Betekening of kennisgeving van stukken: officiële indiening van documenten

Griekenland
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

1 Wat is de praktische betekenis van de juridische term "betekening en kennisgeving van stukken"? Waarom bestaat er een specifieke regeling voor de "betekening en kennisgeving van stukken"?

“Betekening of kennisgeving” van een stuk is de manier waarop de geadresseerde in kennis wordt gesteld van een document, zodat hij kennis kan nemen van de inhoud. Hierbij moeten een aantal bepalingen van het procesrecht worden gevolgd, waarin is vastgelegd door wie en op welke wijze de betekening of kennisgeving moeten worden verricht, en hoe deze stap schriftelijk moet worden vastgelegd.

2 Welke stukken behoeven formele betekening of kennisgeving?

De documenten waarvan formeel betekening of kennisgeving moet worden gedaan, zijn gerechtelijke stukken betreffende onder meer de rechtsvordering, het verzet tegen een verstekvonnis, het hoger beroep, het cassatieberoep, de herziening, het derdenverzet, het verzet tegen buitengerechtelijke en gerechtelijke stukken, de principale en accessoire tussenkomst, de aanzegging van een proces en de dagvaarding, het verzoek tot het nemen van conservatoire maatregelen, het verzoek tot het verlenen van rechtsbescherming volgens de procedure van de vrijwillige rechtspraak, de oproeping om aanwezig te zijn bij de zittingen, alsmede alle (definitieve en niet-definitieve) gerechtelijke uitspraken.

3 Wie is verantwoordelijk voor de betekening of kennisgeving van een stuk?

De betekening of kennisgeving geschiedt op initiatief van een van de partijen na een schriftelijk verzoek dat onderaan het te betekenen document staat, ingediend door de partij zelf of haar gevolmachtigde, of, op zijn verzoek, door de bevoegde rechter, en indien het een college van rechters betreft, door de voorzitter daarvan (artikel 123 van het Wetboek van burgerlijke rechtsvordering). De betekening of kennisgeving wordt verricht door een gerechtsdeurwaarder die is benoemd door de rechtbank in het arrondissement waarin de geadresseerde op het moment van betekening zijn woon- of verblijfplaats heeft (artikel 122, lid 1, van het WvRV). De betekeningen of kennisgevingen die plaatsvinden op initiatief van de rechtbank, kunnen ook door een deurwaarder in strafzaken van het arrondissement in kwestie of door een Griekse politieagent, een boswachter, dan wel een gemeentesecretaris worden verricht (artikel 122, leden 2 en 3, van het WvRV). In het geval van conservatoire maatregelen geschiedt de kennisgeving van plaats en datum van de zitting door betekening van een door de griffie van de rechtbank opgesteld document waarin plaats, datum en tijdstip van de zitting worden vermeld, of door middel van een uitnodiging door de griffie van de rechtbank per telegram of telefoon. De rechter kan tevens bevelen dat een afschrift van het verzoekschrift tezamen met de dagvaarding wordt betekend (artikel 686, lid 4, WvRV)

4 Vragen

4.1 Gaat de aangezochte autoriteit van deze lidstaat krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken, op eigen initiatief na welke de verblijfplaats is van de persoon voor wie het stuk is bestemd, wanneer deze laatste niet meer verblijft op het adres dat de verzoekende autoriteit bekend is?

Ja.

4.2 Hebben buitenlandse gerechtelijke autoriteiten en/of partijen bij rechtsgedingen toegang tot registers of diensten in deze lidstaat waarmee zij het actuele adres van de betrokken persoon kunnen vaststellen? Zo ja, over welke registers of diensten gaat het en welke procedures moeten worden gevolgd? Welke vergoeding moet worden betaald, in voorkomend geval?

Nee, zij hebben niet direct toegang, zoals ook blijkt uit Verordening (EG) nr. 1206/2001, op grond waarvan justitiële autoriteiten met elkaar moeten communiceren om te kunnen voldoen aan een verzoek tot het traceren van een persoon.

