder het Department of Justice and Equality (ministerie van Justitie en Gelijke kansen).

Persoonlijke-insolventieprocedures, die worden geregeld door de PI-wet, omvatten de volgende drie regelingen:

  1. Debt Relief Notice (DRN, kennisgeving van schuldverlichting): voor schulden tot 35 000 EUR voor personen die vrijwel geen activa en een zeer laag inkomen hebben.
  2. Debt Settlement Arrangement (DSA, schuldsaneringsregeling): voor de overeengekomen sanering van onbeperkte, ongedekte schulden over een periode van maximaal vijf jaar (onder bepaalde omstandigheden te verlengen tot zes jaar).
  3. Personal Insolvency Arrangement (PIA, persoonlijke-insolventieregeling): voor de overeengekomen sanering of herstructurering van gedekte schulden tot 3 miljoen EUR (het bedrag kan worden verhoogd via een schuldeisersakkoord) en onbeperkte, ongedekte schulden over een periode van maximaal zes jaar (onder bepaalde omstandigheden te verlengen tot zeven jaar).

De DSA en de PIA kennen drie fasen:

fase 1: door de bevoegde rechter wordt een Protective Certificate (PC, beschermingscertificaat) afgegeven, dat bij afgifte bepaalde met name genoemde of "gespecificeerde" schuldeisers uitsluit van het ondernemen van actie (waaronder het indienen van een verzoekschrift inzake faillietverklaring) of het instellen van een vordering tegen de schuldenaar teneinde de schuld te innen. Een door de bevoegde rechter afgegeven beschermingscertificaat is 70 dagen geldig, welke termijn op bepaalde gronden met 40 dagen kan worden verlengd;[i]

fase 2: deze fase heeft betrekking op de onderhandeling die door een Personal Insolvency Practitioner (PIP, persoonlijke-insolventiefunctionaris) namens de schuldenaar wordt gevoerd met diens gespecificeerde schuldeisers, alsmede op de goedkeuring van het voorstel middels een stemming op een wettelijke vergadering van schuldeisers. Recente wetgeving voorziet enkel in geval van een persoonlijke-insolventieregeling in de mogelijkheid voor de schuldenaar om zijn voorstel voor zo'n regeling door de rechter te laten toetsen als het voorstel tijdens de vergadering van schuldeisers is verworpen;[ii]

fase 3: uitvoering van de regelingen, waaronder periodieke uitkeringen aan schuldeisers door de PIP en, waar van toepassing, jaarlijkse evaluaties door de PIP.

Een schuldenaar kan elk van de bovengenoemde drie regelingen (DRN, DSA en PIA) slechts één keer aangaan.

Faillissement is een optie voor schuldenaren die, gelet op hun persoonlijke situatie, niet voldoen aan de criteria om in aanmerking te komen voor de drie bovengenoemde oplossingen of die eerder zonder succes een van deze regelingen zijn aangegaan, d.w.z. het akkoord met de schuldeisers bleek geen stand te kunnen houden.

Indien een natuurlijke persoon heeft aangetoond dat zijn financiële situatie niet kan worden opgelost via een insolventieregeling en deze persoon beschikt over een brief van een persoonlijke-insolventiefunctionaris waaruit dit blijkt, kan hij bij het High Court (rechtbank) een faillissementsaanvraag indienen. De persoon in kwestie moet een verzoek om een Order of Adjudication (Bankruptcy Order) (faillietverklaring) indienen bij het Examiner's Office van het High Court en eerste griffierechten ten bedrage van 200 EUR voldoen. Aanvragers zullen voor het High Court worden gehoord; na de faillietverklaring zijn zij wettelijk verplicht om zich te voegen naar de Official Assignee in Bankruptcy (officiële curator) en zijn dienst (de Bankruptcy Division (afdeling Faillissementen) van de ISI), die verantwoordelijk zijn voor het beheer van de failliete boedel.

Zodra een schuldenaar failliet is verklaard, worden diens ongedekte schulden volledig afgeschreven, waarbij alle activa van de schuldenaar eigendom worden van de officiële curator, de door het High Court benoemde beheerder van de failliete boedel.

Faillissementsprocedures kunnen als volgt worden ingesteld:

  1. door een verzoekende schuldeiser, die een aanvraag bij het High Court indient teneinde een natuurlijke persoon failliet te doen verklaren die schulden bij hem heeft, waarbij moet worden aangetoond dat hij schuldeiser van deze persoon is en dat deze persoon geen bevredigende pogingen heeft ondernomen om zijn schuld te vereffenen;
  2. op aanvraag door de natuurlijke persoon zelf, het zogeheten Self-Adjudicating bankruptcy.

Een failliet wordt automatisch bevrijd van het faillissement op de eerste verjaardag van de datum van de uitspraak, mits tegen de failliet geen Bankruptcy Extension Order (bevel tot verlenging van het faillissement) is uitgevaardigd (door de officiële curator in geval van niet-naleving).

Middels de PI-wet wordt een nieuwe beroepsgroep in het leven geroepen die door de ISI wordt gereglementeerd en in twee categorieën uiteenvalt:

1. erkende tussenpersonen (AI's, Approved Intermediaries): een persoon of rechtspersoon die door de ISI is gemachtigd om schuldenaren te ondersteunen die een aanvraag voor een DRN willen indienen.

2. persoonlijke-insolventiefunctionarissen (PIP's, Personal Insolvency Practitioners): een persoon die door de ISI is gemachtigd om op te treden als contactpersoon tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers(s) om een schuldsaneringsregeling of persoonlijke-insolventieregeling te verkrijgen. Een PIP is wettelijk verplicht om te handelen in overeenstemming met de PI-wet en de daarmee verband houdende regelgeving. [iii]

1 Tegen wie kan een insolventieprocedure worden ingesteld?

In Ierland leiden natuurlijke personen (met inbegrip van personenvennootschappen) een persoonlijke-insolventieprocedure in via de in de PI-wet beschreven procedures. Schuldeisers kunnen een faillissementsprocedure tegen een schuldenaar inleiden, of een schuldenaar kan op eigen initiatief het faillissement aanvragen.

2 Wat zijn de voorwaarden om een insolventieprocedure te openen?

Insolventieprocedure

De belangrijkste voorwaarde voor het inleiden van een persoonlijke-insolventieprocedure is dat de schuldenaar insolvent is, d.w.z. niet in staat is zijn schulden op de vervaldag te voldoen.  De aard en de omvang van de schulden en het inkomen van de schuldenaar bepalen vervolgens welk van de drie soorten regelingen geschikt is.

