European enforcement order

National information and online forms concerning Regulation No. 805/2004

General information

Regulation (EC) No 805/2004 of the European Parliament and of the Council of 21 April 2004 creating a European Enforcement Order for uncontested claims

The Regulation applies between all Member States of the European Union with the exception of Denmark.

It dispenses, under certain conditions, with all intermediary measures in the Member State in which enforcement is sought that have been necessary so far for decisions delivered in another Member State in the verifiable absence of a dispute over the nature or extent of a debt. Those conditions mainly concern the service of documents in the case of judgments by default. Abolishing exequatur will enable creditors to obtain quick and efficient enforcement abroad without involving the courts in the Member State where enforcement is applied for in time-consuming and costly formalities.

The Regulation provides for six standard forms.

The European e-Justice Portal provides you with information concerning the application of the Regulation and a user-friendly tool for filling in the forms.

Please select the relevant country's flag to obtain detailed national information.

Related links

European enforcement order

Practice guide for the application of the Regulation on the European Enforcement Order PDF (1310 Kb) en

ARCHIVED European Judicial ATLAS website (closed on 30 September 2017)

Last update: 19/02/2019

This page is maintained by the European Commission. The information on this page does not necessarily reflect the official position of the European Commission. The Commission accepts no responsibility or liability whatsoever with regard to any information or data contained or referred to in this document. Please refer to the legal notice with regard to copyright rules for European pages.

Europese executoriale titel - België

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Betreffende de procedure tot rectificatie en intrekking zoals bepaald in artikel 10, lid 2, van de verordening kan worden gezegd dat het verzoek dient te worden gericht tot de hoofdgriffier van de rechtsinstantie die het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft uitgevaardigd. Indien het een bewijs van waarmerking van een authentieke akte betreft, moet het verzoek gericht worden tot de notaris die het bewijs van waarmerking heeft afgeleverd. Indien de hoofdgriffier of respectievelijk de notaris besluit tot de effectieve rectificatie of intrekking verliest het bewijs van waarmerking zijn uitwerking. Zodra de materiële fout is rechtgezet (bij rectificatie) of de hoofdgriffier of respectievelijk de notaris concluderen dat aan alle vereisten van de verordening is voldaan (bij intrekking), zal een nieuw certificaat worden uitgevaardigd dat het eerder afgeleverde certificaat van bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel vervangt.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Naargelang de concrete omstandigheid van de zaak zullen naar Belgisch recht verschillende rechtsmiddelen kunnen worden aangewend om de heroverweging van een beslissing te bekomen:

- vooreerst biedt artikel 1051 van het Gerechtelijk wetboek de mogelijkheid om hoger beroep aan te tekenen tegen een vonnis binnen één maand te rekenen vanaf de betekening van het vonnis of de kennisgeving ervan overeenkomstig artikel 792, tweede en derde lid van dit wetboek. Dit geldt zowel voor vonnissen gewezen op tegenspraak, als voor verstekvonnissen

- ten tweede biedt artikel 1048 van het Gerechtelijk wetboek de mogelijkheid verzet aan te tekenen tegen verstekvonnissen binnen één maand vanaf de betekening van het vonnis of de kennisgeving ervan overeenkomstig artikel 792, tweede en derde lid van dit wetboek.

- met betrekking tot beslissingen van burgerlijke rechtbanken en van strafrechtbanken die uitspraak hebben gedaan over burgerlijke belangen, en die reeds in kracht van gewijsde zijn gegaan, kan in bepaalde bij artikel 1133 van het Gerechtelijk wetboek voorziene gevallen een verzoek tot herroeping van het gewijsde worden ingediend binnen 6 maanden na het ontdekken van de ingeroepen grond.

De hoger vermelde termijnen voor het instellen van hoger beroep, aantekenen van verzet of instellen van een verzoek tot herroeping van het gewijsde gelden:

- onder voorbehoud van termijnen die worden voorzien in dwingende supranationale en internationale bepalingen

- onverminderd de mogelijkheid om gebruik te maken van het artikel 50 van het Gerechtelijk wetboek om een op straffe van verval voorgeschreven termijn te verlengen in bepaalde bij de wet bepaalde omstandigheden.

- onverminderd de mogelijkheid om gebruik te maken van het herhaaldelijk door het Belgisch Hof van Cassatie bevestigde algemeen rechtsbeginsel krachtens hetwelk de bij de wet opgelegde termijnen voor het verrichten van een handeling, worden verlengd voor de partij die door overmacht die handeling niet kon verrichten voordat de termijn was verstreken.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

In het kader van artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening dient het afschrift van de beslissing en het afschrift van bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel te worden vergezeld van een vertaling van het bewijs van waarmerking in de officiële taal van de plaats van tenuitvoerlegging, zijnde het Nederlands, Frans of Duits.

De lijst die aangeeft welke taal van toepassing is, kan worden teruggevonden in het handboek van de ontvangende instanties bij Verordening (EG) nr. 1348/2000 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of handelszaken (Burgerlijke Gerechtelijke Atlas).

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De als aangewezen bevoegde instantie in het kader van artikel 25 van de Verordening, is in België de notaris die de authentieke akte heeft verleden die het voorwerp uitmaakt van het verzoek tot het uitvaardigen van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel.

Laatste update: 15/03/2017

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Bulgarije

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Na onderzoek van de zaak kan de rechtbank van eerste aanleg het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen rectificeren of intrekken (artikel 619, lid 4, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

De schuldenaar kan bij het Hoge Hof van Cassatie een verzoek om heroverweging van de desbetreffende beslissing indienen, zoals bedoeld in artikel 19 van de verordening. Het Hof behandelt het verzoek conform hoofdstuk 24 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering ("Herroeping van definitieve rechterlijke beslissingen").

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De Republiek Bulgarije aanvaardt het Bulgaars.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De bevoegde instantie is het gerecht in het rechtsgebied waarvan de akte is afgegeven (artikel 619, lid 1, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Laatste update: 15/01/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Tsjechië

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

De Tsjechische districtsrechtbanken (okresní soudy) passen de procedures toe overeenkomstig artikel 167 van Wet nr. 99/1963 (wetboek van burgerlijke rechtsvordering), zoals gewijzigd.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

De Tsjechische districtsrechtbanken (okresní soudy) passen de procedures toe overeenkomstig artikel 58 en de artikelen 201 tot en met 243g van Wet nr. 99/1963 (wetboek van burgerlijke rechtsvordering), zoals gewijzigd.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Tsjechisch.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Districtsrechtbanken (okresní soudy).

Laatste update: 25/09/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Duitsland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Bij de wet tot omzetting van Verordening (EG) nr. 805/2004 betreffende een Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen zijn de volgende bepalingen in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Zivilprozessordnung; ZPO) ingevoerd:

"§ 1081

Rectificatie en intrekking

(1)          Een op artikel 10, lid 1, van Verordening (EG) nr. 805/2004 gebaseerd verzoek tot rectificatie of intrekking van een gerechtelijk bewijs van waarmerking wordt ingediend bij het gerecht dat het bewijs van waarmerking heeft verstrekt. Dat gerecht doet uitspraak over het verzoek. Een verzoek tot rectificatie of intrekking van een notarieel of administratief bewijs van waarmerking wordt ingediend bij de instantie die het bewijs van waarmerking heeft verstrekt. De notaris of de administratieve instantie zendt het verzoek met het oog op een beslissing onmiddellijk door naar het Amtsgericht binnen het rechtsgebied waarvan hij/zij is gevestigd.

(2)          Het verzoek tot intrekking wordt door de schuldenaar ingediend binnen één maand. Indien het bewijs van waarmerking in het buitenland moet worden betekend, bedraagt die termijn twee maanden. Dit is een dwingende termijn, die ingaat op de datum van betekening van het bewijs van waarmerking doch niet vóór de betekening van de titel waarop het bewijs van waarmerking betrekking heeft. In het verzoek tot intrekking wordt uiteengezet waarom het bewijs van waarmerking kennelijk ten onrechte is verstrekt.

(3)          § 319, leden 2 en 3, is mutatis mutandis van toepassing op de rectificatie en de intrekking."

§ 319, leden 2 en 3, ZPO luidt als volgt:

"§ 319

Rectificatie van de beslissing

(1) ...

(2)          De beslissing tot rectificatie wordt vermeld op de originele beslissing en op de afschriften van de beslissing. Geschiedt de beslissing tot rectificatie in de in § 130b bedoelde vorm, wordt zij in een afzonderlijk elektronisch document opgeslagen. Dat document wordt onlosmakelijk aan de beslissing gehecht.

(3)          Er kan geen rechtsmiddel worden ingesteld tegen de afwijzing van een verzoek tot rectificatie; een beslissing tot rectificatie kan wel onverwijld worden aangevochten."

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Overeenkomstig de geldende Duitse bepalingen inzake burgerlijke rechtsvordering kan een schuldenaar niet alleen in de in artikel 19, lid 1, van Verordening (EG) nr. 805/2004 vermelde uitzonderingsgevallen maar ook algemeen verzoeken om heroverweging wanneer hij de beslissing niet heeft aangevochten of wanneer hij niet is verschenen (artikel 19, lid 2).

a)    Verstekbeslissingen en executoriale titels

De schuldenaar kan overeenkomstig § 338 ZPO verzoeken om vernietiging van een verstekbeslissing. Dit rechtsmiddel kan ook worden ingesteld tegen een executoriale titel die in het kader van een betalingsbevelprocedure is verstrekt (zie § 700 ZPO, juncto § 338 ZPO). Het verzoek wordt ingediend door middel van een verzetschrift bij het gerecht waar het geschil dient. De termijn om verzet aan te tekenen bedraagt twee weken. Dit is een dwingende termijn, die ingaat op de datum van betekening van de beslissing. Indien het verzoek ontvankelijk is, wordt de procedure teruggedraaid naar de fase waarin zij zich bevond vóór het verstek. Bij de beoordeling van de ontvankelijkheid van het verzoek wordt geen rekening gehouden met de redenen voor het niet‑betwisten van de vordering of voor het niet‑verschijnen van de schuldenaar.

Indien in de in artikel 19, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 805/2004 bedoelde gevallen het stuk dat het geding inleidt, een gelijkwaardig stuk of de dagvaarding niet naar behoren is betekend en deze tekortkoming bij de betekening van de beslissing nog niet is verholpen, bijvoorbeeld omdat de betekening in beide gevallen is geschied op een adres waar de schuldenaar sinds lang niet meer woont, geldt het volgende: indien niet kan worden aangetoond dat de verstekbeslissing of de executoriale titel naar behoren is betekend, of indien de betekening ongeldig is omdat dwingende voorschriften inzake betekening zijn geschonden, gaat de verzettermijn van twee weken pas in op de datum waarop de schuldenaar de verstekbeslissing of de executoriale titel daadwerkelijk heeft ontvangen. Bovendien heeft de schuldenaar ook nog steeds de mogelijkheid om een verzoek tot vernietiging van de beslissing in te dienen.