Bovendien moet worden opgemerkt dat alle personen die op het Griekse grondgebied verblijven door de bevoegde kantoren van de burgerlijke stand worden ingeschreven in de gegevensbanken van de gemeenten. De unieke gegevensbank die op nationaal niveau wordt bijgehouden, bevat echter alleen de gegevens van meerderjarige burgers die worden geregistreerd op basis van hun identiteitskaart of paspoort en wordt zo nodig door de gemeenten van het land bijgewerkt.

Een burger heeft er alleen (gratis) toegang toe via de openbare telefoongidsen.

4.3 Hoe behandelen de autoriteiten in deze lidstaat een verzoek op grond van Verordening (EG) nr. 1206/2001 van de Raad van 28 mei 2001 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken, dat als doel heeft het actuele adres van een persoon vast te stellen?

De rechtbank die de zaak in behandeling heeft dient een zoekopdracht in bij de bevoegde politieautoriteiten om de betreffende persoon te traceren.

5 Hoe verloopt de betekening of kennisgeving van een stuk in de praktijk? Kunnen er alternatieve methoden worden gebruikt (andere dan de vervangende betekening of kennisgeving als bedoeld in punt 7)?

De betekening of kennisgeving wordt gewoonlijk verricht door het stuk in persoon aan de geadresseerde te overhandigen (artikel 127, lid 1, WvRV), ongeacht waar deze zich bevindt (artikel 124, WvRV). Indien de betrokken persoon echter een woning, winkel, kantoor of werkplaats heeft in de plaats waar de betekening moet worden verricht, alleen of samen met een ander persoon, of wanneer hij daar werkzaam is als werknemer, medewerker of bediende, kan de betekening slechts met zijn toestemming in een andere plaats worden gedaan (artikel 124, lid 2, WvRV). Ten aanzien van mogelijke alternatieve wijzen, vastgesteld bij besluiten uitgevaardigd op voorstel van de minister van Justitie, Transparantie en Mensenrechten, kunnen stukken ook per post, telegram of telefoon worden betekend, waarbij tegelijkertijd de wijze van betekening en de vastlegging van het bewijs daarvan wordt bepaald (artikel 122, lid 4, WvRV). Een dergelijk besluit is tot op heden nog niet gepubliceerd.

6 Is elektronische betekening of kennisgeving van stukken (betekening of kennisgeving van gerechtelijke of buitengerechtelijke stukken door middel van elektronische communicatiemiddelen op afstand, zoals e-mail, beveiligde toepassingen op het internet, fax, SMS, enz.) toegestaan in civiele procedures? Zo ja, in welke soorten procedures kan deze methode worden gebruikt? Zijn er beperkingen met betrekking tot de beschikbaarheid/toegankelijkheid van deze methode van betekening of kennisgeving van stukken die afhankelijk zijn van de persoon voor wie het stuk is bestemd (beoefenaar van een juridisch beroep, rechtspersoon, vennootschap of andere economische actor, enz.)?

Gerechtelijke stukken kunnen ook elektronisch worden betekend, op voorwaarde dat ze zijn voorzien van een geavanceerde elektronische handtekening. De betekening van een gerechtelijk stuk wordt geacht te zijn verricht indien de afzender een elektronische ontvangstbevestiging van de geadresseerde heeft ontvangen, die is voorzien van een geavanceerde elektronische handtekening en geldt als bericht van betekening (artikel 122, lid 5, WvRV). Er moet echter op worden gewezen dat de mogelijkheid om gerechtelijke stukken elektronisch te betekenen nog afhankelijk is van de goedkeuring van een presidentieel decreet dat zal worden uitgevaardigd op voorstel van de minister van Justitie, Transparantie en Mensenrechten, waarin is bepaald aan welke bijzondere voorwaarden moet worden voldaan. Bovendien zal in een gemeenschappelijk besluit van de minister van Financiën en de minister van Justitie, Transparantie en Mensenrechten worden bepaald op welke wijzen heffingen en zegelrechten voor de elektronische betekening van gerechtelijke stukken moeten worden betaald en geïnd.