Om ervoor te zorgen dat een natuurlijke persoon die onder een insolventieregeling valt, een redelijke levensstandaard kan handhaven, heeft de ISI (na een uitgebreid raadplegingsproces) richtsnoeren geformuleerd waarbij de redelijke kosten van levensonderhoud (RLE's, Reasonable Living Expenses) zijn bepaald. Deze richtsnoeren dragen, naast het waarborgen van de duurzaamheid van de insolventieregeling, ook bij aan het waarborgen van het wettelijke recht van de schuldenaar op een redelijke levensstandaard, door een eerlijke en transparante methode vast te stellen voor het standaardiseren van de dagelijkse kosten van levensonderhoud voor in moeilijkheden verkerende schuldenaren. De op het model van de ISI gebaseerde RLE's van een schuldenaar worden bij de aanvraag van de insolventieregeling berekend door de erkende tussenpersoon of persoonlijke-insolventiefunctionaris.

1. Debt Relief Notice (DRN, kennisgeving van schuldverlichting)

Om een DRN aan te vragen, moet de schuldenaar:

  • in de onmogelijkheid verkeren de schulden volledig te voldoen op de vervaldag;
  • een maandelijks beschikbaar netto-inkomen van maximaal 60 EUR hebben, na aftrek van de redelijke kosten van levensonderhoud;
  • beschikken over activa ter hoogte van maximaal 400 EUR. Het is schuldenaren ook toegestaan in het bezit te zijn van:
    • één sieraad met een waarde van maximaal 750 EUR;
    • één motorvoertuig met een waarde van maximaal 2 000 EUR; en
    • huishoudelijke apparatuur of gereedschap, mits de gezamenlijke waarde ervan niet hoger is dan 6 000 EUR;
  • woonachtig zijn in de Republiek Ierland of in het afgelopen jaar zijn gewone verblijfplaats of vestiging in Ierland hebben gehad;
  • een Prescribed Financial Statement (PFS, voorgeschreven financiële verklaring) hebben ingevuld en ondertekend en een wettelijke verklaring hebben gedaan dat eerstgenoemde verklaring juist en nauwkeurig is.

Typische voorbeelden van schulden in DRN-verband zijn schulden op creditcards, rekening-courantkredieten, persoonlijke leningen, leningen van een Credit Union, rekeningen van nutsbedrijven en winkelkaarten.

2. Debt Settlement Arrangement (DSA, schuldsaneringsregeling)

Een schuldenaar komt in aanmerking om een DSA aan te vragen als hij of zij:

  • niet in staat is de schulden volledig te voldoen op de vervaldag;
  • één of meer concurrente schuldeisers heeft;
  • woonachtig is in Ierland of in het afgelopen jaar zijn gewone verblijfplaats of vestiging in Ierland had;
  • een PFS heeft ingevuld en een ondertekende wettelijke verklaring heeft gedaan dat de verstrekte informatie juist en nauwkeurig is;
  • een verklaring van een persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) heeft ontvangen waarin wordt bevestigd dat laatstgenoemde van mening is dat:
    • de informatie in de PFS juist en nauwkeurig is;
    • de schuldenaar in aanmerking komt om een voorstel te doen voor een DSA;
    • het, gelet op de PFS van de schuldenaar, niet waarschijnlijk is dat de schuldenaar in de komende vijf jaar solvent zal worden;
    • er, als de schuldenaar een DSA aangaat, een redelijk vooruitzicht is dat de schuldenaar binnen de komende vijf jaar solvent zal worden.

Naast de schulden in verband met een DRN kunnen de schulden in een DSA doorgaans ook leningen en persoonlijke garanties omvatten.

3. Personal Insolvency Arrangement (PIA, persoonlijke-insolventieregeling)

Een schuldenaar komt in aanmerking om een PIA aan te vragen als hij of zij:

  • niet in staat is de schulden volledig te voldoen op de vervaldag;
  • schulden heeft bij ten minste één zekerheidsgerechtigde schuldeiser die deze zekerheid over Iers vastgoed of Ierse activa bezit;
  • gedekte schulden van minder dan 3 miljoen EUR heeft (indien alle zekerheidsgerechtigde schuldeisers hiermee instemmen, kan deze limiet worden verhoogd);
  • in het kader van een procedure voor betalingsachterstand bij een hypothecaire lening (bv. het Mortgage Arrears Resolution Process (MARP) van de Centrale Bank van Ierland) gedurende een periode van zes maanden met de zekerheidsgerechtigde schuldeiser heeft samengewerkt met betrekking tot de particuliere hoofdverblijfplaats, en:
    • het resultaat daarvan was dat er geen alternatieve terugbetalingsregeling werd overeengekomen, of
    • de zekerheidsgerechtigde schuldeiser heeft bevestigd dat hij in de praktijk niet van een dergelijke regeling zou gebruikmaken, of
    • de schuldenaar een alternatieve terugbetalingsregeling is aangegaan en heeft getracht deze regeling na te leven, hetgeen door de PIP is bevestigd;
  • woonachtig is in Ierland of in het afgelopen jaar zijn gewone verblijfplaats of vestiging in Ierland had;
  • een PFS heeft ingevuld en ondertekend en een wettelijke verklaring heeft gedaan dat eerstgenoemde verklaring juist en nauwkeurig is;
  • een verklaring van de PIP heeft ontvangen waarin wordt bevestigd dat laatstgenoemde van mening is dat:
    • de informatie in de PFS juist en nauwkeurig is;
    • de schuldenaar in aanmerking komt om een voorstel te doen voor een PIA;
    • het, gelet op de PFS, niet waarschijnlijk is dat de schuldenaar in de komende vijf jaar solvent zal worden;
    • er, als de schuldenaar een PIA aangaat, een redelijk vooruitzicht is dat de schuldenaar binnen de komende vijf jaar solvent zal worden.

Naast de schulden in verband met een DRN en een DSA zullen de schulden in een PIA doorgaans ook leningen voor de particuliere hoofdverblijfplaats, leningen voor vastgoedbeleggingen en buy-to-let hypotheken/leningen omvatten.

