Betekening of kennisgeving van stukken: officiële indiening van documenten

Frankrijk
Inhoud aangereikt door
European Judicial Network
Europees justitieel netwerk (in burgerlijke en handelszaken)

1 Wat is de praktische betekenis van de juridische term "betekening en kennisgeving van stukken"? Waarom bestaat er een specifieke regeling voor de "betekening en kennisgeving van stukken"?

De betekening is een vorm van kennisgeving.

In artikel 651 van de Code de procédure civile (het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering; "BRv.") wordt het volgende bepaald: "De processtukken worden ter kennis van de betrokkenen gebracht door de kennisgeving die daarvan wordt gedaan".

De kennisgeving kan de vorm aannemen van een "betekening", dat wil zeggen worden gedaan bij akte van een gerechtsdeurwaarder (lid 2) of worden gedaan zonder interventie van een gerechtsdeurwaarder, op niet-formele wijze.

Om geldig te zijn moet de betekening voldoen aan strikte algemene voorwaarden betreffende de toegestane uren en dagen en aan vormvoorschriften, zoals vastgesteld in de artikelen 653 en volgende van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering.

  • Link naar de bepalingen van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering betreffende kennisgevingen en betekeningen: klik HIER

2 Welke stukken behoeven formele betekening of kennisgeving?

Alle belangrijke processtukken moeten ter kennis worden gebracht aan de wederpartij. Via een processtuk kan een gerechtelijke procedure worden ingeleid, een procedure worden gevoerd, een procedure worden opgeschort of beëindigd, of een beslissing worden uitgevoerd (voorbeeld: dagvaarding, conclusie, memorie, betekening van een beslissing).

Het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering bevat een gemengde regeling voor de betekening van processtukken: de kennisgeving kan steeds gebeuren door betekening (artikel 651, lid 3, BRv.), zelfs indien in de wet een andere vorm is vastgesteld. Als de wet daarentegen de betekening verplicht stelt, is gebruikmaking van een andere vorm onregelmatig.

3 Wie is verantwoordelijk voor de betekening of kennisgeving van een stuk?

De gerechtsdeurwaarders hebben het monopolie op de betekening. Zij zijn de enige lasthebbers die gemachtigd zijn om betekeningen te doen. Bij de uitoefening van hun monopolie hebben zij de mogelijkheid om een beroep te doen op beëdigde klerken, voor wie zij burgerlijk aansprakelijk blijven.

De kennisgeving van de stukken op niet-formele wijze kan worden gedaan door iedere persoon, die in de kennisgeving zijn namen en voornamen of de handelsnaam en zijn woonplaats of maatschappelijke zetel moet vermelden (artikel 665 BRv.). De kennisgeving kan eveneens gebeuren op initiatief van de griffie van een gerecht (in sommige gevallen voor de oproeping voor een zitting of de kennisgeving van een beslissing).

4 Vragen

4.1 Gaat de aangezochte autoriteit van deze lidstaat krachtens Verordening (EG) nr. 1393/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 13 november 2007 inzake de betekening en de kennisgeving in de lidstaten van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke of in handelszaken, op eigen initiatief na welke de verblijfplaats is van de persoon voor wie het stuk is bestemd, wanneer deze laatste niet meer verblijft op het adres dat de verzoekende autoriteit bekend is?

Wanneer een Franse overheidsinstantie (openbaar ministerie of gerechtsdeurwaarder) wordt verzocht om een stuk afkomstig uit het buitenland ter kennis te brengen en het vaststaat dat de persoon niet meer op het aangegeven adres woont, staat het aan die overheid om de noodzakelijke stappen te ondernemen om het juiste adres van de woonplaats van de betrokkene op te sporen.

Daartoe heeft het openbaar ministerie toegang tot verschillende registers, met name dat van de sociale zekerheid. De meegedeelde gegevens hebben betrekking op het adres van de schuldenaar, het adres van zijn werkgever en de instellingen bij wie een rekening is geopend op naam van de schuldenaar, met uitsluiting van alle andere gegevens.

In het kader van een burgerlijke tenuitvoerleggingsprocedure voorziet artikel L. 152-1 van de code des procédures civiles d'exécution (wetboek van burgerlijke tenuitvoerleggingsprocedures) bovendien in de directe toegang van gerechtsdeurwaarders tot de informatie die in het bezit is van de administraties of diensten van de staat en van instanties en ondernemingen en organen die onder het toezicht staan van de administratie.