7 "Vervangende" betekening of kennisgeving

7.1 Voorziet het recht van deze lidstaat in andere mogelijke methoden van betekening of kennisgeving in gevallen waarin betekening of kennisgeving aan de persoon voor wie het stuk is bestemd, niet mogelijk is (bv. kennisgeving aan het adres, aan het kantoor van een deurwaarder, per post of door aanplakking)?

Indien de geadresseerde niet in zijn woning aanwezig is, wordt het stuk overhandigd aan een van de andere personen die in hetzelfde huis woont, die bewust is van zijn handelingen en die niet als wederpartij bij de zaak betrokken is (artikel 128, lid 1, WvRV).

Indien geen van de in lid 1 genoemde personen in de woning aanwezig is,

a) moet het stuk in aanwezigheid van een getuige op de deur van de woning worden aangeplakt,

b) moet uiterlijk de volgende werkdag na de aanplakking een kopie van het stuk, zonder fiscaal zegel, in persoon worden overhandigd aan het hoofd van het politiebureau of van de politiepost van het arrondissement waarin de woning is gelegen, en bij afwezigheid van het hoofd, aan de dienstdoende officier of onderofficier of aan de wachtdoende agent van de politiepost. In alle gevallen wordt de betekening bevestigd met een ontvangstbevestiging die, zonder fiscaal zegel, onderaan het proces-verbaal van betekening wordt geplaatst;

c) moet de persoon die de betekening verricht, uiterlijk de volgende werkdag, per post een schriftelijk bericht naar de geadresseerde sturen waarin de aard van het betekende stuk, het adres van de woning waar het stuk op de deur is aangeplakt, de datum van aanplakking, de autoriteit aan wie een kopie is overhandigd, evenals de datum van betekening worden vermeld. De persoon die de betekening heeft verricht moet onderaan het proces-verbaal van betekening een ontvangstbevestiging, zonder fiscaal zegel, plaatsen en ondertekenen als bewijs van het feit dat het bericht per post is verstuurd. In de verklaring moet worden vermeld vanaf welk postkantoor het bericht is verzonden, evenals de medewerker die het bericht in ontvangst heeft genomen; deze medewerker moet de verklaring medeondertekenen (artikel 128, lid 4, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening niet in zijn winkel, kantoor of werkplaats aanwezig is, wordt het stuk in persoon overhandigd aan het hoofd van de winkel, het kantoor of de werkplaats, dan wel aan een van de vennoten, medewerkers, werknemers of bedienden, mits zij handelingsbewust zijn en niet als tegenpartij van de geadresseerde van de betekening bij de zaak betrokken zijn (artikel 129, lid 1, WvRV).