Faillissement

In Ierland hebben natuurlijke personen het recht om een Self-Adjudicating bankruptcy aan te vragen, d.w.z. dat zij bij het High Court een aanvraag kunnen indienen om zich failliet te laten verklaren. De voorwaarden voor het indienen van een dergelijke aanvraag zijn de volgende:

  • de natuurlijke persoon, of schuldenaar, moet in de onmogelijkheid verkeren de schulden te voldoen op de vervaldag;
  • de schulden van de schuldenaar moeten de waarde van zijn activa met 20 000 EUR of meer overschrijden;
  • de schuldenaar moet een redelijke poging hebben gedaan om een van de drie bovengenoemde insolventieregelingen te gebruiken om zijn schulden te vereffenen. Dit moet voor de rechter worden aangetoond door middel van een brief van een persoonlijke-insolventiefunctionaris of erkende tussenpersoon.

Ook een schuldeiser kan een verzoek om een faillissementsprocedure indienen.  Als de schuldeiser om faillietverklaring verzoekt, mag hij/zij niet op onredelijke gronden hebben geweigerd om akkoord te gaan met een voorstel voor een DSA of een PIA.

Een faillietverklaring wordt aangevraagd door middel van een verzoekschrift, waarbij de aanvrager verplicht is om verschillende door het High Court voorgeschreven documenten en verklaringen onder ede in te dienen bij het Examiner's Office van het High Court. De faillietverklaring wordt van kracht op het moment van het afgeven hiervan; er is geen terugwerkende kracht tot de datum van indiening van het desbetreffende verzoekschrift, zoals dat in sommige rechtsgebieden het geval kan zijn.

Zolang de faillietverklaring nog niet is afgegeven, voorziet de Faillissementswet niet in een specifiek rechtsmiddel voor een schuldeiser om een voorlopige bewindvoerder te benoemen — artikel 23 van de Faillissementswet staat toe dat een failliet na de tot faillietverklaring strekkende uitspraak wordt aangehouden als hij/zij op het punt staat het rechtsgebied te verlaten met de bedoeling een faillissement te voorkomen.

Een schuldenaar of schuldeiser kan bezwaar maken tegen een faillietverklaring door bij het High Court een verzoek hiertoe en verklaringen onder ede in te dienen, met vermelding van de redenen voor het bezwaar.

3 Welke goederen behoren tot de insolvente boedel? Hoe worden de goederen behandeld die zijn verworven door of toevallen aan de schuldenaar na de opening van de insolventieprocedure?

Het algemene doel van de PI-wet die aan de desbetreffende wettelijke bepalingen ten grondslag ligt, is de bescherming, voor zover praktisch uitvoerbaar, van de particuliere hoofdverblijfplaats van de schuldenaar.

Activa in het kader van de insolventieprocedure

In het geval van een schuldsaneringsregeling of een persoonlijke-insolventieregeling stelt de persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) zich gewoonlijk niet in het fysieke bezit van de activa van de schuldenaar of gaat de eigendom daarvan niet op die functionaris over — in plaats daarvan neemt de PIP gedurende de looptijd van de regeling de controle over de inkomstenstroom van de schuldenaar over en voldoet hij uit deze inkomstenstroom de vorderingen van (de) schuldeiser(s) op basis van de bepalingen van de regeling. De beschikbare inkomstenstroom is die na aftrek van redelijke kosten van levensonderhoud, huur of hypotheekaflossingen en andere betalingen voor bijzondere omstandigheden, zoals medische kosten. Betalingen van zekergestelde leningen worden gewoonlijk rechtstreeks door de schuldenaar aan de schuldeiser gedaan volgens de bepalingen van de door hen overeengekomen regeling.  Als een activum in het kader van een regeling moet worden verkocht, wordt het gewoonlijk rechtstreeks door de schuldenaar verkocht.

Activa in het kader van het faillissement

Volgens de faillissementswetgeving komen alle activa die op de datum van de rechterlijke uitspraak toebehoren aan de failliet, onmiddellijk toe aan de officiële curator (dit betekent dat de officiële curator nu eigenaar is van alle activa in de failliete boedel). Voor de duidelijkheid houden deze activa in:

  • contant geld;
  • rekeningen bij financiële instellingen, met inbegrip van rekeningen in rekening-courant, spaarrekeningen, beleggingsrekeningen enz;
  • alle grond en gebouwen, met inbegrip van die welke als gezinswoningen worden beschouwd;
  • machines, uitrusting, handelsgereedschappen, meubilair, huishoudelijke artikelen en apparaten;
  • alle voertuigen;
  • pensioenen (behoudens enkele uitzonderingen), beleggingsproducten, effecten en aandelen;
  • effecten die de failliet in eigen naam of in het kader van een personenvennootschap houdt;
  • schulden aan de failliet.

Hierop zijn evenwel uitzonderingen mogelijk:

  • schuldenaren kunnen een beroep doen op vrijgestelde persoonlijke activa tot een waarde van 6 000 EUR en kunnen bij het High Court een verzoek indienen om deze limiet te verhogen;
  • activa die voortvloeien uit schending van persoonlijke rechten zijn uitgesloten van het faillissement, aangezien dit geen rechten zijn die de bewindvoerder voor de schuldeisers zouden moeten toekomen omdat zij persoonlijk zijn voor de natuurlijke persoon in kwestie;
  • bepaalde pensioenaanspraken (zie de wetgeving voor verdere verduidelijking).

Een failliet is verplicht om de officiële curator ervan op de hoogte te stellen als hij tijdens de faillissementsperiode activa in ontvangst heeft genomen, ongeacht de wijze waarop hij deze activa in bezit heeft gekregen. Dergelijke activa vallen toe aan de officiële curator wanneer deze door hem worden opgeëist, en gaan deel uitmaken van de failliete boedel.

4 Wat zijn de bevoegdheden van respectievelijk de schuldenaar en de insolventiefunctionaris?

Insolventieprocedure

Een persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) treedt, wanneer hij door een schuldenaar wordt ingeschakeld, op als onderhandelaar tussen de schuldenaar en de schuldeisers. PIP's zijn wettelijk verplicht om in het belang van zowel de schuldenaar als de schuldeiser(s) te handelen en dienen daarom de best mogelijke regeling op te stellen voor alle partijen die bij een insolventieregeling betrokken zijn.