4.2 Hebben buitenlandse gerechtelijke autoriteiten en/of partijen bij rechtsgedingen toegang tot registers of diensten in deze lidstaat waarmee zij het actuele adres van de betrokken persoon kunnen vaststellen? Zo ja, over welke registers of diensten gaat het en welke procedures moeten worden gevolgd? Welke vergoeding moet worden betaald, in voorkomend geval?

Met uitzondering van de inlichtingen die openbaar zijn (bijvoorbeeld een telefoonboek), hebben de buitenlandse gerechtelijke autoriteiten of de partijen bij een gerechtelijke procedure geen toegang tot de registers die persoonsgegevens bevatten, zoals bijvoorbeeld het adres van de schuldenaar.

Een dergelijke toegang kan in het Franse recht slechts worden gewaarborgd in het kader van een burgerlijke tenuitvoerleggingsprocedure of, in het kader van een gerechtelijke procedure, op beslissing van het gerecht (zie vraag 1.3.).

4.3 Hoe behandelen de autoriteiten in deze lidstaat een verzoek op grond van Verordening (EG) nr. 1206/2001 van de Raad van 28 mei 2001 betreffende de samenwerking tussen de gerechten van de lidstaten op het gebied van bewijsverkrijging in burgerlijke en handelszaken, dat als doel heeft het actuele adres van een persoon vast te stellen?

Geen enkele bepaling van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering kan beletten dat een beroep wordt gedaan op Verordening (EG) nr. 1206/2001 om het adres van een persoon te vinden. Niettemin moet voormelde verordening de bepalingen van dat wetboek in acht nemen. Volgens het Franse recht heeft de burgerlijke rechter evenwel geen directe toegang tot de bevolkingsregisters, zoals wel het geval is in andere lidstaten. Bijgevolg zou het beroep op Verordening (EG) nr. 1206/2001 mogelijk kunnen zijn in het geval waarin een derde een document zou bezitten dat het adres van de betrokkene bevat. In dat geval en overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 138 en volgende van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering zou de rechter die derde kunnen bevelen om het document in kwestie over te leggen, met dien verstande dat die derde daaraan een rechtmatige verhindering kan tegenwerpen (bv. beroepsgeheim van de advocaat).

5 Hoe verloopt de betekening of kennisgeving van een stuk in de praktijk? Kunnen er alternatieve methoden worden gebruikt (andere dan de vervangende betekening of kennisgeving als bedoeld in punt 7)?

De kennisgeving op niet-formele wijze wordt gedaan in een gesloten enveloppe of omslag (artikel 667 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering) per post of door overhandiging met ontvangstbewijs of kanttekening. De kennisgeving moet alle vermeldingen bevatten met betrekking tot de namen en voornamen of de handelsnaam van de persoon van wie zij uitgaat, alsook diens woonplaats of maatschappelijke zetel. De kennisgeving moet de persoon van de geadresseerde aanduiden (artikel 665 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering). Die verschillende vermeldingen zijn voorgeschreven op straffe van nietigheid van de kennisgeving (artikel 693 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

Wanneer de geadresseerde een natuurlijke persoon is, wordt de kennisgeving gedaan op de plaats waar hij verblijft of op om het even welke plaats indien de overhandiging gebeurt aan de persoon of op de gekozen woonplaats indien de wet dat toestaat of oplegt. Indien de betrokkene een rechtspersoon is, wordt de kennisgeving gedaan op de plaats van zijn vestiging of, bij gebreke daarvan, aan de persoon van een van zijn leden die gemachtigd is om die te ontvangen.

Voor hij die de kennisgeving verricht, is de datum die van de verzending van de brief, die voorkomt op het stempel van het kantoor van verzending. Voor hij aan wie de kennisgeving wordt gedaan, is de datum die van de ontvangst van de brief. Indien het een aangetekende brief met ontvangstbewijs betreft, komt die datum overeen met de datum die door de postadministratie is aangebracht bij de overhandiging van de brief aan de geadresseerde ervan.