In de in artikel 19, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 805/2004 bedoelde gevallen, d.w.z. wanneer de betekening naar behoren is geschied maar de schuldenaar wegens overmacht of wegens buitengewone omstandigheden buiten zijn schuld de vordering niet heeft kunnen betwisten, geldt het volgende: indien deze belemmering tijdig vóór het verstrijken van de verzettermijn is opgeheven, kan de schuldenaar het normale rechtsmiddel (d.w.z. verzet tegen de verstekbeslissing) instellen (zie hierboven). Indien de schuldenaar bijvoorbeeld wegens een verkeersongeval niet ter terechtzitting kon verschijnen, kan hij binnen de verzettermijn van twee weken vanaf de betekening van de beslissing ofwel zelf ofwel via een vertegenwoordiger een verzoek indienen. Indien de belemmering echter ook na het verstrijken van de verzettermijn nog bestaat, kan de schuldenaar overeenkomstig § 233 ZPO een verzoek tot herstel in de vorige toestand (Wiedereinsetzung in den vorigen Stand) indienen. Deze bepaling is niet beperkt tot gevallen van overmacht maar staat een verzoek tot herstel in de vorige toestand ook toe wanneer de partij buiten zijn schuld een dwingende termijn (of bepaalde andere termijnen) niet in acht heeft kunnen nemen. Dit verzoek moet worden ingediend binnen twee weken nadat de belemmering is weggevallen. Één jaar na het verstrijken van de niet in acht genomen termijn kan niet meer worden verzocht om herstel in de vorige toestand. Over het verzoek zal worden beslist door het gerecht dat bevoegd is uitspraak te doen over het verzoek tot vernietiging van de verstekbeslissing (dat ook binnen twee weken moet worden ingediend), d.w.z. het gerecht waar het geschil dient.

Indien het door de schuldenaar ingediende verzoek tot vernietiging van de verstekbeslissing ontvankelijk is en hij opnieuw verstek laat gaan, is geen nieuw verzet mogelijk tegen de verstekbeslissing waarbij zijn verzet wordt afgewezen (zie § 345 ZPO). Niettemin heeft de schuldenaar in beperkte mate de mogelijkheid beroep (Berufung) in te stellen: overeenkomstig § 514, lid 2, ZPO kan hij beroep instellen wanneer het niet-verschijnen hem niet kan worden verweten. De algemene beperking inzake ontvankelijkheid van beroepen (zie § 511, lid 2, ZPO) is niet van toepassing. Het beroep wordt bij de rechter in beroep ingesteld door de indiening van een beroepschrift. De termijn voor het instellen van beroep bedraagt één maand. Dit is een dwingende termijn die ingaat op het ogenblik waarop de volledige beslissing wordt betekend en in ieder geval uiterlijk vijf maanden na de uitspraak. Aangezien het om een dwingende termijn gaat, heeft de schuldenaar ook hier de mogelijkheid om overeenkomstig § 233 ZPO een verzoek tot herstel in de vorige toestand in te dienen wanneer hij buiten zijn schuld niet in staat was de termijn voor het instellen van beroep in acht te nemen (zie hierboven).

b)    Beslissing op basis van de processtukken (Entscheidung nach Aktenlage)

Indien de schuldenaar niet ter terechtzitting verschijnt, en het gerecht geen verstekbeslissing geeft maar op verzoek van de schuldeiser een beslissing op basis van de processtukken wijst (zie § 331a, lid 2, ZPO), kan tegen die beslissing beroep (Berufung) worden ingesteld. Overeenkomstig § 511 ZPO is het beroep ontvankelijk indien de waarde van de vordering meer dan 600 euro bedraagt of indien de rechter in eerste aanleg het instellen van beroep heeft toegestaan vanwege het fundamentele belang van de zaak (§ 511, lid 4, ZPO). Wat betreft de vormvoorschriften voor het beroep en de mogelijkheid om een verzoek tot herstel in de vorige toestand in te dienen: zie hierboven.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Bij de wet tot omzetting van de regelgeving betreffende de Europese executoriale titel wordt in het ZPO de volgende bepaling ingevoerd:

"§ 1083

Vertaling

Indien de schuldeiser overeenkomstig artikel 20, lid 2, onder c), van Verordening (EG) nr. 805/2004 een vertaling moet verstrekken, moet deze in het Duits worden opgesteld en door een daartoe in een van de lidstaten van de Europese Unie bevoegde persoon als officiële vertaling worden gewaarmerkt."

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

In Duitsland zijn authentieke akten in de zin van artikel 25, lid 1, van Verordening (EG) nr. 805/2004 uitvoerbare akten die zijn opgesteld door notarissen en bureaus voor jeugdzorg (Jugendamt). In het nieuwe § 1079, dat in het ZPO is ingevoerd bij de wet tot omzetting van de regelgeving betreffende de Europese executoriale titel, wordt de bevoegdheid voor het waarmerken in de zin van artikel 25, lid 1, van Verordening (EG) nr. 805/2004 verleend aan de instantie die is belast met de afgifte van een uitvoerbaar afschrift van akten (zie § 724 ZPO). Deze bepaling luidt als volgt:

"§ 1079

Bevoegdheid

Bewijzen van waarmerking als bedoeld in:

1.            artikel 9, lid 1, artikel 24, lid 1, artikel 25, lid 1, en

2.            artikel 6, leden 2 en 3, van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet-betwiste schuldvorderingen (PB L 143, blz. 15), worden verleend door de gerechten, de instanties of de notarissen die bevoegd zijn voor afgifte van een uitvoerbaar afschrift van titels."

Overeenkomstig § 797, lid 2, ZPO moet een uitvoerbaar afschrift (en dus een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel) van een notariële akte worden verstrekt door de notaris die de akte bewaart; indien de akte door een instantie wordt bewaard, dan is die instantie bevoegd. Gewoonlijk wordt de akte bewaard door de notaris die ze heeft geauthenticeerd.

Overeenkomstig § 60, lid 3, punt 1, van Boek VIII van het Sozialgesetzbuch, Kinder- und Jugendhilfe (kinder- en jeugdzorg; SGB VIII) is het bureau voor jeugdzorg dat bevoegd is voor de authenticatie van een verklaring met verbintenissen, belast met de verstrekking van een uitvoerbaar afschrift van een akte inzake jeugdzorg. Bijgevolg is het bureau voor jeugdzorg dat de authentieke akte heeft opgesteld, bevoegd om een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel te verstrekken. In de wet tot omzetting van de regelgeving betreffende de Europese executoriale titel wordt dat verduidelijkt door een wijziging van § 60, lid 3, punt 1, SGB VIII.

Gelet op de bovenvermelde regeling voor het waarmerken van akten, kunnen in Duitsland in principe alle notarissen en alle bureaus voor jeugdzorg bevoegd zijn voor het verstrekken van bewijzen van waarmerking als Europese executoriale titel. Aangezien er in Duitsland ongeveer 8 000 notarissen en honderden bureaus voor jeugdzorg zijn, lijkt het zinloos daarvan een lijst bekend te maken in het Publicatieblad van de Europese Unie. Bovendien zou de bijwerking van een dergelijke lijst buitensporig hoge kosten met zich brengen. Tot nader order zal de Duitse regering dus geen lijst toezenden en in plaats daarvan de in § 1097 ZPO, juncto § 797, lid 2, ZPO en § 60, lid 3, punt 1, SGB VIII neergelegde regelgeving meedelen ter bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie. Op basis van deze informatie kan de schuldeiser nagaan welke instantie bevoegd is in de zin van artikel 25 van Verordening (EG) nr. 805/2004. Bovendien zal, zoals hierboven is uiteengezet, de bevoegde instantie in de grote meerderheid van de gevallen de instantie zijn die de authentieke akte heeft opgesteld.

Laatste update: 09/10/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Estland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

In Estland kan een verzoek om rectificatie of intrekking van een Europese executoriale titel als gespecificeerd in artikel 10, lid 2, van de verordening worden ingediend op de wijze die is vastgelegd in artikel 447 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (RT I, 19.03.2015, 27).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

In de situaties als gespecificeerd in artikel 19, lid 1, kan in Estland een verzoek worden ingediend krachtens artikel 415 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Voor de toepassing van artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening, aanvaardt Estland bewijzen van waarmerking die zijn gesteld in het Engels of het Ests of zijn vertaald naar een van deze talen.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De in artikel 25 bedoelde instantie is de kantonrechtbank van Harjumaa.

Laatste update: 13/08/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Griekenland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Wanneer voor een beslissing van een rechtbank een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel is verstrekt, is de procedure voor de rectificatie of intrekking van het bewijs van waarmerking neergelegd in artikel 10 van Verordening (EG) nr. 805/2004. Dezelfde procedure is ook van toepassing op bewijzen van waarmerking voor gerechtelijke schikkingen (artikel 24, lid 3, van de verordening) en voor authentieke akten (artikel 25, lid 3). Dergelijke procedures, en uiteraard procedures inzake de rechterlijke bevoegdheid, zijn in Griekenland geregeld in artikel 933 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (κώδικας πολιτικής δικονομίας), dat betrekking heeft op de indiening van bezwaarschriften tegen de geldigheid van een executoriale titel. De rectificatie of intrekking kan echter niet worden betwist, omdat artikel 10, lid 4, van de verordening naar analogie van toepassing is en overeenkomstig artikel 24, lid 3, en artikel 25, lid 3, op dezelfde manier van toepassing is op gerechtelijke schikkingen en authentieke akten.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Wanneer een als Europese executoriale titel gewaarmerkte beslissing moet worden heroverwogen omdat de schuldenaar zichzelf niet heeft kunnen verdedigen wegens een late dagvaarding of wegens overmacht, dat wil zeggen, wegens buitengewone omstandigheden buiten zijn wil, is de te volgen procedure de procedure die wordt toegepast door de rechtbank die de beslissing in kwestie heeft gegeven. Dit is de procedure voor het indienen van een bezwaarschrift op grond van verstek als bepaald in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (artikel 495 en artikel 501 en volgende).

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Voor het als Europese executoriale titel waarmerken van een authentieke akte die uitvoerbaar is in een lidstaat, worden overeenkomstig artikel 25, lid 1, van de verordening verzoeken in het Grieks of het Engels aanvaard.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De instantie die bevoegd is voor het waarmerken als een Europese executoriale titel, dat wil zeggen, een authentieke akte als bedoeld in artikel 4, lid 3, van de verordening, in samenhang met artikel 904, lid 2, onder d) en g), van het Griekse Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, is de persoon die volgens het Griekse recht gemachtigd is om de executoriale titel te verstrekken; in geval van een notariële akte is dit de verstrekkende notaris. In geval van documenten die de wet als uitvoerbaar beschouwt, maar die niet zijn afgegeven door een rechtbank, is de bevoegde instantie de persoon die het document heeft verstrekt, zoals in geval van notariële akten.

Laatste update: 25/11/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Spanje

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

De procedure tot rectificatie van fouten in een Europese executoriale titel, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder a), van Verordening (EG) nr. 805/2004, is geregeld in artikel 267, leden 1 tot en met 3, van organieke wet 6/1985 van 1 juli 1985 inzake de rechterlijke macht (Ley Orgánica 6/1985 del Poder Judicial).

De procedure tot intrekking van de waarmerking als Europese executoriale titel, zoals bedoeld in artikel 10, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 805/2004, is geregeld in de bepalingen inzake hoger beroep (recurso de reposición) die zijn neergelegd in wet 1/2000 van 7 januari 2000 inzake burgerlijke rechtsvordering (Ley de Enjuiciamiento Civil).