De rol en de functies van een PIP houden in:

  • opnemen (en onderhouden) van contact met een schuldenaar die overweegt een voorstel te doen voor een insolventieregeling;
  • aanvaarden van de benoeming tot insolventiefunctionaris;
  • controleren van de door de schuldenaar opgestelde voorgeschreven financiële verklaring (PFS) en het adviseren van de schuldenaar over de opties en de mogelijkheid om een voorstel voor een schuldsaneringsregeling of persoonlijke-insolventieregeling te doen;
  • zich ervan vergewissen dat de door de schuldenaar aan hem verstrekte financiële informatie nauwkeurig en volledig is;
  • opstellen van een advies op basis van de in de wetgeving vastgelegde criteria over welk type insolventieregeling (DSA of PIA) het beste past bij de situatie van de schuldenaar;
  • verstrekken van informatie over de gekozen procedure, en de algemene gevolgen en te verwachten kosten van het partij worden bij een insolventieregeling;
  • namens de schuldenaar aanvragen van een beschermingscertificaat (PC);
  • alle schuldeisers in kennis stellen van het PC en de benoeming tot PIP, vergezeld van een kopie van de PFS van de schuldenaar;
  • opstellen van een voorstel aan de schuldeisers en het bijeenroepen van een wettelijke vergadering van schuldeisers om het voorstel te bespreken en erover te stemmen;
  • wanneer een voorstel wordt goedgekeurd, de ISI en alle schuldeisers van het resultaat op de hoogte stellen;
  • zodra de regeling is goedgekeurd door de rechter of op basis van een rechterlijke toetsing, de bepalingen van de regeling uitvoeren, met inbegrip van de inning van middelen van de schuldenaar en de betaling aan de schuldeisers gedurende de looptijd van de regeling;
  • toezicht houden op de regeling gedurende de gehele looptijd ervan;
  • de regeling ten minste één keer per jaar evalueren.

De rol van de schuldenaar in de insolventieprocedure is om op eerlijke wijze deel te nemen aan het proces, in te stemmen met de door zijn PIP uitonderhandelde regeling en te voldoen aan de vereiste bepalingen van de regeling.

Faillissement

Bij het uitspreken van het faillissement verliest de failliet alle activa en gaan die activa over op de officiële curator (OA). De OA is een onafhankelijke wettelijke functionaris die tot taak heeft failliete boedels te beheren en de afdeling Faillissementen van de Ierse insolventiedienst (ISI) te leiden.

In Ierland kan een particulier worden aangesteld als curator van het faillissement ter vervanging van de officiële curator bij het High Court. In de praktijk zijn dergelijke benoemingen uiterst zeldzaam. In de Faillissementswet is niet beschreven welke kwalificaties voor dergelijke benoemingen vereist zijn.

De bevoegdheden van de schuldenaar in geval van faillissement zijn beperkt tot de mogelijkheid om zich tot het High Court te wenden om bepaalde beslissingen van de OA aan te vechten. De schuldenaar is verplicht om gevolg te geven aan verzoeken van de dienst van de OA met betrekking tot het beheer van de failliete boedel.

5 Onder welke voorwaarden kan een verrekening worden tegengeworpen?

De PI-wet en de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd) voorzien beide in de mogelijkheid van verrekening. Bepaald is dat bij de vaststelling van de waarde van een activum of een verschuldigd bedrag, alle schulden of kredietsaldi die bij dezelfde schuldeiser worden aangehouden, kunnen worden verrekend met het oorspronkelijke bedrag. Het resterende saldo wordt dus beschouwd als de schuld of het activum, die/dat verschuldigd kan zijn aan de schuldenaar die de regeling is aangegaan of aan zijn schuldeiser(s).[iv]

Indien een schuldenaar spaartegoeden heeft bij een Credit Union waarbij hij ook een schuld heeft, verrekent de Credit Union deze spaartegoeden met het bedrag dat de schuldenaar verschuldigd is.[v]

6 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor lopende overeenkomsten waarbij de schuldenaar partij is?

Insolventieprocedure

Een beschermingscertificaat belet een schuldeiser om tijdens de looptijd van het beschermingscertificaat enige actie te ondernemen.  In de uiteindelijke regeling wordt vastgelegd wat er is afgesproken met betrekking tot bestaande contracten.

Faillissement

Het faillissement laat de rechten van een zekerheidsgerechtigde schuldeiser voor wat betreft de gestelde zekerheid onverlet, d.w.z. een dergelijke schuldeiser behoudt alle rechten die hij vóór het faillissement had op grond van die zekerheid — het enige verschil is dat de officiële curator (OA), niet de failliet, nu eigenaar van het vastgoed is.

De OA heeft de plicht om alle activa in een failliete boedel te gelde te maken (te verkopen of te vervreemden) om zo goed mogelijk aan de verplichtingen die uit de boedel voortvloeien, te voldoen. Alle contractuele-aansprakelijkheidsvorderingen op de schuldenaar worden dus verplichtingen van de boedel. Alleen in uitzonderlijke omstandigheden zal de OA doorgaan met eventuele dienstverleningscontracten waarbij de failliet partij is.

Indien de OA een overeenkomst voortzet, wordt hij persoonlijk aansprakelijk met recht op schadeloosstelling uit de boedelfondsen.[vi]

7 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor individuele vervolgingen door schuldeisers (met uitzondering van lopende rechtsvorderingen)?

Insolventieprocedure

DSA of PIA: de eerste stap van een schuldenaar die een schuldsaneringsregeling (DSA) / persoonlijke-insolventieregeling (PIA) aanvraagt, is het aanvragen van een beschermingscertificaat (PC) bij de bevoegde rechter. Dit certificaat belet bepaalde met name genoemde of gespecificeerde schuldeisers, op wie het PC van toepassing is, om een vordering in te stellen tegen de schuldenaar met het oog op de invordering van, of de tenuitvoerlegging inzake, de gespecificeerde schulden. In feite is het de schuldeiser onmogelijk om:

  • een gerechtelijke procedure met betrekking tot de schuld in te leiden;
  • gerechtelijke procedures, met inbegrip van gerechtelijke bevelen/uitspraken enz., voort te zetten die vóór de afgifte van het PC zijn ingeleid, d.w.z. dergelijke gerechtelijke procedures worden geacht te zijn opgeschort voor de looptijd van het PC;
  • welke maatregel dan ook te nemen om de desbetreffende schuld in te vorderen of de betaling ervan zeker te stellen;
  • contact op te nemen met de schuldenaar over de schuld, tenzij de schuldenaar hierom verzoekt;
  • een overeenkomst met de schuldenaar te wijzigen of te beëindigen, of
  • een faillissementsprocedure tegen de schuldenaar in te leiden.