De kennisgeving tussen advocaten is van toepassing wanneer een advocaat een stuk ter kennis van zijn confrater moet brengen (de artikelen 671 tot 673 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering). De kennisgeving gebeurt steeds in het Paleis, op twee wijzen: de betekening (die de interventie van een gerechtsdeurwaarder vereist, die zijn stempel en zijn handtekening aanbrengt op het stuk en het afschrift ervan) of de directe kennisgeving (die gebeurt door overhandiging van het stuk in twee exemplaren aan de advocaat-geadresseerde, waarbij die laatste een van de exemplaren gedateerd en ondertekend teruggeeft aan de overhandiger).

De betekeningen gebeuren door de gerechtsdeurwaarders in het rechtsgebied van de tribunal de grande instance van hun woonplaats. Behoudens toelating van de rechter kan in de praktijk geen betekening gebeuren buiten de werkdagen, noch vóór zes uur en na eenentwintig uur. Artikel 663 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering somt een aantal vermeldingen op die moeten voorkomen op de twee originele exemplaren van de gerechtsdeurwaardersakten, waarbij elke onregelmatigheid leidt tot de nietigheid van de betekening (artikel 693 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering). De betekening moet worden gedaan aan de persoon en wanneer die vorm niet mogelijk is, moet ze gebeuren op de woonplaats of verblijfplaats. Indien niet is voldaan aan de voorwaarden voor de verwezenlijking van die tweede wijze, gebeurt de betekening door verzending naar de geadresseerde van een proces-verbaal (betekening ten kantore).

6 Is elektronische betekening of kennisgeving van stukken (betekening of kennisgeving van gerechtelijke of buitengerechtelijke stukken door middel van elektronische communicatiemiddelen op afstand, zoals e-mail, beveiligde toepassingen op het internet, fax, SMS, enz.) toegestaan in civiele procedures? Zo ja, in welke soorten procedures kan deze methode worden gebruikt? Zijn er beperkingen met betrekking tot de beschikbaarheid/toegankelijkheid van deze methode van betekening of kennisgeving van stukken die afhankelijk zijn van de persoon voor wie het stuk is bestemd (beoefenaar van een juridisch beroep, rechtspersoon, vennootschap of andere economische actor, enz.)?

Artikel 748-1 BRv. bepaalt dat de verzendingen, overhandigingen en kennisgevingen van de procestukken, stukken, adviezen, verwittigingen of oproepingen, verslagen, processen-verbaal en afschriften en uitgiften die zijn voorzien van de formule van tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen onder bepaalde voorwaarden elektronisch kunnen worden verricht.

De invoering van nieuwe technologieën in de openbare dienst justitie heeft geleid tot de verduidelijking van de voorwaarden voor de betekening langs elektronische weg, verricht door de gerechtsdeurwaarders.

De kennisgeving tussen advocaten kan ook worden verricht door het Réseau Privé Virtuel des Avocats (RPVA) (virtueel privénetwerk van de advocaten), dat eveneens wordt gebruikt voor procedurele uitwisselingen tussen advocaten en gerechten.

In principe bieden de technische besluiten, die de concrete voorwaarden bevatten voor de elektronische uitwisselingen, de mogelijkheid van elektronische communicatie slechts aan bepaalde beroepsbeoefenaars, met name advocaten en gerechtsdeurwaarders.

Elektronische communicatie is mogelijk voor de meeste gerechten (tribunaux de grande instance, rechtbanken van koophandel, hoven van beroep, Hof van Cassatie, kantongerechten in beperktere gevallen).

In welbepaalde gevallen en onder welbepaalde voorwaarden kunnen bepaalde stukken uitgaande van de griffie (zittingsberichten of, voor bepaalde rechtspersonen, oproepingen) per e-mail aan een partij worden gestuurd (de artikelen 748-8 et 748-9 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

In alle gevallen moet de geadresseerde van het stuk uitdrukkelijk instemmen met het gebruik van elektronische communicatie.

7 "Vervangende" betekening of kennisgeving

7.1 Voorziet het recht van deze lidstaat in andere mogelijke methoden van betekening of kennisgeving in gevallen waarin betekening of kennisgeving aan de persoon voor wie het stuk is bestemd, niet mogelijk is (bv. kennisgeving aan het adres, aan het kantoor van een deurwaarder, per post of door aanplakking)?

Indien de kennisgeving mislukt, moet er worden overgegaan tot betekening.