Wat authentieke akten betreft, is het de taak van de met het dossier belaste notaris om na te gaan of er sprake is van materiële fouten en of is voldaan aan alle voorwaarden voor de afgifte van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel en om de documenten betreffende de rectificatie van materiële fouten of de intrekking van de waarmerking te verstrekken (artikel 10, lid 1, van Verordening (EG) nr. 805/2004).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Heroverweging in uitzonderingsgevallen, zoals bedoeld in artikel 19 van Verordening (EG) nr. 805/2004, kan, op verzoek van de niet-verschenen verweerder, geschieden in de vorm van de vernietiging van de definitieve rechterlijke beslissing (artikel 501 van wet 1/2000 van 7 januari 2000 inzake burgerlijke rechtsvordering).

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De aanvaarde taal in de zin van artikel 20, lid 2, onder c), is het Spaans.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Het bewijs van waarmerking in de zin van artikel 25, lid 1, en bijlage III bij Verordening (EG) nr. 805/2004 wordt verstrekt door de daartoe bevoegde notaris of door zijn wettelijke vertegenwoordiger of opvolger.

Laatste update: 12/03/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Frankrijk

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Een verzoek om rectificatie (in het geval van een materiële fout) of om intrekking (in het geval van niet-correcte verstrekking) van de executoriale titel, als bedoeld in artikel 10, lid 2, moet worden gericht aan de directeur van de griffie van het gerecht dat de titel heeft verstrekt.

Tegen de afwijzing van een verzoek om rectificatie of intrekking kan beroep worden aangetekend in de vorm van een verzoek gericht aan de president van het betrokken gerecht.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

De in artikel 19 bedoelde heroverwegingsprocedure is de gewone procedure voor beslissingen van het gerecht dat de oorspronkelijke executoriale titel heeft verstrekt.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De talen die worden aanvaard voor de registratie van Europese executoriale titels die door schuldeisers aan de Franse autoriteiten worden toegezonden, zijn het Frans, het Engels, het Duits, het Italiaans en het Spaans.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De in artikel 25 van de verordening bedoelde instantie is de notaris of het in de vorm van een rechtspersoon opgerichte notariskantoor waar het origineel van het ontvangen stuk wordt bewaard.

Laatste update: 02/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Kroatië

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Een verzoek om rectificatie of intrekking van een door een rechtbank verstrekt bewijs van waarmerking moet worden ingediend bij:

- de rechtbank die het bewijs van waarmerking heeft afgegeven.

Een verzoek om rectificatie of nietigverklaring van een openbaar document dat is opgesteld door een notaris, een bestuurlijke instantie of een natuurlijke persoon of rechtspersoon met publieke bevoegdheden, moet worden ingediend bij:

- de autoriteit of persoon die het document heeft opgesteld, die vervolgens verplicht is het verzoek door te sturen aan de gemeentelijke rechtbank die bevoegd is op basis van de locatie van de statutaire zetel/verblijfplaats, zodat laatstgenoemde een geldige beslissing kan geven.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Een verzoek om rectificatie of intrekking van een door een rechtbank verstrekt bewijs van waarmerking moet worden ingediend bij:

- de rechtbank die het bewijs van waarmerking heeft afgegeven.

Een verzoek om rectificatie of nietigverklaring van een openbaar document dat is opgesteld door een notaris, een bestuurlijke instantie of een natuurlijke persoon of rechtspersoon met publieke bevoegdheden, moet worden ingediend bij:

- de autoriteit of persoon die het document heeft opgesteld, die vervolgens verplicht is het verzoek door te sturen aan de gemeentelijke rechtbank die bevoegd is op basis van de locatie van de statutaire zetel/verblijfplaats, zodat laatstgenoemde een geldige beslissing kan geven.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Kroatisch. Vertalingen in het Kroatisch moeten door een daartoe in een van de lidstaten van de EU bevoegde vertaler als officiële vertaling worden gewaarmerkt.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Bevoegde rechtbanken, bestuurlijke instanties, notarissen, rechtspersonen en natuurlijke personen met publieke bevoegdheden die gemachtigd zijn om executoriale titels of dwangbevelen voor niet-betwiste schuldvorderingen onder het toepasselijke nationaal recht af te geven.

Laatste update: 05/07/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Italië

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Voor de in artikel 10, lid 2, bedoelde rectificatie van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt de in de Italiaanse wetgeving vastgestelde procedure voor de rectificatie van een materiële fout toegepast. De relevante bepalingen zijn de artikelen 287 en volgende van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (CPC).

Voor de in artikel 10, lid 2, bedoelde intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt de in de Italiaanse wetgeving vastgestelde procedure betreffende intrekking door een gerechtelijke kamer toegepast. De relevante bepalingen zijn de artikelen 737 en volgende van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering. De procedure wordt ingeleid met een verzoek tot nietigverklaring en wordt afgesloten met een met redenen omklede beschikking van een college van rechters. Er kan een terechtzitting worden gehouden.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Conform de Italiaanse wetgeving omvat de in artikel 19, lid 1, bedoelde procedure voor heroverweging de gewone rechtsmiddelen (de artikelen 323 en volgende CPC: beroep en cassatieberoep (ricorso per cassazione)) en de buitengewone rechtsmiddelen (artikel 395 CPC).

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De overeenkomstig artikel 20, lid 2, onder c), aanvaarde taal is het Italiaans.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De voor de toepassing van artikel 25 aangewezen instantie is het gerecht [Tribunale].

Laatste update: 25/11/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Cyprus

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

De rectificatieprocedures zijn dezelfde als die welke zijn vastgesteld in de regelgeving inzake burgerlijke rechtsvordering. Het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel kan worden gerectificeerd in het geval van een materiële vergissing of tegenstrijdigheid tussen de beslissing en het bewijs van waarmerking.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Elke procedure voor heroverweging van de beslissing kan worden geregistreerd conform de regelgeving inzake burgerlijke rechtsvordering, en overeenkomstig beschikking 48 moeten alle verzoeken ten minste vier dagen vóór de terechtzitting schriftelijk worden ingediend en aan de belanghebbende partijen worden betekend. Voor de indiening van het verzoek kan gebruik worden gemaakt van het formulier in bijlage VI bij de verordening.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Grieks en Engels

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Niet van toepassing. In het Cypriotische rechtsstelsel zijn er geen authentieke akten die onder artikel 4 van de verordening vallen.

Laatste update: 18/04/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Letland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Wat betreft de informatie over de voorschriften van de nationale wetgeving tot uitvoering van artikel 10, lid 2, van de verordening en tot vaststelling van de procedure voor de rectificatie of intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel, delen de Letse autoriteiten mee dat de maatregelen tot uitvoering van artikel 10, lid 2, zijn opgenomen in de artikelen 5431 en 5451 van de wet betreffende de burgerlijke rechtsvordering.

"Artikel 5431. Rectificatie/verbetering van fouten in de tenuitvoerleggingsdocumenten van de Europese Unie

(1) Het gerecht dat een vonnis heeft gewezen of een beslissing heeft gegeven, kan fouten in een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel op verzoek van een procespartij rectificeren overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad, en kan het in artikel 41, lid 1, of artikel 42, lid 1, van Verordening (EG) nr. 2201/2003 van de Raad bedoelde certificaat verbeteren overeenkomstig Verordening (EG) nr. 2201/2003 van de Raad, en kan ook in het in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde certificaat verbeteren overeenkomstig artikel 9, lid 1, onder a), van Verordening (EU) nr. 606/2013. Een gerecht kan ook op eigen initiatief fouten in het in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde certificaat rectificeren.

(2) Voor de indiening van een verzoek om rectificatie van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel moet gebruik worden gemaakt van het in artikel 10, lid 3, van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde standaardformulier.

(3) De kwestie van de rectificatie/verbetering van een fout wordt onderzocht tijdens een terechtzitting, waarvan de partijen vooraf in kennis zijn gesteld. Het niet aanwezig zijn van deze personen vormt geen beletsel voor het onderzoek van de kwestie.

(4) Fouten in de in lid 1 van dit artikel bedoelde tenuitvoerleggingsdocumenten worden gerectificeerd/verbeterd bij rechterlijke beslissing.

(5) Tegen een rechterlijke beslissing tot rectificatie/verbetering van een fout in een tenuitvoerleggingsdocument kan een bijkomend rechtsmiddel worden ingesteld."

"Artikel 5451. Intrekking van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel en van het certificaat bedoeld in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad

(1) Op verzoek van een procespartij, waarbij gebruik wordt gemaakt van het in artikel 10, lid 3, van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde standaardformulier, kan het gerecht dat een vonnis heeft gewezen of een beslissing heeft gegeven een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel intrekken overeenkomstig artikel 10 van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad.

(11) Op verzoek van een partij of op eigen initiatief, waarbij gebruik wordt gemaakt van het in artikel 14 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde certificaat, kan een gerecht dat een beslissing heeft gegeven, het in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde certificaat intrekken overeenkomstig artikel 9, lid 1, onder b), van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad.

(2) Een verzoek tot intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel of van het in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad bedoelde certificaat wordt onderzocht op een terechtzitting, waarvan de partijen vooraf in kennis zijn gesteld. Het niet aanwezig zijn van deze personen vormt geen beletsel voor het onderzoek van de kwestie.

(3) Tegen de desbetreffende rechterlijke beslissing kan een bijkomend rechtsmiddel worden ingesteld."

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Wat de tenuitvoerlegging van artikel 19, lid 1, van de verordening betreft, zijn er geen aanvullende voorschriften in de nationale wetgeving opgenomen, aangezien deze voorschriften in Letland onder de bepalingen van de wet betreffende de burgerlijke rechtsvordering vallen.

"Artikel 51. Vaststelling van een nieuwe procestermijn

(1) Wanneer een procestermijn niet is nagekomen, stelt het gerecht op verzoek van een procespartij een nieuwe termijn vast indien het van oordeel is dat de niet-nakoming van deze procestermijn gerechtvaardigd was.

(2) Samen met de vaststelling van de nieuwe procestermijn, staat het gerecht ook toe dat de laattijdige proceshandeling alsnog wordt gesteld.

Artikel 52. Verlenging van een procestermijn

De door een gerecht of een rechter vastgestelde termijn kan op verzoek van een procespartij worden verlengd.

Artikel 53. Procedure voor de verlenging van procestermijnen of voor de vaststelling van nieuwe procestermijnen

(1) Een verzoek tot verlenging van een procestermijn of tot vaststelling van een nieuwe procestermijn wordt ingediend bij het gerecht waar de laattijdige handeling moest worden uitgevoerd, en het verzoek wordt behandeld in het kader van een schriftelijke procedure. Vóór de behandeling van het verzoek in het kader van een schriftelijke procedure, worden de procespartijen daarvan in kennis gesteld en wordt hun tegelijkertijd een kopie van het verzoek tot verlenging van een termijn of tot vaststelling van een nieuwe termijn toegezonden.

(2) Een verzoek tot vaststelling van een nieuwe procestermijn gaat vergezeld van de voor de uitvoering van de desbetreffende proceshandeling vereiste documenten alsook van de redenen voor de vaststelling van een nieuwe procestermijn.

(3) Een door een rechter vastgestelde termijn kan door een alleenzetelende rechter worden verlengd.

(4) Er kan een bijkomend rechtsmiddel worden ingesteld wanneer een gerecht of een rechter weigert om een termijn te verlengen of om een nieuwe termijn vast te stellen."