Zodra de schuldenaar een regeling is aangegaan, zullen gedurende de looptijd ervan soortgelijke tenuitvoerleggingsbeperkingen als hierboven uiteengezet gelden voor de schuldeisers.

DRN: in het geval van een door de bevoegde rechter gedane kennisgeving van schuldverlichting (DRN) gelden gedurende de looptijd ervan dezelfde beschermingsmaatregelen als hierboven vermeld voor een DSA/PIA.

Faillissement

Zekerheidsgerechtigde en concurrente schuldeisers worden verschillend behandeld in geval van faillissement. De enige mogelijkheid voor de concurrente schuldeisers van een failliet om hun schulden te innen, is om in het faillissement een vordering in te stellen voor het bedrag dat aan hen verschuldigd is. De concurrente schuldeisers kunnen na de datum van de rechterlijke uitspraak geen gerechtelijke procedure meer aanspannen tegen de failliet. Dit is een rechtstreeks en automatisch gevolg van de faillietverklaring door het High Court. Faillissementsprocedures laten de rechten van zekerheidsgerechtigde schuldeisers onverlet.

8 Wat zijn de gevolgen van de insolventieprocedure voor de voortzetting van lopende rechtsvorderingen op het tijdstip van de inleiding van de insolventieprocedure?

Insolventieprocedure

DSA, PIA, DRN:

zie het antwoord op vraag 7.

Faillissement

Zoals het geval is met activa in een failliete boedel, stelt de officiële curator (OA) zich in de plaats van de failliet als verweerder in alle bestaande rechtszaken die door schuldeisers tegen de failliet zijn aangespannen. De OA heeft de keuze om het verweer te voeren in de procedure, een schikking te treffen in de procedure of de procedure te staken. Indien de OA met succes verweer voert, zullen eventuele tegenvorderingen of kosten ten gunste van alle schuldeisers in de failliete boedel worden gestort. Indien de procedure succesvol is, of een schikking wordt bereikt, wordt het overeengekomen bedrag een toegelaten vordering in het faillissement.

9 Wat zijn de belangrijkste kenmerken van de deelname van de schuldeisers aan de insolventieprocedure?

In samenspraak met belanghebbenden heeft de Ierse insolventiedienst (ISI) een standaardprotocol voor de schuldsaneringsregeling (DSA) en de persoonlijke-insolventieregeling (PIA) opgesteld. Hierin worden de verplichtingen van zowel schuldenaren als schuldeisers tijdens de uitvoering van de regeling beschreven. Bij dit document zijn voorbeelden van het DSA- en het PIA-protocol gevoegd.

Een schuldeiser neemt als volgt deel.

1. Bewijs van schuld: in het geval van een DSA of PIA moet de persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) van de schuldenaar, nadat de rechter een beschermingscertificaat aan die schuldenaar heeft afgegeven, de betrokken schuldeisers schriftelijk in kennis stellen van zijn benoeming, en hen uitnodigen een bewijs van hun schulden in te dienen en aan te geven hoe zij hun schuld in het kader van de regeling behandeld willen zien.

In het geval van een faillissement moeten alle schuldeisers een formeel bewijs van schuld indienen voordat een dividend aan hen wordt uitgekeerd.

2. Stemming: wanneer een vergadering van schuldeisers wordt bijeengeroepen door een PIP die optreedt voor een schuldenaar die een DSA of PIA wil aangaan, hebben de betrokken schuldeisers het recht om te stemmen over de bepalingen van de regeling, mits zij hun schuld hebben bewezen.

3. Bezwaar: een schuldeiser kan voor de rechter bezwaar aantekenen voordat de voorwaarden van een DSA of PIA van kracht worden. De specifieke voorwaarden zijn wettelijk vastgelegd.[vii]

4. Voorstel tot gerechtelijk akkoord: schuldeisers hebben het recht om te stemmen over een door een failliet gedaan voorstel tot gerechtelijk akkoord. Een dergelijk voorstel kan worden gedaan wanneer een failliet met sommige van zijn schuldeisers, of al die schuldeisers, een schikking wil treffen vóór het verstrijken van de faillissementsdatum met het oog op het behoud van al zijn activa.

10 Op welke wijze kan de insolventiefunctionaris de goederen van de boedel gebruiken of te gelde maken?

-

11 Welke vorderingen moeten worden verhaald op de insolvente boedel van de schuldenaar en hoe moeten vorderingen die zijn ontstaan na de opening van de insolventieprocedure worden behandeld?

Insolventieprocedure

Met betrekking tot een DSA of PIA worden vorderingen niet formeel door een schuldeiser tegen een schuldenaar ingediend. De eerste stap in de procedure is de invulling van de voorgeschreven financiële verklaring (PFS) van de schuldenaar. De PFS geeft een overzicht van alle schuldeisers en de aan elke schuldeiser verschuldigde bedragen en vormt de feitelijke basis waarop een beschermingscertificaat (PC) wordt afgegeven.  Na de afgifte van het PC kunnen schuldeisers door de persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) worden verzocht een bewijs van schuld over te leggen voordat door de PIP een insolventieregeling wordt opgesteld.  Voor een schuldeiser die na een verzoek daartoe geen bewijs van schuld overlegt, zijn er gevolgen in termen van stemrechten voor de regeling en het dividendaandeel.

Bij een aanvraag voor een kennisgeving van schuldverlichting (DRN) worden geen formele schuldeisersvorderingen ingediend, maar kan een schuldeiser door een erkende tussenpersoon (AI) worden verzocht om te bevestigen dat het door de schuldenaar als verschuldigd aangemerkte bedrag het juiste bedrag is.

Nieuwe schulden die ontstaan na de datum van waarop de regeling tot stand komt, vallen niet onder de regeling.  Wanneer bestaande schulden in omvang veranderen, is mogelijk een wijziging in de algehele regeling vereist (bv. concretisering van een voorwaardelijke verplichting).