De betekening wordt gedaan "ofwel op de woonplaats, ofwel, bij gebrek aan gekende woonplaats, op de verblijfplaats". De gerechtsdeurwaarder moet dus alle nuttige opzoekingen doen om de woonplaats van de geadresseerde op te sporen voordat hij het stuk overhandigt op de verblijfplaats.

Wanneer de geadresseerde van de akte een gekende woonplaats of verblijfplaats heeft en de gerechtsdeurwaarder hem daar niet vindt, kan hij slechts een geldige betekening doen door een afschrift van het stuk te overhandigen aan elke persoon die aanwezig is op de woonplaats of verblijfplaats. Wanneer het stuk aan niemand wordt overhandigd, moeten verschillende formele handelingen worden verricht om de belangen van de geadresseerde te beschermen: bepaalde vermeldingen moeten voorkomen op het afschrift dat wordt overhandigd onder gesloten omslag en er moet per gewone brief een bericht worden verstuurd naar de betrokkene.

Wanneer de geadresseerde van het stuk geen gekende woonplaats, verblijfplaats of werkplaats heeft, kan de gerechtsdeurwaarder het stuk geldig neerleggen in zijn kantoor. Daartoe stelt hij een proces-verbaal op waarin hij nauwkeurig vermeldt wat hij heeft ondernomen om de betrokkene te zoeken. Dezelfde dag of ten laatste de eerstvolgende werkdag moet hij aan de geadresseerde, op diens laatste gekende adres, een afschrift versturen van het proces-verbaal en van het stuk dat het voorwerp uitmaakt van de betekening, per aangetekende brief met ontvangstbewijs. Dezelfde dag bericht de gerechtsdeurwaarder de geadresseerde per gewone brief over de uitvoering van die formele handeling.

7.2 Indien andere methoden worden toegepast: wanneer wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht te hebben plaatsgevonden?

De betekening wordt geacht te hebben plaatsgevonden op de dag waarop zij wordt gedaan aan de persoon, op de woonplaats of op de verblijfplaats. Aangezien de betekening door overhandiging ten kantore is gedaan "op de woonplaats", is het het bericht van aanbieden dat de datum van de betekening geeft, niet de overhandiging van het afschrift ten kantore. De regels voor de bepaling van de datum van de betekening zijn van toepassing, zelfs indien er een bericht moet worden verzonden.

7.3 Indien een andere methode van betekening of kennisgeving inhoudt dat de stukken op een bepaalde plaats worden neergelegd (bv. op een postkantoor): hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, daarvan op de hoogte gebracht?

Indien de geadresseerde afwezig is wanneer de postbode een aangetekende brief met ontvangstbewijs aanbiedt, wordt hij door het bericht van aanbieden op de hoogte gebracht dat hij het afschrift van het stuk binnen een bepaalde termijn kan afhalen op het postkantoor.

Indien de gerechtsdeurwaarder de zekerheid heeft dat het adres op het te betekenen stuk juist is maar hij het stuk niet aan de persoon kan overhandigen, laat hij in de brievenbus een bericht van aanbieden achter waarin de geadresseerde wordt uitgenodigd om het afschrift van het stuk af te halen in zijn kantoor (artikel 656 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering).

7.4 Wat zijn de gevolgen wanneer de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, de betekening of kennisgeving weigert? Wordt de betekening of kennisgeving van de stukken geacht effectief te hebben plaatsgevonden wanneer de weigering niet rechtmatig was?

De toestemming van de betrokkene, die de geadresseerde van het stuk is, is geen voorwaarde voor de overhandiging van dat stuk aan die persoon, zodat, indien de geadresseerde van het stuk het hem door de gerechtsdeurwaarder aangeboden stuk niet wil ontvangen, de betekening niettemin is gedaan aan de persoon van de betrokkene. Het zou immers onmogelijk zijn voor de gerechtsdeurwaarder om de geadresseerde te dwingen om het stuk aan te nemen indien die dat weigert; het volstaat dat de gerechtsdeurwaarder het afschrift achterlaat bij de geadresseerde wanneer hij hem bij hem thuis heeft aangetroffen. De betekening is dus geldig, zelfs indien de gerechtsdeurwaarder, wanneer de geadresseerde het afschrift heeft geweigerd, het heeft neergelegd op een meubel (hof van beroep van Parijs, 12 december 1906, S. 1907. 2.109).