Indien geen van de in lid 1 genoemde personen aanwezig is in de winkel, het kantoor of de werkplaats, is artikel 128, lid 4, van het wetboek van burgerlijke rechtsvordering van toepassing (artikel 129, lid 2, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening of de personen genoemd in de artikelen 128 en 129 weigeren het stuk in ontvangst te nemen of het proces-verbaal van betekening te ondertekenen of dat niet kunnen ondertekenen, plakt degene die de betekening verricht het stuk, in aanwezigheid van een getuige, aan op de deur van de woning, het kantoor, de winkel of de werkplaats (art. 130, lid 1, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening geen woning, kantoor, winkel of werkplaats heeft, en ofwel weigert het stuk in ontvangst te nemen, ofwel het proces-verbaal van betekening niet kan of wil ondertekenen, en de weigering van de geadresseerde of zijn onvermogen wordt bevestigd door een getuige die daartoe is aangezocht door degene die de betekening verricht, wordt het proces-verbaal in persoon overhandigd aan de in artikel 128, lid 4, onder b, vermelde personen (art. 130, lid 2, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening is opgenomen in een ziekenhuis of in de gevangenis zit en communicatie met hem niet mogelijk is overeenkomstig de in het proces-verbaal van betekening opgenomen verklaring van de directie van het ziekenhuis of de gevangenis, kan de betekening worden verricht aan de directeur van het ziekenhuis of de gevangenis, die verplicht is het stuk in persoon aan de geadresseerde te overhandigen (artikel 131 van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening werkzaam is op een koopvaardijschip dat in een Griekse haven ligt, en indien hij afwezig is of weigert het stuk in ontvangst te nemen of het proces-verbaal niet wil of kan tekenen, geschiedt de betekening aan de kapitein van het schip of aan zijn plaatsvervanger; indien ook zij afwezig zijn of weigeren het stuk in ontvangst te nemen, wordt de betekening gedaan aan de havenmeester die verplicht is de geadresseerde van de betekening op de hoogte te stellen (artikel 132, lid 1, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening werkzaam is op een koopvaardijschip dat niet in een Griekse haven ligt, wordt de betekening overeenkomstig artikel 128 gedaan aan zijn woning, en indien hij geen woning heeft, geschiedt de betekening overeenkomstig de bepalingen betreffende de betekening aan personen met een onbekende woonplaats. De betekening geschiedt in ieder geval ook aan het kantoor van de eigenaar van het schip in Griekenland, of anders aan het kantoor van de agent van het schip in een Griekse haven, voor zover deze bestaan (artikel 132, lid 2, van het WvRV).

Voor personen die tot een van de volgende categorieën behoren en in actieve dienst zijn bij een legeronderdeel, geldt dat indien de betekening niet in persoon aan de betrokkene, zijn verwanten of bedienden die bij hem inwonen kan worden gedaan, de betekening geschiedt overeenkomstig artikel 128, leden 3 en 4, en

a) voor degenen die in dienst zijn bij de landmacht, aan de chef van de eenheid, post of dienst waartoe de geadresseerde van de betekening behoort. Indien de eenheid, post of dienst onbekend is, geschiedt de betekening aan de chef van de afdeling in kwestie;

b) voor officieren, onderofficieren en matrozen van de marine, aan de chef van generale marinestaf;

c) voor officieren, onderofficieren en piloten van de luchtmacht, aan de chef van generale luchtmachtstaf;

d) voor officieren en onderofficieren van de gemeentepolitie, de rijkspolitie en de havenpolitie, alsmede voor politieagenten, rijkspolitieagenten en agenten van de havenpolitie, aan het hoofd van hun eenheid;

e) voor vuurtoren-, vuurbaak- en semafoorpersoneel, aan de havenmeester van het district waar zij hun werkzaamheden verrichten (artikel 133, lid 1, van het WvRV).

Indien de geadresseerde van de betekening in het buitenland verblijft of is gevestigd, geschiedt de betekening aan de officier van justitie van de rechtbank waar de zaak aanhangig is of zal worden gemaakt of van de rechtbank die de te betekenen uitspraak heeft gedaan, en voor zaken die aanhangig zijn bij het kantongerecht, aan de officier van justitie van de rechtbank van het arrondissement waartoe het gerecht behoort. Voor stukken betreffende de tenuitvoerlegging geschiedt de betekening aan de officier van justitie van de rechtbank in het arrondissement waar de tenuitvoerlegging plaatsvindt, en voor buitengerechtelijke stukken, aan de officier van justitie van de laatste woonplaats of de laatste bekende verblijfplaats van de geadresseerde in het buitenland. Indien de geadresseerde geen bekende woon- of verblijfplaats in het buitenland heeft, geschiedt de betekening aan de officier van justitie van de rechtbank van de hoofdstad (artikel 132, lid 1, van het WvRV). Zodra de officier van justitie het stuk heeft ontvangen, moet hij het binnen een redelijke termijn doorsturen naar de minister van Buitenlandse Zaken, die verplicht is het aan de geadresseerde van de betekening te doen toekomen (artikel 134, lid 3, van het WvRV).