Faillissement

In geval van faillissement wordt het profiel van een failliete boedel (alle activa en passiva van de failliet) vastgelegd op twee formulieren die de failliet moet invullen en bij de inspecteur van de afdeling Faillissementen moet indienen op de dag van de desbetreffende uitspraak: de Statement of Affairs (faillissementsbalans) en de Statement of Personal Information (opgave persoonsgegevens). Alle soorten aansprakelijkheden worden als niet-bewezen vorderingen in het faillissement opgenomen, mits zij door toedoen van de schuldenaar zijn ontstaan vóór de datum van de desbetreffende uitspraak, d.w.z. de datum waarop de faillissementsperiode ingaat. Schulden die na de datum van de uitspraak door toedoen van de failliet zijn ontstaan, kunnen niet als vordering in het faillissement worden opgenomen.[viii]

12 Wat zijn de regels betreffende indiening, verificatie en toelating van de vorderingen?

Insolventieprocedure

Na de afgifte van een PC in een DSA- of PIA-procedure ontvangen de gespecificeerde schuldeisers een kennisgeving van deze afgifte en een kopie van de PFS van de schuldenaar. De schuldeiser kan worden verzocht bewijs van schuld over te leggen en wordt verzocht aan te geven op welke wijze hij de schuld behandeld wil zien. De schuld van een schuldeiser moet op dezelfde manier worden bewezen als een schuld van een failliet op grond van de Faillissementswet.

Een schuldeiser die bewijs van de schuld heeft geleverd, heeft het recht om te stemmen op de wettelijke vergadering van schuldeisers die wordt bijeengeroepen om het voorstel van de schuldenaar goed te keuren.  Indien de schuldeiser geen bewijs van schuld overlegt, of anderszins onvoldoende bewijs van de schuld levert, kan hij niet deelnemen aan de vergadering van schuldeisers of deelnemen in welke dividenduitkering dan ook waarin de regeling voorziet.

Faillissement

Kennisgevingen van natuurlijke personen die failliet zijn verklaard, worden door de afdeling Faillissementen van de Ierse insolventiedienst (ISI) daags na de faillietverklaring naar een lijst van financiële instellingen en ministeries gestuurd. Deze uitspraken worden ook bekendgemaakt op de website van de ISI en in Iris Oifigiul, het Ierse staatsblad.

Alle zekerheidsgerechtigde schuldeisers in een failliete boedel hebben vanaf de datum van de uitspraak dertig dagen de tijd om middels een schrijven of per e-mail een bewijs van hun vorderingen in de failliete boedel in te dienen. Een dergelijk bewijs van schuld kan de vorm aannemen van hypotheekakten, facturen, verklaringen en rekeningen. In sommige gevallen kan ook een verklaring onder ede van de schuldeiser worden verlangd.

Voordat een dividend wordt uitgekeerd aan schuldeisers in een failliete boedel, zal de ISI de komende betalingen en de gevallen waarop deze betrekking hebben, bekendmaken. De schuldeisers (zowel de zekerheidsgerechtigde als de concurrente) krijgen opnieuw dertig dagen de tijd om hun vorderingen bij de ISI in te dienen, waarbij dezelfde bewijslast is vereist.

In alle gevallen worden de schuldeisers door de afdeling Faillissementen van de ISI verplicht om modelformulieren betreffende het bewijs van schuld in te vullen. De formulieren zijn beschikbaar op de website van de ISI.

13 Wat zijn de regels betreffende de verdeling van de opbrengst? Hoe worden de vorderingen en de rechten van schuldeisers gerangschikt?

Preferente schuld

In de persoonlijke-insolventieregelingen (PIA) en schuldsaneringsregelingen (DSA) worden preferente schulden betaald volgens de bepalingen van de regeling, en in het geval van preferente schulden bij faillissement worden deze schulden direct na faillissementskosten en eventuele kosten of uitgaven van de officiële curator bij de behandeling van de failliete boedel betaald. Als preferent aangemerkte schulden zijn:

  • bepaalde bedragen die verschuldigd zijn aan de Revenue Commissioners (Ierse belastingdienst), zoals inkomstenbelasting, vermogenswinstbelasting, btw, PAYE/PRSI enz.;
  • bepaalde heffingen van de lokale overheid die in de twaalf maanden voorafgaand aan de datum van de uitspraak betreffende de schuldenaar of het door hem aangaan van de regeling (aanvangsdatum) zijn verschuldigd. Hieronder begrepen zijn heffingen en lasten vanuit gemeenteraden;
  • lonen of salarissen die verschuldigd zijn aan werknemers van de schuldenaar in de vier maanden voorafgaand aan de aanvangsdatum;
  • eventuele pensioen-, vakantiegeld- of ziekte-uitkeringen aan deze werknemers.[ix]

Gedekte schuld

In een PIA is de zekerheidsgerechtigde schuldeiser gebonden aan de bepalingen van de regeling. Bij een normale PIA wordt de zekerheidsgerechtigde kredietverstrekker uitbetaald uit de inkomsten van de schuldenaar voor het bedrag dat in de regeling is overeengekomen. De eventuele resterende maandelijkse inkomsten van de schuldenaar worden na aftrek van zijn redelijke kosten van levensonderhoud en vergoedingen voor de persoonlijke-insolventiefunctionaris in de vorm van dividend aan zijn concurrente schuldeisers uitbetaald.

Een faillissement laat de rechten van een zekerheidsgerechtigde schuldeiser onverlet. Een dergelijke schuldeiser kan kiezen voor één van de volgende drie opties met betrekking tot zijn gedekte schuld:

  • zich beroepen op zijn zekerheid — dit betekent dat de schuldeiser effectief buiten het faillissement blijft;
  • zijn zekerheid en vordering voor het eventuele tekort te gelde maken of waarderen — de schuldeiser berekent de reële marktwaarde van het tot zekerheid strekkende activum en trekt deze af van het totaal van de verschuldigde bedragen. Het eventuele tekort dat hieruit voortvloeit, wordt als concurrente vordering tot de failliete boedel toegelaten. Tijdens dit proces kan de zekerheidsgerechtigde schuldeiser het betrokken activum verkopen;
  • afzien van zijn zekerheid — de zekerheidsgerechtigde schuldeiser heeft de mogelijkheid om zijn zekerheid volledig op te geven en zijn vordering als concurrente vordering in de failliete boedel te laten opnemen.

Ongedekte schuld

Bij zowel een PIA als een DSA worden de schulden van concurrente schuldeisers vereffend volgens de overeengekomen bepalingen van de regeling. Bij een DRN moet een persoon het bij de ISI melden als er tijdens de toezichtperiode verbetering in zijn/haar situatie optreedt en kan, afhankelijk van de mate van verandering, van hem/haar worden verlangd een bijdrage te leveren aan wat hij/zij verschuldigd is.