8 Betekening of kennisgeving per post vanuit het buitenland (artikel 14 van de verordening inzake de betekening en de kennisgeving van stukken)

8.1 Indien de post een stuk moet afgeven dat in het buitenland is verzonden aan een persoon in deze lidstaat en waarvoor een ontvangstbevestiging is vereist (artikel 14 van de verordening), levert de post het stuk dan uitsluitend aan de persoon zelf voor wie het stuk is bestemd, of mag hij op grond van de nationale voorschriften inzake postbestelling het stuk ook aan een andere persoon afleveren op hetzelfde adres?

In het kader van de kennisgevingen per post mag de persoon die belast is met het afleveren van de brief met ontvangstbewijs die in principe enkel afleveren aan de persoon voor wie die is bestemd, behalve indien de geadresseerde een derde heeft gemachtigd om dergelijke stukken te ontvangen.

8.2 Hoe kan de betekening of kennisgeving van stukken uit het buitenland in de zin van artikel 14 van Verordening nr. 1393/2007 krachtens de voorschriften inzake postbestelling van deze lidstaat, plaatsvinden wanneer noch de persoon voor wie het stuk is bestemd, noch een andere persoon (indien mogelijk volgens de nationale voorschriften inzake postbestelling — zie hierboven) op het afleveringsadres werd bereikt?

Indien het stuk waarop de kennisgeving per post betrekking heeft, de geadresseerde van het stuk, of een persoon die gemachtigd is om de brieven met ontvangstbewijs te ontvangen, niet heeft kunnen bereiken, is de kennisgeving niet regelmatig en moet zij opnieuw worden gedaan, door middel van betekening door een gerechtsdeurwaarder.

8.3 Is er in een specifieke termijn voorzien voor afhaling van de stukken op het postkantoor alvorens de stukken als niet-afgeleverd worden teruggezonden? Zo ja, hoe wordt de persoon voor wie de stukken zijn bestemd, op de hoogte gebracht van het feit dat hij of zij post kan afhalen op het postkantoor?

Wanneer de persoon die belast is met het afleveren van de brief met ontvangstbewijs zich heeft aangeboden aan de woonplaats van de geadresseerde van het stuk zonder dat die persoon (of de persoon die gemachtigd is om aangetekende brieven met ontvangstbewijs te ontvangen) aanwezig was, laat de postbode een bericht van aanbieden achter in de brievenbus van de betrokkene. Dat bericht van aanbieden vermeldt dat de brief ter beschikking is van de betrokkene op het postkantoor en dat hij die kan afhalen binnen een termijn van twee weken. Indien de betrokkene de brief niet afhaalt binnen die termijn, wordt de brief teruggezonden naar de afzender.

9 Is er een schriftelijk bewijs dat de betekening of kennisgeving heeft plaatsgevonden?

Wanneer de kennisgeving wordt gedaan per aangetekende brief met ontvangstbewijs, overhandigt de postbode de omslag aan de geadresseerde tegen kanttekening op het ontvangstbewijs. Dat laatste wordt naar de afzender verzonden als bewijs van de overhandiging van het stuk. Wanneer de geadresseerde de omslag niet heeft afgehaald op het postkantoor of wanneer het adres bijvoorbeeld onjuist is, ontvangt de afzender eveneens, bij het verstrijken van een termijn van twee weken volgend op het bericht van aanbieden, het ontvangstbewijs waarop wordt vermeld dat de overhandiging niet is gelukt.

Wanneer de akte wordt betekend, vermeldt de gerechtsdeurwaarder op het proces-verbaal van betekening wat hij heeft ondernomen voor het goede verloop van de betekening conform artikel 655 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering, waarvan lid 2 het volgende bepaalt: "de gerechtsdeurwaarder moet in de akte vermelden wat hij heeft ondernomen om de betekening aan de persoon van de geadresseerde te verrichten alsook de omstandigheden die een dergelijke betekening onmogelijk hebben gemaakt".

De gerechtsdeurwaarder vermeldt dus in het proces-verbaal aan welke persoon hij het stuk heeft kunnen overhandigen en brengt zijn lastgever daarvan op de hoogte.