Indien de exacte woon- of verblijfplaats van de geadresseerde van de betekening onbekend is, zijn de bepalingen van artikel 134, lid 1, van toepassing, en moet tegelijkertijd een samenvatting van het betekende gerechtelijk stuk in twee dagbladen worden gepubliceerd. Het ene dagblad moet in Athene worden uitgegeven en het andere in de plaats waar de rechtbank is gezeteld, of het stuk moet, op aanwijzing van de officier van justitie aan wie het document is betekend, worden geplaatst in dagbladen die beide in Athene worden uitgegeven. De samenvatting wordt opgesteld en ondertekend door degene die de betekening verricht en moet de naam en voornaam van de partijen vermelden, de aard van het betekende stuk, het daarin opgenomen verzoek en, indien het een vonnis betreft, het dictum, de rechtbank waar de zaak aanhangig is of zal worden gemaakt, of de ambtenaar die belast is met de tenuitvoerlegging. Indien de geadresseerde van de betekening wordt gedagvaard of wordt gelast een bepaalde handeling te verrichten, moet worden vermeld waar en wanneer hij moet verschijnen, evenals de aard van de handeling (artikel 135, lid 1, van het WvRV). Bovenstaande bepalingen gelden ook in de gevallen waarin het ministerie van Buitenlandse Zaken bevestigt dat het onmogelijk is het stuk door te sturen naar een persoon die in het buitenland verblijft of gevestigd is (artikel 135, lid 3, van het WvRV).

Indien de kantoren of winkels als bedoeld in artikel 128, lid 4, onder b), en de artikelen 131, 132 en 133 gesloten zijn of de in die artikelen vermelde autoriteiten of personen weigeren het betekende stuk in ontvangst te nemen of het proces-verbaal van betekening te ondertekenen, maakt degene die de betekening verricht daarvan proces-verbaal op en overhandigt hij het te betekenen stuk aan de officier van justitie van de rechtbank van het arrondissement waarin de plaats van betekening ligt. De officier van justitie stuurt het stuk vervolgens door naar degene die heeft geweigerd het stuk in ontvangst te nemen of het proces-verbaal te ondertekenen.

7.2 Indien andere methoden worden toegepast: wanneer wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht te hebben plaatsgevonden?

Indien de wijze van betekening bedoeld onder punt 7.1 wordt toegepast voor een persoon die is opgenomen in een ziekenhuis of in de gevangenis zit, een zeevarende, een militair of een persoon die in het buitenland verblijft, wordt het stuk geacht te zijn betekend na overhandiging ervan aan de autoriteiten of personen genoemd onder dat punt, ongeacht het moment waarop het is verzonden en ontvangen (artikel 136, lid 1, van het WvRV).

Indien de wijze van betekening bedoeld onder punt 7.1 wordt toegepast ingeval een persoon niet in zijn woning aanwezig is, en er ook geen meerderjarige verwante huisgenoot aanwezig is, wordt het stuk geacht te zijn betekend nadat het is aangeplakt op de deur van de woning van de geadresseerde, op voorwaarde dat de overige bepalingen genoemd onder punt 7.1 betreffende deze wijze van betekening in acht worden genomen (bijvoorbeeld de overhandiging van het betekende stuk in persoon aan de hoofd van het politiebureau en de verzending per post van het bijbehorende schriftelijke bericht).

7.3 Indien een andere methode van betekening of kennisgeving inhoudt dat de stukken op een bepaalde plaats worden neergelegd (bv. op een postkantoor): hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, daarvan op de hoogte gebracht?

Indien zoals vermeld onder punt 7.1, de wijze van betekening wordt toegepast ingeval een persoon niet in zijn woning aanwezig is, en er ook geen meerderjarige verwante huisgenoot aanwezig is, wordt na aanplakking van het te betekenen stuk op de deur van de woning van de geadresseerde en na overhandiging van een kopie van het document aan de hoofd van het politiebureau, per post een schriftelijk bericht naar de geadresseerde gestuurd waarin de aard van het betekende stuk moet worden vermeld, alsmede het adres van woning waar het stuk op de deur is aangeplakt, de datum van aanplakking, de autoriteit waaraan een kopie is overhandigd en de datum van overhandiging van de kopie.

