Mutual recognition of protection measures in civil matters

National information concerning Regulation No. 606/2013

General information

The Regulation (EU) No. 606/2013 on mutual recognition of protection measures in civil matters sets up a mechanism allowing for a direct recognition of protection orders issued as a civil law measure between Member States.

Thus if you benefit from a civil law protection order issued in the Member State of your residence you may invoke it directly in other Member States by presenting a certificate to competent authorities certifying your rights.

The Regulation applies as of 11 January 2015.

Please select the relevant country's flag to obtain detailed national information.

More information on mutual recognition of protection measures can be found on the dedicated page.

Last update: 19/02/2019

This page is maintained by the European Commission. The information on this page does not necessarily reflect the official position of the European Commission. The Commission accepts no responsibility or liability whatsoever with regard to any information or data contained or referred to in this document. Please refer to the legal notice with regard to copyright rules for European pages.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - België

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Afhankelijk van het onderwerp van de zaak waarin een beschermingsmaatregel wordt gevraagd zijn bevoegd om een beschermingsmaatregel te gelasten: de Familierechtbank, de Arbeidsrechtbank of het Openbaar Ministerie met een a posteriori controle door de Familierechtbank of de Jeugdrechtbank.

De hoofdgriffier van de rechtbank die de beschermingsmaatregel heeft uitgesproken of in voorkomend geval het Openbaar Ministerie, is bevoegd voor de afgifte van het certificaat.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Het Openbaar Ministerie van de plaats waar de beschermde persoon ingeschreven is of zal zijn in het bevolkingsregister, of zijn of haar gewone verblijfplaats heeft of zal hebben.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

Het Openbaar Ministerie van de plaats waar de beschermde persoon ingeschreven is of zal zijn in het bevolkingsregister, of zijn of haar gewone verblijfplaats heeft of zal hebben; beroep tegen deze aanpassing is, overeenkomstig Artikel 11 (5) mogelijk voor de rechtbank van eerste aanleg.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

De rechtbank van eerste aanleg.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Afhankelijk van de officiële talen van de plaats van tenuitvoerlegging overeenkomstig het Belgische nationale recht worden voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen het Frans, het Nederlands en/of het Duits aanvaard.

Laatste update: 21/02/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Bulgarije

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Het kantongerecht van de plaats waar de benadeelde partij haar vaste of actuele verblijfplaats heeft, is bevoegd om beschermingsmaatregelen te gelasten (artikel 7 van de wet betreffende de bescherming tegen huiselijk geweld).

Het kantongerecht dat de zaak heeft behandeld, is ook bevoegd om op schriftelijk verzoek van de beschermde persoon het in artikel 5 van Verordening (EU) nr. 606/2013 bedoelde certificaat af te geven (artikel 26, lid 1, van de wet betreffende de bescherming tegen huiselijk geweld).

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Een persoon die krachtens een in een EU-lidstaat gelaste maatregel bescherming geniet, kan de stadsrechtbank van Sofia verzoeken om die bescherming te gelasten voor het Bulgaarse grondgebied (artikel 23 van de wet betreffende de bescherming tegen huiselijk geweld).

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en het openbaar ministerie zijn bevoegd om dergelijke maatregelen ten uitvoer te leggen.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De stadsrechtbank van Sofia is bevoegd.

De rechtbank gaat na of de maatregel ten uitvoer kan worden gelegd met de middelen die krachtens het Bulgaars recht beschikbaar zijn. Wanneer dat niet mogelijk is, gelast de rechtbank een vervangende beschermingsmaatregel overeenkomstig het Bulgaars recht (artikel 24, lid 2, van de wet betreffende de bescherming tegen huiselijk geweld).

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Op verzoek van de persoon die het risico veroorzaakt, spreekt de stadsrechtbank van Sofia zich uit over de weigering van erkenning of tenuitvoerlegging van een beschermingsmaatregel (artikel 25 van de wet betreffende de bescherming tegen huiselijk geweld).