10 Wat zijn de gevolgen indien er iets misloopt en de persoon voor wie het stuk is bestemd, het stuk niet ontvangt of indien de betekening of kennisgeving onrechtmatig plaatsvindt (bv. omdat de betekening of kennisgeving aan een derde werd verricht)? Kan de betekening of kennisgeving toch geldig zijn (bv. kan een onrechtmatigheid ongedaan worden gemaakt) of moet deze worden overgedaan?

De stukken moeten in principe ter kennis worden gebracht aan de persoon. Niettemin maakt het feit dat zij ter kennis worden gebracht aan derden de kennisgeving niet noodzakelijk onregelmatig, onder bepaalde voorwaarden.

Conform artikel 670 van het Franse wetboek van burgerlijke rechtsvordering wordt de kennisgeving per aangetekende brief met ontvangstbewijs geacht te zijn gebeurd op de woonplaats of verblijfplaats wanneer het ontvangstbewijs wordt ondertekend door een persoon die daartoe over een volmacht beschikt. Een dergelijke kennisgeving kan gevolgen hebben voor de kwalificatie van de beslissing (een beslissing op tegenspraak dan wel een beslissing bij verstek indien de persoon niet aanwezig is), maar ze is daarom niet minder regelmatig.

In de andere gevallen, dat wil zeggen indien het adres van de kennisgeving per aangetekende brief onjuist is of indien de geadresseerde de omslag niet heeft afgehaald op het postkantoor, moet de griffier van het gerecht de partij uitnodigen om tot betekening over te gaan, overeenkomstig artikel 670-1 van hetzelfde wetboek. Door die handelwijze kan de kennisgeving van het stuk worden geregulariseerd.

De gerechtsdeurwaarder kan het stuk ook overhandigen aan een andere persoon dan de geadresseerde ervan, bijvoorbeeld aan een familielid dat aanwezig is op de woonplaats. In dat geval wordt een afschrift van het stuk achtergelaten bij de derde, onder afgestempelde omslag, en vermeldt de gerechtsdeurwaarder in het proces-verbaal van betekening de naam van de persoon die het stuk heeft ontvangen (de artikelen 655 en 657 van hetzelfde wetboek).

Indien de gerechtsdeurwaarder heeft kunnen nagaan dat de geadresseerde wel degelijk op het aangegeven adres verblijft, kan hij eveneens een bericht van aanbieden achterlaten in de brievenbus, waarin de geadresseerde wordt uitgenodigd om de omslag af te halen in zijn kantoor. In dat geval is de betekening regelmatig en wordt die geacht te zijn gedaan op de woonplaats, met de gevolgen die reeds werden vermeld met betrekking tot de kwalificatie van de beslissing (artikel 656 van hetzelfde wetboek).

Tot slot kan de vrijwillige aanwezigheid van de verweerder op de terechtzitting voor het kantongerecht, de rechtbank van koophandel en de conseil de prud'hommes ertoe leiden dat de onregelmatige kennisgeving of betekening van het gedinginleidende stuk buiten beschouwing wordt gelaten wanneer de partijen daarmee instemmen (Soc. 16 mei 1990).

Buiten die gevallen heeft het onregelmatig betekende of ter kennis gebrachte stuk geen waarde en kan het geen enkel recht doen ontstaan. Het kan met name geen beroepstermijn doen ingaan.

11 Moet er voor de betekening of kennisgeving worden betaald, en zo ja, hoeveel?

De kosten voor kennisgeving van een stuk per aangetekende brief zijn gelijk aan de kosten van de aangetekende zending, namelijk 5,10 EUR voor een brief van maximaal 20 gram, verzonden vanuit Frankrijk en met als bestemming Frankrijk (tarief per 1 april 2017).

De kosten voor gerechtsdeurwaardersakten worden bepaald volgens een besluit van 26 februari 2016 tot vaststelling van de gereglementeerde tarieven van de gerechtsdeurwaarders. De kosten voor een betekening variëren naargelang van de aard van het stuk en de in het geding zijnde bedragen, maar bedragen meestal minder dan 50 EUR.

Laatste update: 21/11/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken EJN-contactpunten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. Het EJN en de Commissie aanvaarden geen enkele verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid voor informatie of gegevens in dit document of waarnaar in dit document wordt verwezen. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website