De vorderingen van concurrente schuldeisers van een failliete boedel gelden als gelijkwaardig aan elkaar. Hun schulden worden vereffend via de uitbetaling van de middelen die overblijven na de vereffening van de faillissementskosten, de uitgaven van de officiële curator en de preferente schulden.

14 Wat zijn de voorwaarden voor en de gevolgen van de beëindiging van de insolventieprocedure (met name door een akkoord)?

Insolventieprocedure

De algemene voorwaarde voor een bevredigende afsluiting van de insolventieprocedure is dat de schuldenaar zijn verplichtingen uit hoofde van de regeling gedurende de volledige looptijd daarvan is nagekomen. Zodra dit is gebeurd, wordt voor zijn ongedekte schulden kwijting verleend aan de schuldenaar.  De status van de gedekte schuld zal afhangen van de specifieke bepalingen van de regeling.

Indien de schuldenaar de bepalingen van de DRN, DSA of PIA schendt, kan de regeling worden beëindigd. Als de schuldenaar een betalingsachterstand van zes maanden heeft, wordt de regeling geacht te zijn mislukt. In beide gevallen wordt de schuldenaar aansprakelijk voor al zijn schulden, met inbegrip van alle achterstallige betalingen, kosten en interesten die tijdens de periode van niet-betaling van deze schulden zijn ontstaan.

Faillissement

Een failliet die naar tevredenheid heeft meegewerkt aan het faillissementsproces, wordt na één jaar automatisch van het faillissement bevrijd. Een failliet kan in elke fase van de faillissementsperiode een voorstel (tot gerechtelijk akkoord) doen aan zijn schuldeisers om de schulden te vereffenen. De failliet moet bij het High Court een verzoek om aanhouding van de faillissementsprocedure indienen; hangende dit verzoek kan de officiële curator niet overgaan tot het verder te gelde maken van activa in de boedel. Vervolgens kan de failliet bij het High Court het voorstel tot gerechtelijk akkoord doen aan zijn schuldeisers, die daarover stemmen; indien ten minste 60% van hen (naar aantal en naar waarde van de schuld) akkoord gaat met de voorwaarden van het voorstel, zal het worden aanvaard.

De betaling van het bedrag dat is overeengekomen in het kader van het voorstel tot gerechtelijk akkoord, kan afkomstig zijn uit dividenden van de boedel of uit middelen van de failliet zelf. Eventuele kosten of uitgaven van de dienst van de officiële curator in het kader van het beheer van het faillissement moeten worden voldaan, evenals eventuele preferente schulden. Zodra de officiële curator instemt met het door het High Court bemiddelde voorstel tot gerechtelijk akkoord, wordt de failliet van het faillissement bevrijd.

15 Wat zijn de rechten van de schuldeisers nadat de insolventieprocedure beëindigd is?

Insolventieprocedure

Concurrente schuldeisers: niet van toepassing.

Zekerheidsgerechtigde schuldeisers: de status van de gedekte schuld zal afhangen van de specifieke bepalingen van de regeling.

Faillissement

In geval van faillissement kunnen de schuldeisers na de datum van de uitspraak de failliet niet langer achtervolgen voor bestaande schulden (de schulden die na de uitspraak door toedoen van de failliet ontstaan, kunnen op normale wijze worden achtervolgd), en moeten zij rechtstreeks contact opnemen met de officiële curator. Zodra de failliet van het faillissement is bevrijd, d.w.z. na één jaar in de meeste gevallen (bij niet-naleving van de regels enz. kan deze termijn met maximaal vijftien jaar worden verlengd), worden alle ongedekte schulden (met inbegrip van preferente schulden) kwijtgescholden. De schulden tegenover zekerheidsgerechtigde schuldeisers blijven, wanneer deze schuldeisers gebruikmaken van hun optie om zich te beroepen op hun zekerheid, na de datum van de bevrijding bestaan. De faillissementsprocedure laat de rechten van zekerheidsgerechtigde schuldeisers onverlet voor wat betreft het tot zekerheid strekkende activum.

Indien de zekerheidsgerechtigde schuldeiser zijn zekerheid heeft gewaardeerd en in het faillissement een vordering heeft opgevoerd ter voldoening van het tekort (als ongedekte schuld), wordt het gedeelte dat overblijft na betaling van eventuele dividenden, na kwijting afgeschreven. Opgemerkt moet worden dat, zelfs als een zekerheidsgerechtigde schuldeiser alleen gebruikmaakt van zijn optie om zich op zijn zekerheid te beroepen (en geen vordering instelt in verband met het tekort in het faillissement), hij de schuldenaar niet zal kunnen achtervolgen voor enig tekort nadat de schuldenaar van het faillissement is bevrijd. In dit scenario is het netto-effect van een faillissement op een zekergestelde lening (of hypotheek) dat elk gedeelte van de lening dat de waarde van het daaraan gekoppelde activum (op de datum van de uitspraak) overstijgt, wordt behandeld als een ongedekte schuld.

16 Voor wiens rekening zijn de kosten en uitgaven in het kader van de insolventieprocedure?

Insolventieprocedure

DSA of PIA: in insolventieprocedures dragen de schuldeisers doorgaans de kosten van de regeling. Vergoedingen voor de persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP), zoals overeengekomen met de schuldeisers op het moment van de stemming over de regeling en de goedkeuring ervan, of na goedkeuring van de regeling door de rechter op basis van een toetsing, worden in mindering gebracht op de beschikbare middelen van de schuldenaar. Wanneer een schuldeiser bezwaar maakt tegen de afgifte van een beschermingscertificaat of de totstandkoming van een regeling, draagt de schuldeiser doorgaans zijn of haar eigen kosten [x].  Wanneer een schuldeiser bezwaar maakt tegen een voorgestelde persoonlijke-insolventieregeling (PIA), kan de schuldeiser, indien zijn bezwaar gegrond wordt verklaard, bij de rechter een verzoek tot toewijzing van de kosten indienen [xi]. De gebruikelijke gang van zaken is dat de partij in verband met wiens vorderingen de kosten worden gemaakt, de kosten moet betalen.

DRN: aan een kennisgeving van schuldverlichting (DRN) zijn geen kosten verbonden.

Faillissement

Schuldeisers dragen de kosten van het faillissement, die worden betaald uit de middelen die beschikbaar zijn in de failliete boedel.

17 Wat zijn de regels betreffende nietigheid, vernietigbaarheid of niet-tegenwerpbaarheid van de voor de gezamenlijke schuldeisers nadelige rechtshandelingen?