7.4 Wat zijn de gevolgen wanneer de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, de betekening of kennisgeving weigert? Wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht effectief te hebben plaatsgevonden wanneer de weigering niet rechtmatig was?

Indien zoals vermeld onder punt 7.1, de geadresseerde weigert het stuk in ontvangst te nemen of het proces-verbaal van betekening te ondertekenen, plakt degene die de betekening verricht, het stuk in aanwezigheid van een getuige, aan op de deur van de woning, het kantoor, de winkel of de werkplaats. Na aanplakking van het stuk, wordt de betekening geacht te zijn verricht.

8 Betekening of kennisgeving per post vanuit het buitenland (artikel 14 van de verordening inzake de betekening en de kennisgeving van stukken)

8.1 Indien de post een stuk moet afgeven dat in het buitenland is verzonden aan een persoon in deze lidstaat en waarvoor een ontvangstbevestiging is vereist (artikel 14 van de verordening), levert de post het stuk dan uitsluitend aan de persoon zelf voor wie het stuk is bestemd, of mag hij op grond van de nationale voorschriften inzake postbestelling het stuk ook aan een andere persoon afleveren op hetzelfde adres?

In dat geval overhandigt de postdienst het stuk uitsluitend aan de geadresseerde in persoon.

8.2 Hoe kan de betekening of kennisgeving van stukken uit het buitenland in de zin van artikel 14 van Verordening nr. 1393/2007 krachtens de voorschriften inzake postbestelling van deze lidstaat, plaatsvinden wanneer noch de persoon voor wie het stuk is bestemd, noch een andere persoon (indien mogelijk volgens de nationale voorschriften inzake postbestelling — zie hierboven) op het afleveringsadres werd bereikt?

Ingeval de geadresseerde niet aanwezig is, informeert de postdienst hem schriftelijk dat het betekende stuk gedurende een bepaalde termijn wordt bewaard op het postkantoor en dat hij het binnen die termijn kan afhalen.

8.3 Is er in een specifieke termijn voorzien voor afhaling van de stukken op het postkantoor alvorens de stukken als niet-afgeleverd worden teruggezonden? Zo ja, hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij post kan afhalen op het postkantoor?

Zie het antwoord onder punt 8.2.

9 Is er een schriftelijk bewijs dat de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden?

Degene die de betekening verricht, maakt een proces-verbaal op dat de volgende informatie moet bevatten: a) het verzoek om betekening; b) een duidelijke omschrijving van het betekende stuk en van de betrokken personen; c) de vermelding van de datum en het uur van de betekening; d) vermelding van de persoon aan wie de betekening is gedaan en de wijze waarop de betekening is verricht in geval van afwezigheid of weigering van de geadresseerde of van de personen genoemd in de artikelen 128 tot en met 135, en artikel 138 (artikel 139, lid 1, van het WvRV).

Het proces-verbaal wordt ondertekend door degene die de betekening heeft verricht en door de ontvanger van het stuk, en in geval van weigering of onvermogen van laatstgenoemde, wordt het ondertekend door een daartoe aangezochte getuige (artikel 139, lid 2, van het WvRV).

Degene die de betekening verricht, vermeldt op het betekende stuk de datum en het uur van betekening en ondertekent deze vermelding. Deze vermelding geldt als bewijs voor de persoon ten behoeve van wie de betekening is gedaan. Indien er een verschil bestaat tussen het proces-verbaal van betekening en de vermelding, heeft het proces-verbaal voorrang (artikel 139, lid 3, du WvRV).

Het proces-verbaal van artikel 139 wordt opgemaakt in twee exemplaren, waarvan het ene exemplaar wordt overhandigd aan degene die het verzoek om betekening heeft gedaan, en het andere exemplaar wordt, zonder fiscaal zegel, bewaard door degene die de betekening heeft verricht. De betekening wordt beknopt vermeld in een speciaal boek dat wordt bijgehouden door degene die de betekening heeft gedaan (artikel 140, lid 1, van het WvRV).