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Overeenkomstig artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening aanvaardt Letland het Lets als taal voor het ontvangen en afgeven van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Er zijn in Letland geen instanties opgericht voor het verlijden van authentieke akten in de zin van artikel 25 van de verordening.

Laatste update: 05/06/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Litouwen

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Ingevolge artikel 30 van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet‑betwiste schuldvorderingen (hierna de "verordening" genoemd), deelt het ministerie van Justitie van de Republiek Litouwen de volgende gegevens mee over de herzieningsprocedures, talen en instanties. Daarnaast delen wij ook de tekst mee van de relevante bepalingen van de Wet van de Republiek Litouwen tot omzetting van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet‑betwiste schuldvorderingen (Staatscourant nr. 58 van 7 mei 2005; hierna "de Wet" genoemd), alsook van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de Republiek Litouwen (Staatscourant nr. 36‑1340 van 6 april 2002; Staatscourant nr. 42 van 24 april 2002; hierna "het Wetboek" genoemd).

Het gerecht dat een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verstrekt, kan het bewijs op verzoek van een belanghebbende partij rectificeren [overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder a), van de verordening; artikel 5, lid 1, van de Wet en artikel 648, lid 6, van het Wetboek]. Het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel met betrekking tot een authentieke akte kan worden gerectificeerd door de arrondissementsrechtbank van de plaats waar de notaris is gevestigd die de uitvoerbare authentieke akte bewaart. Bij de indiening van een verzoek om rectificatie van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt geen zegelrecht geheven.

Het gerecht dat het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verstrekt, kan de intrekking ervan gelasten [overeenkomstig artikel 10, lid 1, onder b), van de verordening en artikel 5, lid 2, van de Wet]. Het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel met betrekking tot een authentieke akte kan worden ingetrokken door de arrondissementsrechtbank van de plaats waar de notaris is gevestigd die de uitvoerbare authentieke akte bewaart. Bij de indiening van een verzoek om intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt geen zegelrecht geheven.

Artikel 5 van de Wet luidt als volgt:

“Rectificatie of intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel

1. Wanneer ten gevolge van een schrijffout of een andere fout het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel en de beslissing of de authentieke akte onderling verschillen is mutatis mutandis artikel 648, lid 6, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de Republiek Litouwen van toepassing op de rectificatie van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel.

2. Het gerecht dat het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verstrekt, gelast de intrekking ervan of ziet af van de intrekking ervan, onder de in artikel 10, lid 1, onder b), van de verordening vermelde omstandigheden.

3. Bij de indiening door de partijen van verzoeken betreffende in dit artikel bedoelde aangelegenheden wordt geen zegelrecht geheven.

4. De bepalingen van dit artikel zijn ook van toepassing wanneer een verzoek om rectificatie of intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt ingediend bij de arrondissementsrechtbank van de plaats waar de notaris is gevestigd die de uitvoerbare akte bewaart, volgens de procedure van artikel 4, lid 2, van deze Wet.”

Artikel 648, lid 6, van het Wetboek luidt als volgt:

“Wanneer een uitvoerbare akte een schrijffout of een andere fout bevat, wordt de akte op verzoek van een belanghebbende partij gecorrigeerd door de instantie die ze heeft afgegeven."

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Wij delen de tekst mee van de relevante bepalingen van de Wet van de Republiek Litouwen tot omzetting van Verordening (EG) nr. 805/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 21 april 2004 tot invoering van een Europese executoriale titel voor niet‑betwiste schuldvorderingen (Staatscourant nr. 58 van 7 mei 2005; hierna "de Wet" genoemd) alsook van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de Republiek Litouwen (Staatscourant nr. 36‑1340 van 6 april 2002; Staatscourant nr. 42 van 24 april 2002; hierna "het Wetboek" genoemd).

Een verstekvonnis kan worden heroverwogen op basis van een met redenen omkleed verzoek dat door de niet‑verschenen partij wordt ingediend binnen 20 dagen nadat de verstekbeslissing is gegeven (deze termijn kan overeenkomstig artikel 78 van het Wetboek worden verlengd wanneer hij niet in acht is genomen om redenen die het gerecht als dwingend erkent). Na de ontvangst van het verzoek zendt het gerecht het verzoek, samen met afschriften van de bijlagen daarbij, toe aan de partijen en derden; het gerecht deelt tevens mee dat de partijen gehouden zijn en derden gerechtigd zijn binnen 14 dagen schriftelijke opmerkingen in te dienen. Binnen een termijn van 14 dagen na de uiterste datum voor het indienen van schriftelijke opmerkingen, onderzoekt het gerecht het verzoek in het kader van een schriftelijke procedure. Indien het gerecht na afloop van dit onderzoek tot de conclusie komt dat een partij niet ter terechtzitting is verschenen om dwingende redenen die niet tijdig ter kennis van het gerecht konden worden gebracht, en indien er in het verzoekschrift wordt verwezen naar bewijselementen die de wettigheid en geldigheid van de betrokken verstekbeslissing kunnen aantasten, trekt het gerecht de verstekbeslissing in en heroverweegt het de zaak.

Wanneer een zaak wordt onderzocht in het kader van een procedure op basis van stukken (hoofdstuk XXII van het Wetboek) kan het gerecht, voorzover dat om dwingende redenen is gerechtvaardigd, de in artikel 430, lid 5, van het Wetboek vermelde verzettermijn ten behoeve van de verweerder verlengen. Wanneer een zaak wordt onderzocht overeenkomstig de voorschriften van hoofdstuk XXIII van het Wetboek (specifieke kenmerken van zaken die hebben geleid tot een rechterlijk bevel) kan het gerecht, voorzover dat om dwingende redenen is gerechtvaardigd, de in artikel 439, lid 2, van het Wetboek vermelde termijn voor het aanvechten van een door de schuldeiser ingediende vordering verlengen.

Artikel 287 van het Wetboek luidt als volgt:

“1. Een partij die niet ter terechtzitting is verschenen, kan het gerecht dat een verstekbeslissing heeft gegeven, verzoeken om heroverweging van die verstekbeslissing, binnen een termijn van 20 dagen nadat de verstekbeslissing is gegeven.

2. Het verzoek bevat de volgende gegevens:

1) de naam van het gerecht dat de verstekbeslissing heeft gegeven;

2) de naam van de verzoeker;

3) de redenen waarom de verzoeker niet ter terechtzitting is verschenen en waarom hij het gerecht vóór de terechtzitting niet op de hoogte heeft gebracht van de dwingende aard van deze redenen, vergezeld van de nodige bewijsstukken;

4) de omstandigheden die de wettigheid en geldigheid van de beslissing kunnen aantasten, vergezeld van de nodige bewijsstukken;

5) het onderwerp van het verzoek;

6) een lijst met bewijsstukken die bij het verzoek zijn gevoegd;

7) de handtekening van de verzoeker en de datum waarop het verzoek is opgesteld.

3. Bij het gerecht moeten evenveel afschriften van het verzoek en de bijlagen daarbij worden ingediend als er partijen en derden zijn.

4. Fouten in het verzoek moeten worden gecorrigeerd volgens de procedure voor het verwijderen van fouten.

5. Wanneer in het kader van een verstekprocedure rechtsmiddelen zijn ingesteld en verzoeken tot heroverweging zijn ingediend, worden eerst de verzoeken tot heroverweging van een verstekbeslissing en van daarmee samenhangende rechterlijke bevelen onderzocht."

Artikel 430, lid 5, van het Wetboek luidt als volgt:

“Wanneer een verzetschrift wordt ingediend na het verstrijken van de termijn van 20 dagen of wanneer dit verzetschrift niet voldoet aan de voorschriften van lid 1 van dit artikel, verklaart het gerecht dit verzetschrift niet‑ontvankelijk. Tegen een rechterlijk bevel waarbij een verzetschrift niet‑ontvankelijk wordt verklaard, kan een afzonderlijk rechtsmiddel worden ingesteld. Wanneer de verweerder de termijn om dwingende redenen niet in acht neemt, kan het gerecht op verzoek de termijn verlengen.”

Artikel 439, lid 2, van het Wetboek luidt als volgt:

"Een verzetschrift tegen de vordering van een schuldeiser moet door de schuldenaar worden ingediend binnen een termijn van 20 dagen na de betekening van het rechterlijk bevel. Het verzetschrift moet voldoen aan de algemene voorschriften inzake inhoud en vorm van procedurestukken, met uitzondering van het voorschrift om de gronden te vermelden. Wanneer de schuldenaar om dwingende redenen een verzetschrift indient nadat de in dit lid vermelde termijn is verstreken, kan het gerecht op verzoek van de schuldenaar de termijn voor het indienen van een verzetschrift verlengen. Tegen een bevel waarbij een dergelijk verzoek van de schuldenaar wordt afgewezen, kan een afzonderlijk rechtsmiddel worden ingesteld."

Artikel 78, lid 1, van het Wetboek luidt als volgt:

“Voor personen die een bij wet voorgeschreven of een door een rechter opgelegde termijn niet in acht nemen om redenen die door het gerecht als dwingend worden erkend, kan deze termijn worden verlengd."

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Overeenkomstig artikel 2, lid 4, van de Wet#_ftn1[1] moet in het kader van artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening het Litouws worden gebruikt.

Artikel 2, lid 4, van de Wet#_ftn2[1] luidt als volgt:

"De Europese executoriale titel of een afschrift daarvan die in de Republiek Litouwen moet worden ten uitvoer gelegd, moet in het Litouws worden vertaald en worden ten uitvoer gelegd zonder toepassing van de bepalingen van afdeling 7 van hoofdstuk LX van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van de Republiek Litouwen."



#_ftnref1[1] Europese executoriale titel voor niet‑betwiste schuldvorderingen (Staatscourant nr. 58 van 7 mei 2005).

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Overeenkomstig artikel 4, lid 2, van de Wet#_ftn1[1] zijn de in artikel 25 van de verordening bedoelde instanties, d.w.z. de instanties die zijn aangewezen voor het verstrekken een Europese executoriale titel betreffende een authentieke akte, de notarissen.

Artikel 4, lid 2, van de Wet#_ftn2[1] luidt als volgt:

“Op verzoek van de schuldeiser wordt een Europese executoriale titel betreffende een in lid 1 van dit artikel bedoelde authentieke akte verstrekt door de notaris die de authentieke akte heeft verleden. De notaris verstrekt de Europese executoriale titel uiterlijk 5 dagen na de ontvangst van het verzoek tot verstrekking van een Europese executoriale titel.”



#_ftnref1[1] Europese executoriale titel voor niet‑betwiste schuldvorderingen (Staatscourant nr. 58 van 7 mei 2005).

Laatste update: 21/10/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Hongarije

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Op Hongaars grondgebied vormt hoofdstuk II van Wet LIII van 1994 betreffende de gerechtelijke tenuitvoerlegging het recht dat van toepassing is op de rectificatie en de intrekking van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

De bepalingen van hoofdstuk VII van Wet III van 1952 betreffende het burgerlijk wetboek zijn van toepassing op de heroverweging van de beslissing die als basis dient voor de waarmerking als Europese executoriale titel.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De talen die voor de invulling van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel worden aanvaard, zijn het Engels en het Hongaars.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De instantie die bevoegd is om een in Hongarije verleden authentieke akte als Europese executoriale titel te waarmerken, is normaal gesproken de districtsrechtbank in wier rechtsgebied de instantie die de akte heeft verleden, is gevestigd.