Insolventieprocedure

De voorwaarden waaraan een schuldenaar moet voldoen voordat hij een insolventieprocedure kan ingaan, omvatten een bepaling volgens welke hij een volledige en nauwkeurige opgave van zijn financiële zaken moet overleggen en een wettelijke verklaring moet ondertekenen ter bevestiging van deze informatie. Ook de persoonlijke-insolventiefunctionaris (PIP) moet zich ervan vergewissen dat de schuldenaar waarheidsgetrouw is en alle relevante informatie met betrekking tot zijn financiële situatie volledig aan hem bekend heeft gemaakt. Een schuldeiser of PIP, of de ISI met betrekking tot een DRN alleen, kan bij de rechter een verzoek indienen om een insolventieprocedure te beëindigen op bepaalde gronden of omstandigheden die in de PI-wet zijn genoemd, waaronder:

  • de schuldenaar heeft door zijn gedragingen zijn financiële zaken zodanig geregeld dat hij in aanmerking komt voor een regeling of DRN;
  • er is niet voldaan aan de procedurele vereisten van de wet;
  • onnauwkeurigheden of weglatingen in de voorgeschreven financiële verklaring (PFS) van de schuldenaar hebben geleid of kunnen leiden tot materiële schade voor de schuldeiser;
  • de schuldenaar voldoet niet aan de voorwaarden om in aanmerking te komen;
  • de schuldenaar heeft preferentie verleend aan een derde, waardoor het voor de betaling van zijn schulden beschikbare bedrag is verminderd; of
  • de schuldenaar heeft feiten begaan die strafbaar zijn krachtens de Insolventiewet 2012) (zoals gewijzigd).

De schuldeisers hebben geen enkel recht om vóór aanvang van de insolventieprocedure om terugboeking van transacties of overdracht van activa te verzoeken. Indien echter in alle redelijkheid kan worden aangenomen dat de schuldenaar buitensporige bijdragen aan een pensioenfonds heeft betaald, kan de schuldeiser de rechter verzoeken om een financiële tegemoetkoming. Dit kan ertoe leiden dat de rechter het desbetreffende fonds opdraagt over te gaan tot volledige terugbetaling van het bedrag, d.w.z. de verdeling ervan onder de schuldeisers die partij zijn bij de regeling.

Faillissement

Eerdere overdrachten van activa en betalingen die door de failliet aan schuldeisers of andere natuurlijke personen zijn gedaan, kunnen op grond van de faillissementswetgeving worden teruggedraaid. Dit geldt ook voor situaties waarin:

  • de failliet bij voorrang een bedrag heeft betaald of een activum heeft overgedragen aan een bepaalde schuldeiser, terwijl hij ook een schuld heeft bij andere schuldeisers. De officiële curator (OA) kan trachten dergelijke betalingen ongedaan te maken, voor zover die zijn gedaan in de drie jaar voorafgaand aan de datum van de uitspraak. Indien de OA hierin slaagt, wordt het bedrag in kwestie in de failliete boedel teruggestort ten gunste van alle schuldeisers;[xii]
  • de failliet een activum aan een derde heeft geschonken dan wel overgedragen voor een bedrag dat lager is dan de reële marktwaarde. Na een succesvol verzoek daartoe bij het High Court door de OA kunnen dergelijke overdrachten die binnen drie jaar voor de datum van de uitspraak hebben plaatsgevonden, nietig worden verklaard en zal het tekort in de failliete boedel worden gestort ten gunste van alle schuldeisers;[xiii]
  • de failliet een activum heeft overgedragen of een betaling heeft verricht welke overdracht of betaling als een "ontwijkingstransactie" kan worden beschouwd, d.w.z. de failliet wilde voorkomen dat het activum of het geldbedrag als onderdeel van zijn failliete boedel zou worden beschouwd. In deze gevallen gelden twee termijnen:
    • dergelijke transacties die binnen drie jaar vóór het faillissement hebben plaatsgevonden, kunnen door de OA ongedaan worden gemaakt op basis van een succesvol verzoek daartoe bij het High Court; alsmede
    • dergelijke transacties die binnen vijf jaar vóór het faillissement hebben plaatsgevonden, tenzij de failliet kan bewijzen dat hij solvent was op het moment van de transactie.[xiv]

In alle bovenstaande scenario's moet de OA door middel van een verklaring onder ede voor het High Court aantonen dat deze transacties/overdrachten inderdaad hebben plaatsgevonden op een wijze die, gelet op de wettelijke voorwaarden, voor het High Court aanleiding vormt ze te beschouwen als nadelig voor de schuldeisers van de failliete boedel.



[i] Zie hoofdstuk 3, artikelen 59-64 (DSA) en hoofdstuk 4, artikelen 93-98 (PIA), van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd) voor de wetgeving inzake beschermingscertificaten (PC).

[ii] Artikel 115A van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd).

[iii] Zie deel 5 van de Persoonlijke-insolventiewet 2012 voor de wettelijke grondslag voor de persoonlijke-insolventiefunctionaris, en de Personal Insolvency Act 2012 (Authorisation and Supervision of Personal Insolvency Practitioners) Regulations 2013 (Voorschriften voor de uitvoering van de Persoonlijke-insolventiewet 2012, voor wat betreft het verlenen van vergunningen aan, en het toezicht op persoonlijke-insolventiefunctionarissen) (S.I. nr. 209 van 2013) voor kwalificatiecriteria, wettelijke normen en vergunningsvereisten.

[iv] Artikel 135 van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd) en artikel 17 van het Eerste Bijlage van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[v] Artikel 135, lid 2, van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd).

[vi] Artikel 61 en artikel 136 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[vii] Artikel 87 (DSA) en artikel 120 (PIA) van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd).

[viii] Artikel 75 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[ix] Artikel 81 en artikel 101 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[x] Artikel 97 van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd).

[xi] Artikel 115, onder a), van de Insolventiewet 2012 (zoals gewijzigd).

[xii] Artikel 57 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[xiii] Artikel 58 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

[xiv] Artikel 59 van de Faillissementswet 1988 (zoals gewijzigd).

Laatste update: 23/04/2020

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.
Sommige pagina's van deze website worden aangeleverd door de EU-landen. Momenteel doen zij het nodige om die pagina's aan te passen aan de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie. Mocht bepaalde informatie nog niet het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie weerspiegelen, dan is dit onbedoeld en zal dit worden gecorrigeerd.