De gerechtsdeurwaarder dient op verzoek kopieën van de originele stukken in zijn archief te verstrekken aan degene die om de betekening heeft verzocht, aan de geadresseerde, en aan eenieder die ter zake een legitiem belang heeft, indien de voorzitter van de rechtbank van het arrondissement waar de betekening heeft plaatsgevonden, daarmee instemt door middel van een vermelding op het verzoek (art. 140, lid 2, van het WvRV).

10 Wat zijn de gevolgen indien er iets misloopt en de persoon voor wie het stuk is bestemd, het stuk niet ontvangt of indien de betekening of kennisgeving onrechtmatig plaatsvindt (bv. omdat de betekening of kennisgeving aan een derde werd verricht)? Kan de betekening of kennisgeving toch geldig zijn (bv. kan een onrechtmatigheid ongedaan worden gemaakt) of moet deze worden overgedaan?

Indien een partij een termijn niet in acht heeft kunnen nemen als gevolg van overmacht of bedrog door de wederpartij (zoals een ongeldige betekening door de gerechtsdeurwaarder of het feit dat de persoon die het document in ontvangst heeft genomen, opzettelijk nalaat de andere partij daarvan op de hoogte te stellen), heeft zij het recht te vorderen dat de zaken in de eerdere toestand worden teruggebracht (artikel 152, lid 1, van het WvRV), met inachtneming van een termijn van dertig dagen vanaf de dag waarop de belemmering is opgeheven waarin de overmacht bestond, of waarop kennis is genomen van het bedrog (art. 153 van het WvRV).

Een persoon die bij verstek is veroordeeld, heeft, indien hij helemaal niet, niet op rechtsgeldige wijze of binnen de gestelde termijn is gedagvaard, het recht om verzet aan te tekenen tegen de gewezen beslissing; indien de betrokkene in Griekenland woont, dient het verzet te worden aangtekend binnen een termijn van vijftien dagen na betekening van de beslissing; indien zijn verblijfplaats niet bekend is of indien hij in het buitenland verblijft, geldt een termijn van zestig dagen na de laatste publicatie van de in artikel 135, lid 1, bedoelde samenvatting van het proces-verbaal van betekening van de beslissing (artikel 501 en artikel 503, leden 1 en 2, van het WvRV).

Indien een partij de wederpartij bij het proces heeft gedagvaard als zijnde een persoon met een onbekende verblijfplaats, terwijl zij die verblijfplaats wel kende, mag de wederpartij bij een volledig of gedeeltelijk verlies van het proces, verzoeken om herziening van de gewezen beslissing; indien deze partij in Griekenland verblijft, dient dit binnen een termijn van zestig dagen te geschieden, en indien haar verblijfplaats onbekend is of indien zij in het buitenland verblijft, binnen een termijn van honderdtwintig dagen na betekening van de bestreden beslissing. Indien de beslissing niet is betekend, geldt er een termijn van drie jaar na publicatie van de bestreden beslissing als deze in kracht van gewijsde is gegaan of er geen rechtsmiddelen meer tegen openstaan, zo niet vanaf de dag dat zij in kracht van gewijsde is gegaan (artikel 538, artikel 544, lid 9, en artikel 545, leden 1, 2, 3 en 5 van het WvRV).

11 Moet er voor de betekening of kennisgeving worden betaald, en zo ja, hoeveel?

De kosten van de betekening worden vooraf betaald door degene die om de betekening verzoekt (artikel 173, leden 1 en 3, van het WvRV).

De partij die het proces verliest, wordt ook veroordeeld tot betaling van de proceskosten (artikel 176 en 189, lid 1, van het WvRV). De hoogte van het bedrag hangt af van de plaats en de aard van de betekening. De kosten voor de betekening bedragen minimaal 23 euro indien de betekening moet worden gedaan aan een persoon die woont of verblijft in de plaats waar de gerechtsdeurwaarder is gevestigd.

Laatste update: 16/12/2016

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website