Wanneer het echter gaat om een door een notaris verleden authentieke akte, een door een notaris gegeven bevel of een door een notaris goedgekeurde schikking met dezelfde effecten als een gerechtelijke schikking, is de notaris de voor waarmerking bevoegde autoriteit.

De rechtbanken die bevoegd zijn om in Hongarije verleden authentieke akten als Europese executoriale titel te waarmerken, kunnen worden gevonden door het zoekinstrument bovenaan de pagina te gebruiken.

Notarissen die als waarmerkende instanties optreden, kunnen worden gevonden met de zoekfunctie op deze link.

Laatste update: 24/10/2017

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Nederland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

1.1.     Rectificatieprocedure

Rectificatie kan worden gevraagd door indiening van het formulier van bijlage VI bij de verordening, bij het gerecht dat de waarmerking als EET heeft verstrekt. De procedure is geregeld in artikel 4 van de Uitvoeringswet en is een verzoekschriftprocedure. Dit betekent dat naast de bepalingen van artikel 4 van de Uitvoeringswet hierop de artikelen 261 e.v. van het Nederlandse Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in beginsel van toepassing zijn. Voor hoger beroep gelden de regels van de artikelen 358 e.v. van dat Wetboek en voor cassatie de artikelen 426 e.v.

Artikel 4 Uitvoeringswet Europese executoriale titel

1. Een verzoek tot rectificatie van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder a, van de verordening, wordt gedaan door indiening van het formulier, bedoeld in artikel 10, lid 3, van de verordening bij het gerecht dat het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verstrekt. Artikel 2, lid 2 en 3, is van overeenkomstige toepassing.

2. Is het verzoek, bedoeld in lid 1, afkomstig van de schuldeiser op wiens verzoek de waarmerking heeft plaatsgevonden, dan vindt indiening plaats onder bijvoeging van zo mogelijk het originele bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel waarvan rectificatie wordt gevraagd. De schuldenaar wordt niet opgeroepen. De rectificatie wordt op een door de rechter nader te bepalen dag uitgesproken; met vermelding van deze dag in de beschikking en onder afgifte van een gerectificeerd bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel. Het eerder verstrekte bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel verliest hierdoor zijn kracht. Bij weigering van het verzoek vindt teruggave van het bij het verzoek gevoegde bewijs van waarmerking plaats.

3. Is het verzoek, bedoeld in lid 1, afkomstig van de schuldenaar, dan gaat de rechter niet tot rectificatie over dan na de schuldeiser en schuldenaar in de gelegenheid te hebben gesteld zich daarover uit te laten. De rectificatie wordt op een door de rechter nader te bepalen dag uitgesproken; met vermelding van deze dag en van de naleving van de vorige volzin in de beschikking en onder afgifte van een gerectificeerd bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel. Het eerder verstrekte bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel verliest hierdoor zijn kracht. De rechter gelast de schuldeiser het bewijs van waarmerking als bedoeld in de vorige zin, af te geven aan de griffier.

Artikel 2, lid 2 en 3, Uitvoeringswet Europese executoriale titel

2. Bij het verzoekschrift, bedoeld in lid 1, worden een authentiek afschrift van de beslissing waarvan de waarmerking wordt gevraagd, en het procesinleidend stuk dat tot de beslissing heeft geleid, overgelegd. Het verzoekschrift bevat daarnaast voor zover mogelijk de gegevens die de rechter nodig heeft om de beslissing volgens bijlage I bij de verordening als Europese executoriale titel te kunnen waarmerken. Bij ongenoegzaamheid van de bij het verzoekschrift overgelegde documenten of gegevens wordt aan de verzoeker de gelegenheid tot aanvulling gegeven.

3. Het verzoekschrift, bedoeld in lid 1, wordt ingediend door een deurwaarder of een procureur. Voor de waarmerking van een beslissing van de kantonrechter is de bijstand van een deurwaarder of procureur niet vereist.

1.2. Intrekkingsprocedure

Intrekking kan worden gevraagd door indiening van het formulier van bijlage VI bij de verordening, bij het gerecht dat de waarmerking als EET heeft verstrekt. De procedure is geregeld in artikel 5 van de Uitvoeringswet en is een verzoekschriftprocedure. Dit betekent dat naast de bepalingen van artikel 5 van de Uitvoeringswet hierop de artikelen 261 e.v. van het Nederlandse Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in beginsel van toepassing zijn. Voor hoger beroep gelden de regels van de artikelen 358 e.v. van dat Wetboek en voor cassatie de artikelen 426 e.v.

Artikel 5 Uitvoeringswet Europese executoriale titel

1. Een verzoek tot intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel als bedoeld in artikel 10, lid 1, onder b, van de verordening, wordt gedaan door indiening van het formulier genoemd in artikel 10, lid 3, van de verordening. Indiening geschiedt bij het gerecht dat het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verleend. Artikel 2, lid 2 en 3, is van overeenkomstige toepassing.

2. Intrekking geschiedt, nadat partijen in de gelegenheid zijn gesteld zich over de intrekking uit te laten, door een daartoe strekkende uitspraak van de rechter op een door hem nader te bepalen dag. De rechter kan de schuldeiser gelasten het bewijs van waarmerking als bedoeld in lid 1, af te geven aan de griffier.

Artikel 2, lid 2 en 3, Uitvoeringswet Europese executoriale titel

2. Bij het verzoekschrift, bedoeld in lid 1, worden een authentiek afschrift van de beslissing waarvan de waarmerking wordt gevraagd, en het procesinleidend stuk dat tot de beslissing heeft geleid, overgelegd. Het verzoekschrift bevat daarnaast voor zover mogelijk de gegevens die de rechter nodig heeft om de beslissing volgens bijlage I bij de verordening als Europese executoriale titel te kunnen waarmerken. Bij ongenoegzaamheid van de bij het verzoekschrift overgelegde documenten of gegevens wordt aan de verzoeker de gelegenheid tot aanvulling gegeven.

3. Het verzoekschrift, bedoeld in lid 1, wordt ingediend door een deurwaarder of een procureur. Voor de waarmerking van een beslissing van de kantonrechter is de bijstand van een deurwaarder of procureur niet vereist.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Heroverweging van de beslissing over een onbetwiste vordering in de zin van artikel 19 van de verordening kan worden gevraagd volgens artikel 8 van de Uitvoeringswet Europese executoriale titel. Als heroverweging op grond van artikel 8, lid 3, van deze wet bij verzoekschrift moet worden gedaan, zijn de artikelen 261 e.v. van het Nederlandse Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.

Artikel 8 Uitvoeringswet Europese executoriale titel

1. Ten aanzien van beslissingen over niet-betwiste schuldvorderingen in de zin van de verordening kan de schuldenaar een verzoek tot heroverweging doen bij het gerecht dat de beslissing heeft gegeven op de gronden genoemd in artikel 19, lid 1, onder a en b, van de verordening.

2. Betreft de beslissing een vonnis of arrest, dan wordt het verzoek tot heroverweging gedaan bij verzetexploot als bedoeld in artikel 146 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.

3. Betreft de beslissing een beschikking, dan wordt verzoek tot heroverweging gedaan bij verzoekschrift.

4. Het beroep moet worden ingesteld:

a) in het geval bedoeld in artikel 19, lid 1, onder a, van de verordening, binnen vier weken nadat de beslissing aan de schuldenaar bekend is geworden;

b) in het geval bedoeld onder artikel 19, lid 1, onder b, van de verordening, binnen vier weken nadat de daargenoemde gronden hebben opgehouden te bestaan.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De in het kader van artikel 20 van de verordening aanvaarde talen zijn: Nederlands of een taal die de schuldenaar begrijpt.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De door Nederland aangewezen instantie voor het waarmerken van een authentieke akte als EET in de zin van artikel 25 van de verordening is de voorzieningenrechter van de rechtbank van de plaats van vestiging van de notaris die de authentieke akte heeft verleden.


Laatste update: 28/06/2016

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Oostenrijk

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

- In het geval van gerechtelijke beslissingen en schikkingen en regelingen inzake onderhoudsverplichtingen als bedoeld in artikel 4, lid 3, onder b): een verzoek om intrekking of rectificatie van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel moet worden ingediend bij het gerecht dat of de bestuurlijke autoriteit die het bewijs van waarmerking heeft verstrekt (§ 419, leden 1 en 2, van het Oostenrijkse wetboek van tenuitvoerlegging (Exekutionsordnung)).

- In het geval van uitvoerbare authentieke akten: een verzoek om rectificatie moet worden ingediend bij de notaris die de akte heeft verleden of, indien dat niet mogelijk is, bij de overeenkomstig §§ 119, 146 en 149 van de Oostenrijkse wet op het notariaat (Notariatsordnung) bevoegde functionaris. De bevoegdheid tot intrekking van het door de notaris verstrekte bewijs van waarmerking berust bij het gerecht dat overeenkomstig het procedurerecht bevoegd is om uitspraak te doen over een verzoek tot betwisting van de uitvoerbaarheid van een authentieke akte (§ 419, lid 3, van het wetboek van tenuitvoerlegging).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

- Wanneer het stuk op regelmatige wijze is betekend of ter kennis gebracht: een verzoek tot herstel in de vorige toestand wegens niet‑inachtneming van de termijn voor het betwisten van de vordering of wegens het niet verschijnen op een terechtzitting.

- Wanneer het stuk niet op regelmatige wijze is betekend of ter kennis gebracht: een verzoek om een nieuwe betekening of kennisgeving (bij een beslissing in een procedure in een fase, zoals een betalingsbevel of een bevel tot betaling van een wissel); verzet (bij verstekvonnissen), en beroep over een rechtsvraag (in het geval van verzuim).

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Duits.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

- In het geval van onderhoudsregelingen als bedoeld in artikel 4, lid 3, onder b): de bestuurlijke autoriteit waarvoor de regeling is getroffen.

- In het geval van uitvoerbare authentieke akten: de notaris die de akte heeft verleden of, indien dat niet mogelijk is, de overeenkomstig §§ 119, 146 en 149 van de Oostenrijkse wet op het notariaat bevoegde functionaris. Een volledige lijst van notarissen kan worden geraadpleegd op de website van de Oostenrijkse Kamer van notarissen (Österreichische Notariatskammer) op het volgende adres: http://www.notar.at/

Laatste update: 10/11/2017

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Polen

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

- Rectificatieprocedure: rectificatie in de zin van artikel 350, juncto artikel 361, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

"Artikel 350 § 1. Het gerecht kan onjuistheden, materiële of berekeningsfouten, of andere kennelijke fouten in de beslissing ambtshalve rectificeren.

§ 2. Het gerecht kan achter gesloten deuren een rectificatiebeslissing geven; op de oorspronkelijke beslissing wordt vermeld dat deze is gerectificeerd. Op verzoek van de partijen kan ook op de aan hen verstrekte uittreksels een dergelijke vermelding worden aangebracht. Bij de opstelling van latere afschriften en uittreksels moet rekening worden gehouden met de rectificatiebeslissing.

§ 3. Indien de zaak in hoger beroep wordt behandeld, kan de beroepsrechter de in eerste aanleg gegeven beslissing ambtshalve rectificeren."

"Artikel 361. De bepalingen inzake beslissingen zijn mutatis mutandis van toepassing, tenzij in het wetboek anders is bepaald."

"Artikel 13 § 2. De bepalingen inzake procedures zijn mutatis mutandis van toepassing op andere soorten procedures die onder dit wetboek vallen, tenzij in specifieke bepalingen anders is bepaald.

Het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel wordt verstrekt in de vorm van een rechterlijke beslissing, overeenkomstig de procedure van artikel 7951 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering."

- De intrekkingsprocedure op grond van artikel 7954 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

"Artikel 7954 § 1. Indien er op basis van specifieke bepalingen gronden zijn voor de intrekking van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel, zal het gerecht dat het bewijs van waarmerking heeft verstrekt het op verzoek van de schuldenaar intrekken.

§ 2. Dit verzoek moet worden ingediend binnen een maand te rekenen vanaf de dag waarop de beslissing om het bewijs te verstrekken, werd betekend of ter kennis gebracht aan de schuldenaar.

§ 3. Indien het verzoek niet is opgesteld met behulp van het in de specifieke bepalingen bedoelde formulier, moet het voldoen aan de voorschriften voor memories en moeten de gronden voor het verzoek worden uiteengezet.

§ 4. Het gerecht moet de schuldeiser horen vooraleer het de beslissing intrekt.

§ 5. Er kan een rechtsmiddel worden ingesteld tegen een beslissing tot intrekking van een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel."

Voor verzoeken tot intrekking van een Europese executoriale titel moet een vergoeding van 50 PLN worden betaald.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Controleprocedure: verlenging van de termijn voor het instellen van een rechtsmiddel overeenkomstig de artikelen 168 tot en met 172 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

"Artikel 168 § 1. Indien de partij buiten zijn schuld heeft nagelaten binnen de voorgeschreven termijn stappen te ondernemen, verlengt het gerecht, op verzoek van die partij, de termijn. De beslissing van het gerecht kan worden gegeven achter gesloten deuren.

§ 2. De termijn kan alleen worden verlengd wanneer de niet-naleving van de termijn negatieve procedurele gevolgen heeft voor de partij.

Artikel 169 § 1. Een brief met een verzoek om verlenging moet binnen een week nadat de gronden voor niet-naleving zijn weggevallen, worden ingediend bij het gerecht dat het verzoek moet behandelen.

Artikel 169 § 2. In de brief moeten de gronden voor het verzoek worden vermeld.

Artikel 169 § 3. Wanneer het verzoek is ingediend, moet de betrokken partij de nodige procedurele stappen zetten.

Artikel 169 § 4. Wanneer er een jaar is verstreken sinds de afloop van de termijn, kan een verlenging alleen in uitzonderlijke omstandigheden worden toegestaan.

Artikel 169 § 5. De beslissing over een verzoek om verlenging kan achter gesloten deuren worden gegeven.

Artikel 172. De indiening van een verzoek om verlenging heeft geen schorsende werking ten aanzien van de procedure of de uitvoering van de beslissing. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval, kan het gerecht de procedure of de uitvoering van de beslissing echter opschorten. De beslissing van het gerecht kan achter gesloten deuren worden gegeven. Indien het verzoek wordt toegewezen, kan het gerecht de zaak onverwijld onderzoeken."

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Aanvaarde talen in de zin van artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening: het Pools.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De in artikel 25 van de verordening bedoelde instanties: de districtsrechtbanken; het bevoegde gerecht is de districtsrechtbank in het rechtsgebied waarvan de authentieke akte is verleden.

Laatste update: 22/10/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Portugal

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Verzoeken tot rectificatie of intrekking van het bewijs van waarmerking
als Europese executoriale titel worden ingediend bij de instantie die het bewijs heeft verstrekt, met gebruikmaking van het standaardformulier van bijlage VI bij de verordening.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Wat artikel 19, lid 1, onder a), betreft, is de procedure voor heroverweging vastgesteld in artikel 696, onder e), van het Wetboek burgerlijk procesrecht.

Wat artikel 19, lid 1, onder b), betreft, is de procedure voor heroverweging vastgesteld in artikel 140 van het Wetboek burgerlijk procesrecht.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De aanvaarde taal is het Portugees.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

De aanvaarde taal is het Portugees.

Laatste update: 20/08/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Roemenië

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Indien de executoriale titel een rechterlijke beslissing is die gerechtelijke schikkingen of andere wettelijke overeenkomsten tussen partijen omvat, ligt de bevoegdheid voor waarmerking bij een rechtbank van eerste aanleg (artikel 2, lid 1, van Nooddecreet nr. 119/2006 inzake maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van bepaalde communautaire verordeningen vanaf de datum van toetreding van Roemenië tot de EU, aangenomen ‑ met amendementen ‑ bij Wet nr. 191/2007, als gewijzigd).

Een verzoek tot rectificatie van een bewijs van waarmerking valt onder de bevoegdheid van de rechtbank die het bewijs heeft afgegeven. De rechtbank doet uitspraak over verzoeken om bewijzen van waarmerking af te geven door een beslissing te geven zonder de partijen te dagvaarden. Tegen een beslissing om een verzoek ontvankelijk te verklaren kan geen beroep worden ingesteld. Het bewijs wordt afgegeven aan de schuldeiser en de schuldenaar ontvangt een afschrift. Tegen een beslissing tot afwijzing van een verzoek kan beroep worden ingesteld binnen vijftien dagen nadat de beslissing is gegeven als de schuldeiser aanwezig was, en binnen vijftien dagen nadat de beslissing is betekend als de schuldeiser niet aanwezig was. Dezelfde bepalingen zijn van toepassing in het geval van een beroep over een rechtsvraag (recurs) (de artikelen 2, 3, 5 en 6 van artikel I1 van Nooddecreet nr. 119/2006 inzake maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van bepaalde communautaire verordeningen vanaf de datum van toetreding van Roemenië tot de EU, aangenomen ‑ met amendementen ‑ bij Wet nr. 191/2007, als gewijzigd).

Een verzoek tot intrekking van een bewijs van waarmerking moet binnen een maand na de betekening van het bewijs worden ingediend bij de rechtbank die het bewijs heeft afgegeven. Indien de rechtbank na dagvaarding van de partijen oordeelt dat het bewijs is afgegeven zonder dat aan de voorwaarden van Verordening (EU) nr. 805/2004 is voldaan, onderzoekt zij de getroffen maatregelen opnieuw en trekt zij het bewijs geheel of gedeeltelijk in. Binnen vijftien dagen na de betekening kan een beroep tegen de beslissing worden ingesteld. Dezelfde bepalingen zijn van toepassing in het geval van een beroep over een rechtsvraag (recurs) (artikel 7 van artikel I1 van Nooddecreet nr. 119/2006 inzake maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van bepaalde communautaire verordeningen vanaf de datum van toetreding van Roemenië tot de EU, aangenomen ‑ met amendementen ‑ bij Wet nr. 191/2007, als gewijzigd).

De in artikel 19, lid 1, bedoelde heroverwegingsprocedures

De in artikel 19, lid 1, bedoelde heroverwegingsprocedures zijn overeenkomstig de Roemeense wetgeving gewone en buitengewone rechtsmiddelen: gewoon beroep (apel), beroep over een rechtsvraag (recurs), beroep tot nietigverklaring (contestație în anulare) en herziening (revizuire).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

De in artikel 19, lid 1, bedoelde heroverwegingsprocedures

De in artikel 19, lid 1, bedoelde heroverwegingsprocedures zijn overeenkomstig de Roemeense wetgeving gewone en buitengewone rechtsmiddelen: gewoon beroep (apel), beroep over een rechtsvraag (recurs), beroep tot nietigverklaring (contestație în anulare) en herziening (revizuire).

De gewone beroepsprocedure is geregeld in de artikelen 466 tot en met 482 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering

Tegen in eerste aanleg gegeven beslissingen kan beroep worden ingesteld. De termijn voor het instellen van beroep is dertig dagen na de mededeling van de beslissing. Tijdens de beroepstermijn is de uitvoering van de in eerste aanleg gegeven beslissing geschorst. Het beroepschrift en de gronden waarop het beroep is gebaseerd, worden ingediend bij het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gegeven.

Zodra de beroepstermijn is verstreken, heeft de geïntimeerde het recht om in het kader van de door de tegenpartij ingestelde beroepsprocedure schriftelijk beroep aan te tekenen (het zogeheten incidentele beroep: apel incident) door middel van een eigen verzoek tot wijziging van de beslissing van de rechtbank van eerste aanleg.

In het geval van procedurele medebetrokkenheid en wanneer derden zijn tussengekomen in de procedure in eerste aanleg, heeft de geïntimeerde het recht om, zodra de beroepstermijn is verstreken, schriftelijk beroep aan te tekenen (het zogeheten uitgelokt beroep: apel provocat) tegen een andere geïntimeerde of een persoon die betrokken was bij de in eerste aanleg behandelde zaak en die geen partij is bij het principale beroep, indien de betrokkenheid van de laatstbedoelde uiteindelijk gevolgen zou hebben voor de rechtspositie van die geïntimeerde in de procedure.

Het incidentele beroep en het uitgelokte beroep worden ingesteld door de geïntimeerde als reactie op het principale beroep.

Het binnen de beroepstermijn ingestelde beroep leidt tot een nieuwe beoordeling van de grond van de zaak en het hof van beroep doet uitspraak in feite en in rechte (devolutieve werking van het beroep: efectul devolutiv al apelului).

Het hof van beroep beoordeelt de zaak opnieuw ten gronde binnen de door appellant gestelde grenzen en met betrekking tot de delen van het dictum waartegen beroep is ingesteld. De devolutie heeft betrekking op de gehele zaak wanneer het beroep niet beperkt is tot bepaalde delen van het dictum van de bestreden beslissing, wanneer de beslissing waarschijnlijk zal worden vernietigd of wanneer het voorwerp van het geschil ondeelbaar is.

Het hof van beroep kan de bestreden beslissing bevestigen, in welk geval het beroep wordt afgewezen of wordt verklaard dat de procedure is vervallen. Indien het beroep wordt toegewezen, kan het hof de bestreden beslissing vernietigen of wijzigen.

Indien blijkt dat de rechtbank van eerste aanleg de zaak ten onrechte niet ten gronde heeft behandeld of dat de partijen niet aanwezig waren bij de behandeling van de zaak omdat zij niet naar behoren werden gedagvaard, vernietigt het hof van beroep de bestreden beslissing en onderzoekt het de grond van de zaak. Het hof van beroep verwijst de zaak dan voor een herbeoordeling naar de rechtbank van eerste aanleg; verwijzing voor herbeoordeling kan slechts eenmaal plaatsvinden in de loop van de procedure.

Indien het hof van beroep van oordeel is dat de rechtbank van eerste aanleg niet bevoegd was, vernietigt het de beslissing en verwijst het de zaak naar de bevoegde rechterlijke instantie, of, naargelang het geval, verklaart het het verzoek niet-ontvankelijk.

Indien het hof van beroep van oordeel is dat het bevoegd is om in eerste aanleg uitspraak te doen, vernietigt het de bestreden beslissing en behandelt het de zaak ten gronde.

De situatie van de appellant mag als gevolg van het door hem ingestelde beroep niet verslechteren in vergelijking met de uit de bestreden beslissing voortvloeiende situatie.

Het beroep over een rechtsvraag is geregeld in de artikelen 483 tot en met 502 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering

Beroep over een rechtsvraag kan worden ingesteld tegen in beroep gegeven beslissingen, beslissingen waartegen geen beroep kan worden ingesteld en andere gevallen waarin de wet uitdrukkelijk voorziet. Er kan geen beroep over een rechtsvraag worden ingesteld tegen beslissingen over onder andere de volgende onderwerpen: wettelijke voogdij, familiezaken, burgerlijke stand, gebouwenbeheer en evacuatie. Er kan alleen gewoon beroep worden ingesteld tegen beslissingen over erfdienstbaarheden, wijziging van grenzen, afbakening van grenzen, de verplichting om niet in geld uitdrukbare handelingen uit te voeren of na te laten, gerechtelijke verklaring van overlijden, gerechtelijke verdeling, civiele navigatie, arbeidsconflicten, sociale zekerheid, onteigening, vergoeding van schade als gevolg van gerechtelijke dwalingen en verzoeken betreffende in geld waardeerbare vorderingen van maximaal 500 000 RON.

De termijn voor het instellen van beroep over een rechtsvraag is dertig dagen vanaf de mededeling van de beslissing. Een dergelijk beroep wordt behandeld door het gerecht dat hiërarchisch boven het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gegeven, staat. Op verzoek van de appellant kan de beroepsrechter de uitvoering van de bestreden beslissing schorsen.

Een incidenteel beroep over een rechtsvraag of een uitgelokt beroep over een rechtsvraag kan worden ingesteld in de gevallen waarin een incidenteel beroep of een uitgelokt beroep mogelijk is.

Wanneer een beroep over een rechtsvraag in beginsel ontvankelijk is verklaard, kan het gerecht, nadat het alle aangevoerde redenen en de rechtsvraag heeft onderzocht, het beroep toewijzen of afwijzen dan wel verklaren dat de procedure is vervallen. Wanneer een beroep over een rechtsvraag wordt toegewezen, kan de bestreden beslissing geheel of gedeeltelijk worden vernietigd. De vernietigde beslissing heeft dan geen werking. De uitvoerings- of vrijwaringsprocedures die worden gevoerd op basis van een dergelijke beslissing hebben geen rechtskracht. De beroepsrechter stelt dit ambtshalve vast via zijn beslissing tot vernietiging.

De beslissingen van de beroepsrechter over de rechtsvragen die zijn opgelost, zijn bindend voor het gerecht dat de zaak ten gronde heeft behandeld. Wanneer de beslissing is vernietigd wegens schending van procedurele regels, wordt de zaak hervat vanaf de vernietigde beslissing. De bodemrechter beoordeelt de zaak opnieuw binnen de grenzen van de vernietiging en rekening houdend met alle gronden die werden aangevoerd voor het gerecht waarvan de beslissing werd vernietigd.

Wanneer een rechtsvraag wordt getoetst en er een nieuwe behandeling is nadat een beslissing werd vernietigd door de beroepsrechter, mag de situatie van de betrokken partij niet verslechteren.

Het beroep tot nietigverklaring is geregeld in de artikelen 503 tot en met 508 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering

Tegen definitieve beslissingen kan een beroep tot nietigverklaring worden ingesteld wanneer de appellant niet naar behoren werd gedagvaard en niet aanwezig was ter terechtzitting. Het beroep tot nietigverklaring wordt ingesteld bij het gerecht dat de bestreden beslissing heeft gegeven. Het kan worden ingesteld binnen vijftien dagen na de mededeling van de beslissing en uiterlijk één jaar na de datum waarop de beslissing definitief is geworden. Het gerecht kan de schorsing gelasten van de uitvoering van de beslissing waarvan nietigverklaring wordt gevraagd mits een zekerheid wordt gesteld. Indien het beroep gegrond is, lost het gerecht de kwestie op door een enkele beslissing tot nietigverklaring van de bestreden beslissing te geven. Een beslissing over een beroep tot nietigverklaring kan op dezelfde wijze worden aangevochten als de bestreden beslissing.

De herzieningsprocedure is geregeld in de artikelen 509 tot en met 513 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering

Een herziening van een beslissing over de grond van de zaak of waarin wordt verwezen naar de grond van de zaak, kan onder andere worden aangevraagd wanneer de betrokken partij in verband met omstandigheden waarop zij geen invloed had, verhinderd was ter terechtzitting te verschijnen en zij het gerecht daarvan in kennis heeft gesteld. De termijn om te verzoeken om herziening bedraagt vijftien dagen, te rekenen vanaf de dag waarop de reden waarom de partij niet kon verschijnen niet meer bestaat. Het gerecht kan de schorsing gelasten van de uitvoering van de beslissing waarvan herziening wordt gevraagd mits een zekerheid wordt gesteld. Indien het gerecht het verzoek tot herziening inwilligt, wijzigt het de bestreden beslissing geheel of gedeeltelijk en, in het geval van een negatieve eindbeslissing, vernietigt het deze beslissing. Tegen een beslissing over een verzoek tot herziening kan beroep worden ingesteld conform de in de wet vastgestelde procedures betreffende herziene beslissingen.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Roemeens

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Indien de executoriale titel een authentieke akte is, ligt de bevoegdheid bij de districtsrechtbank van het district waar de afgever van de akte is gevestigd (artikel 2, lid 2, van artikel I1 van Nooddecreet nr. 119/2006 inzake maatregelen die nodig zijn voor de tenuitvoerlegging van bepaalde communautaire verordeningen vanaf de datum van toetreding van Roemenië tot de EU, aangenomen ‑ met amendementen ‑ bij Wet nr. 191/2007, als gewijzigd).

Laatste update: 17/02/2017

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Slovenië

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Rectificatieprocedure in de zin van artikel 10, lid 2:

  • in Slovenië moet een verzoek om rectificatie worden ingediend bij de instantie die het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel heeft verstrekt (artikel 42 quater, lid 1, van de wet inzake de tenuitvoerlegging en de zekerheidstelling van vorderingen).

Intrekkingsprocedure in de zin van artikel 10, lid 2:

  • beroep tot nietigverklaring krachtens artikel 42 quater, lid 2, van de wet inzake de tenuitvoerlegging en de zekerheidstelling van vorderingen (het gerecht dat of de instantie die het bewijs van waarmerking heeft verstrekt, is bevoegd om het bewijs nietig te verklaren) en krachtens artikel 42 quater, lid 3 (wat betreft het beroep tot nietigverklaring van een definitief bewijs van waarmerking op basis van een officieel document na een beslissing inzake tenuitvoerlegging, is het territoriaal bevoegde gerecht het gerecht dat territoriaal bevoegd is om te beslissen over de toelaatbare wijze van tenuitvoerlegging).

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Heropening van de procedure in de zin van de artikelen 394-405 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

Restitutio in integrum (herstel in de vorige toestand) in de zin van de artikelen 166-120 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

De officiële talen zijn het Sloveens, en de twee nationale minderheidstalen die officieel worden gebruikt bij de gerechten in de gebieden waar de nationale minderheden wonen (de artikelen 6 en 104 van het wetboek burgerlijke rechtsvordering, juncto artikel 15 van de wet inzake de tenuitvoerlegging en de zekerheidstelling van vorderingen). De nationale minderheidstalen zijn het Italiaans en Hongaars.

De etnisch gemengde gebieden zijn omschreven in de wet betreffende de oprichting van gemeenten en de grenzen van gemeenten ("ZUODNO"; Uradni list RS (Staatscourant van de Republiek Slovenië) nr. 108/06 - officiële geconsolideerde tekst en nr. 9/11). Artikel 5 ZUODNO luidt als volgt: "De etnisch gemengde gebieden in de zin van deze wet zijn omschreven in de huidige gemeentelijke verordeningen van Lendava, Hodoš-Šalovci, Moravske Toplice, Koper, Izola en Piran."

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Notarissen.

Een lijst van notarissen kan worden geraadpleegd op: http://www.notar-z.si/poisci-notarja

Laatste update: 26/10/2017

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Slowakije

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Ingevolge artikel 21 van wet nr. 160/2015 (wetboek van burgerlijke rechtsvordering (Civilný sporový poriadok)) is het gerecht dat een beslissing heeft gegeven of het gerecht dat een schikking heeft goedgekeurd of waarbij een schikking is getroffen, bevoegd voor het wijzigen en intrekken van bewijzen van waarmerking. Gerechten rectificeren bewijzen van waarmerking op grond van artikel 224 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Wat artikel 19, lid 1, onder a), van de verordening betreft, zijn Slowaakse gerechten bevoegd om beslissingen te onderzoeken op grond van de artikelen 355 tot en met 457 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering. Wat artikel 19, lid 1, onder b), van de verordening betreft, worden beslissingen door de Slowaakse gerechten onderzocht op grond van artikel 122 van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering (uitzondering op het verstrijken van de termijn).

In de artikelen 355 tot en met 457 worden de beroepsprocedures (beroep, heropening van de procedure en buitengewoon beroep) geregeld. Er zijn afzonderlijke bepalingen inzake de voorwaarden voor de ontvankelijkheid van het beroep, de gegevens die moeten worden opgenomen in het beroepschrift, de door de gerechten te nemen maatregelen en de besluitvorming van gerechten in de beroepsprocedure.

Het wetboek van burgerlijke rechtsvordering kan worden geraadpleegd op: Slov-lex.sk

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

In de Republiek Slowakije is de overeenkomstig artikel 20, lid 2, onder c), van de verordening aanvaarde taal het Slowaaks.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Overeenkomstig artikel 21, lid 2, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering is het regionale gerecht (krajský súd) dat overeenkomstig artikel 62 van wet nr. 97/1963 betreffende het internationaal privaatrecht en procedurevoorschriften, zoals gewijzigd, bevoegd is voor de echtverklaring van gerechtelijke stukken, ook bevoegd voor de afgifte, wijziging of intrekking van bewijzen van waarmerking conform de bijzondere wetgeving betreffende authentieke akten.

Het regionale gerecht is bevoegd voor de echtverklaring van gerechtelijke stukken of de afgifte van een apostille wanneer het gaat om stukken afgegeven door districtsrechtbanken, notarissen of deurwaarders in het rechtsgebied van dat regionale gerecht, of om stukken waarvan de authenticiteit is geverifieerd, of om stukken waarbij de authenticiteit van de handtekening is geverifieerd, of om vertalingen gemaakt door erkende vertalers, of om verslagen opgesteld door deskundigen.

Wet nr. 97/1963 kan worden geraadpleegd op Slov-lex.sk

Laatste update: 08/11/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Finland

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

1.1 De in artikel 10, lid 2, onder a), bedoelde rectificatieprocedure

In § 2 van het door de regering bij het parlement ingediende wetsvoorstel (HE 137/2005) betreffende Verordening (EG) nr. 805/2004 tot invoering van een Europese executoriale titel, is de volgende rectificatieprocedure vastgesteld:

Rectificatie van een materiële fout in het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel

Indien de beslissing, de door een gerecht goedgekeurde schikking, of de authentieke akte ten gevolge van een materiële fout verschilt van het op basis van de verordening verstrekte bewijs van waarmerking, moet het gerecht dat het bewijs heeft verstrekt of een andere instantie op verzoek de fout corrigeren.

Een verzoek om rectificatie kan worden ingediend met behulp van het standaardformulier in bijlage VI bij de verordening. De correctie moet worden aangebracht op het oorspronkelijke bewijs van waarmerking. Indien het oorspronkelijke bewijs van waarmerking niet kan worden gecorrigeerd, moet aan de schuldeiser een nieuw bewijs van waarmerking worden verstrekt. Voorzover mogelijk moet de correctie worden betekend aan de partijen die om een afschrift van het bewijs van waarmerking hebben verzocht. Indien in de zaak beroep is ingesteld moet de correctie aan de beroepsrechter worden betekend.

1.2 De in artikel 10, lid 2, onder b), bedoelde intrekkingsprocedure

In § 3 van het door de regering bij het parlement ingediende wetsvoorstel (HE 137/2005) betreffende Verordening (EG) nr. 805/2004 tot invoering van een Europese executoriale titel, is de volgende intrekkingsprocedure vastgesteld:

Intrekking van het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel

Indien het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel van een beslissing, van een door een gerecht goedgekeurde schikking, of van een authentieke akte in het licht van de in de verordening neergelegde voorschriften kennelijk ten onrechte is verstrekt, moet het gerecht dat het bewijs van waarmerking heeft verstrekt of een andere instantie dit bewijs van waarmerking op verzoek intrekken.

Een verzoek om intrekking kan worden ingediend met behulp van het standaardformulier in bijlage VI bij de verordening. De partijen worden in de gelegenheid gesteld te worden gehoord, tenzij dat kennelijk niet nodig is.

Indien mogelijk wordt de intrekking op het oorspronkelijke bewijs van waarmerking vermeld. Voorzover mogelijk wordt de intrekking betekend aan alle partijen die om een afschrift van het bewijs van waarmerking hebben verzocht. Indien in de zaak beroep is ingesteld moet de intrekking aan de beroepsrechter worden betekend.

De wet treedt in werking op 21 oktober 2005.

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Overeenkomstig artikel 12, lid 1, moeten de minimumnormen van hoofdstuk III van de verordening worden toegepast op beslissingen die als gevolg van het niet verschijnen van de verweerder onder artikel 3, lid 1, onder b) of c), vallen. Overeenkomstig artikel 12, lid 2, is hoofdstuk III ook van toepassing in geval van een in beroep gegeven verstekbeslissing.

Een verstekbeslissing in de zin van artikel 3, lid 1, onder b) of c), kan enkel worden gewaarmerkt als Europese executoriale titel wanneer de schuldenaar overeenkomstig artikel 19, lid 1, onder bepaalde omstandigheden kan verzoeken om heroverweging van de beslissing. Indien de schuldenaar in het kader van een procedure voor de Finse districtsrechtbank (käräjäoikeus) geen stappen onderneemt, zal een verstekbeslissing worden gegeven. De schuldenaar heeft overeenkomstig hoofdstuk 12 §15 van het Wetboek van Rechtsvordering het recht binnen dertig dagen na de verifieerbare betekening van de beslissing te verzoeken om een nieuwe behandeling van de zaak.

Voor de toepassing van deze bepaling is het van geen belang of de schuldenaar daadwerkelijk op de hoogte is van de verstekbeslissing. De termijn van dertig dagen gaat pas in op de datum van de betekening van de verstekbeslissing aan de schuldenaar. De werkingssfeer van deze regel is dus ruimer dan die van de minimumnormen van artikel 19. Daarnaast kunnen ook de buitengewone rechtsmiddelen van hoofdstuk 31 van het Wetboek van Rechtsvordering worden ingesteld tegen verstekbeslissingen, waaronder een beroep wegens een procedurefout (§ 1) en een verzoek om nietigverklaring wegens een materiële onjuistheid (§ 7). Voorts kan ook het buitengewone rechtsmiddel van hoofdstuk 31, § 17 (herstel in de vorige toestand met betrekking tot termijnen) worden ingesteld.

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Voor een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel worden vertalingen in het Fins, het Zweeds of het Engels aanvaard.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

In Finland zijn authentieke akten in de zin van artikel 4, lid 3, onder b), de overeenkomsten inzake onderhoudverplichtingen die worden bekrachtigd en bijgevolg gewaarmerkt door het Sociale Raad van elke stad of gemeente. Voor deze overeenkomsten zullen ook de Sociale Raden een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel verstrekken.

Een lijst van steden en gemeenten in Finland is beschikbaar op de website van het Finse ministerie van Justitie: www.oikeus.fi. De desbetreffende adressen zijn ook beschikbaar op de website van de vereniging van lokale en regionale autoriteiten www.kunnat.net.

Laatste update: 16/08/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Europese executoriale titel - Zweden

1. Procedures voor rectificatie en intrekking (Art. 10(2))

Bewijzen van waarmerking kunnen worden gerectificeerd overeenkomstig artikel 14 van de wet (2014:912) houdende vaststelling van aanvullende bepalingen betreffende de bevoegdheid van rechtbanken en de erkenning en de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van bepaalde beslissingen (artikel 10, lid 1, onder a), van de verordening tot invoering van een Europese executoriale titel).

‘Artikel 14 van de wet (2014:912) houdende vaststelling van aanvullende bepalingen betreffende de bevoegdheid van rechtbanken en de erkenning en de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van bepaalde beslissingen

Indien het bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel ten gevolge van een materiële fout niet overeenstemt met de onderliggende beslissing, authentieke akte of uitspraak, wordt het bewijs van waarneming door het gerecht of de autoriteit van oorsprong gerectificeerd. Tegen een beslissing tot rectificatie kan geen rechtsmiddel ten gronde worden ingesteld.’

Bewijzen van waarmerking kunnen worden ingetrokken overeenkomstig artikel 15 van de wet (2014:912) houdende vaststelling van aanvullende bepalingen betreffende de bevoegdheid van rechtbanken en de erkenning en de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van bepaalde beslissingen (artikel 10, lid 1, onder b), van de verordening tot invoering van een Europese executoriale titel).

‘Artikel 15 van de wet (2014:912) houdende vaststelling van aanvullende bepalingen betreffende de bevoegdheid van rechtbanken en de erkenning en de grensoverschrijdende tenuitvoerlegging van bepaalde beslissingen

Indien een bewijs van waarmerking als Europese executoriale titel is toegekend in strijd met de in de verordening tot invoering van een Europese executoriale titel neergelegde vereisten, wordt het bewijs van waarmerking door het gerecht of de autoriteit van oorsprong ingetrokken.

Alvorens het bewijs van waarmerking wordt ingetrokken, worden de partijen in de gelegenheid gesteld hun zienswijzen kenbaar te maken, tenzij dit niet nodig is.

Tegen een beslissing tot intrekking kan geen rechtsmiddel ten gronde worden ingesteld.’

2. Procedures voor heroverweging (Art.19 (1))

Een verzoek tot heroverweging kan worden ingediend door middel van een beroep (överklagande) overeenkomstig hoofdstuk 50, artikel 1, van het Zweedse Wetboek van Procesrecht (rättegångsbalken), een verzoek tot heropening (återvinning) overeenkomstig hoofdstuk 44, artikel 9, van het Wetboek van Procesrecht, een verzoek tot heropening (återvinning) overeenkomstig artikel 52 van de wet (1990:746) inzake aanmaningen tot betaling en bijstand, een verzoek om verlenging van een niet in acht genomen termijn (återställande av försutten tid) overeenkomstig hoofdstuk 58, artikel 11, van het Wetboek van Procesrecht, of een klacht over een ernstige procedurefout (klagan över domvilla) overeenkomstig hoofdstuk 59, artikel 1, van het Wetboek van Procesrecht (artikel 19 van de verordening tot invoering van een Europese executoriale titel).

‘Hoofdstuk 50, artikel 1, van het Wetboek van Procesrecht

Een partij die tegen een beslissing van een arrondissementsrechtbank (tingsrätt) in een civiele zaak beroep wenst in te stellen, doet dit schriftelijk. Het beroep wordt ingesteld bij de arrondissementsrechtbank. Het moet door de rechtbank binnen drie weken te rekenen vanaf de datum waarop de uitspraak werd gedaan, zijn ontvangen.

Hoofdstuk 44, artikel 9, van het Wetboek van Procesrecht

Een partij tegen welke een beslissing bij verstek is gewezen, kan verzoeken om heropening van de zaak bij de rechtbank waar het geding werd aangespannen, binnen één maand na de datum waarop de beslissing aan hem werd betekend. Indien geen verzoek om heropening wordt ingediend, kan de beslissing niet meer worden betwist in zoverre die gericht is tegen de niet-verschenen partij.

Een verzoek om heropening moet schriftelijk worden ingediend. Indien de beslissing bij verstek werd gegeven zonder inhoudelijke behandeling, moet het verzoek alles bevatten dat van de aanvrager voor deze behandeling wordt verlangd.

Hoofdstuk 58, artikel 11, van het Wetboek van Procesrecht

Indien een persoon de termijn voor het instellen van beroep tegen een beslissing of een uitspraak of voor heropening of herstel van rechten niet in acht heeft genomen, en indien hij daarvoor een geldig excuus had, kan de verstreken termijn op zijn verzoek worden verlengd.

Hoofdstuk 59, artikel 1, van het Wetboek van Procesrecht

Een beslissing die in kracht van gewijsde is gegaan (res judicata), wordt op verzoek van een persoon wiens rechten door de beslissing worden geschaad, vernietigd wegens een ernstige procedurefout:

1. indien de zaak werd overgenomen, ook al bestond er een procedurele belemmering waarmee een hogere rechtbank die een zaak in hoger beroep behandelt, ambtshalve verplicht rekening had moeten houden,

2. indien de beslissing werd gegeven tegen iemand die niet volgens de regels werd gedagvaard en niet ter rechtszitting verscheen, of indien de rechten van een persoon die geen partij in de procedure was door de beslissing worden geschaad,

3. indien de beslissing zo vaag of onvolledig is dat daaruit niet met zekerheid kan worden vastgesteld wat de scheidsrechterlijke uitspraak van de rechtbank ten gronde is, of

4. indien zich tijdens de procedure een andere ernstige procedurefout heeft voorgedaan waarvan kan worden aangenomen dat deze de uitkomst van de zaak heeft beïnvloed.

Een klacht over een ernstige procedurefout als bedoeld in punt 4 hierboven die is gebaseerd op een omstandigheid die niet eerder werd aangevoerd in de zaak, wordt afgewezen, tenzij klager kan aantonen dat hij verhinderd was de omstandigheid in de loop van de procedure aan te voeren of hij een andere geldige reden had om deze niet aan te voeren.

Artikel 52 van de wet (1990:746) inzake aanmaningen tot betaling en bijstand

Indien de verweerder niet tevreden is met de beslissing in een zaak betreffende een aanmaning tot betaling of administratieve bijstand, kan hij verzoeken om heropening van de procedure.’

3. Aanvaarde talen (Art. 20(2)(c))

Voor het invullen van het bewijs van waarmerking aanvaarden wij de volgende talen: het Zweeds en het Engels.

4. Autoriteiten aangeduid voor het waarmerken van authentieke akten (Art. 25)

Indien een Zweedse Sociale Commissie (Socialnämnd) een authentieke akte heeft opgesteld, kan zij de akte ook waarmerken als een Europese executoriale titel.

Laatste update: 26/08/2016

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.