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Bulgarije vereist dat de documenten in het Bulgaars worden vertaald.

Laatste update: 27/03/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Estland

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

Beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken kunnen worden getroffen op grond van artikel 1055, lid 1, van de De link wordt in een nieuw venster geopend.Wet inzake het verbintenissenrecht. Hierin staat dat als er voortdurend onrechtmatige schade wordt veroorzaakt of als er onrechtmatige schade dreigt, het slachtoffer of de bedreigde persoon het recht heeft te vragen om beëindiging van het gedrag dat de schade veroorzaakt of om het stoppen van de dreiging als gevolg van zulk gedrag. In geval van lichamelijk letsel, schade aan de gezondheid, inbreuk op de privacy of op andere persoonlijkheidsrechten kan het onder meer nodig zijn dat de dader bepaalde andere personen niet mag benaderen (via een contactverbod), dat het gebruik van huisvesting of communicatie wordt gereguleerd of dat andere soortgelijke maatregelen worden genomen. In artikel 475, lid 1, punt 7, van het De link wordt in een nieuw venster geopend.Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering wordt de procedure vermeld voor het toepassen van civiele beschermingsmaatregelen. Volgens dit artikel omvat de verzoekschriftprocedure het opleggen van een contactverbod en andere soortgelijke maatregelen om persoonlijkheidsrechten te beschermen, zoals bepaald in hoofdstuk 55 en de artikelen 544-549, waarin de procedure voor het opleggen van een contactverbod nauwkeuriger wordt beschreven. Op grond van artikel 378, lid 1, punt 3, artikel 546 en artikel 551, lid 1, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kunnen civiele beschermingsmaatregelen ook worden getroffen als bewarende maatregel (om de uitvoering van een vordering zeker te stellen) of als voorlopige maatregel in de verzoekschriftprocedure.

Volgens artikel 1055, lid 1, van de Wet inzake het verbintenissenrecht kan het nodig zijn dat het de dader verboden wordt andere personen te benaderen (d.w.z. via een contactverbod), dat het gebruik van huisvesting of communicatie wordt gereguleerd of dat andere soortgelijke maatregelen worden genomen. Daarom worden niet alle maatregelen die met het oog op de bescherming van persoonlijkheidsrechten kunnen worden toegepast, in de wet vermeld en in specifieke gevallen kan worden verzocht om de toepassing van een passende en noodzakelijke maatregel.

Er zijn geen statistieken beschikbaar over de gemiddelde duur van de toepassing van de maatregelen. In Estland is het op grond van artikel 1055 van de Wet inzake het verbintenissenrecht mogelijk veel maatregelen die bedoeld zijn om de privacy en persoonlijkheidsrechten te beschermen, voor een periode van maximaal drie jaar toe te passen. Doorgaans legt de rechter een contactverbod voor maximaal drie jaar op, in overeenstemming met de analyse van de jurisprudentie over contactverboden die het Hooggerechtshof in 2008 heeft verricht.

Verordening (EU) nr. 606/2013 heeft betrekking op beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken. Zij is niet van toepassing op beschermingsmaatregelen die onder Verordening (EG) nr. 2201/2003 vallen. Om civiele beschermingsmaatregelen te kunnen nemen, hoeft er tegen de bedreigde persoon geen onrechtmatige daad te zijn begaan. Het volstaat dat de verweerder zich eerder zodanig heeft gedragen dat de angst terecht is dat hij of zij het slachtoffer kan benadelen of de persoonlijkheidsrechten van het slachtoffer kan schenden. Niet alle beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken worden in de wet vermeld. Zo nodig kan een passende beschermingsmaatregel, die niet in de wetgeving hoeft te zijn opgenomen, worden toegepast om een bepaalde situatie recht te zetten.

Een beschermingsmaatregel kan worden aangevraagd door een bedreigde persoon of een benadeelde persoon, in een afzonderlijk procedure of in combinatie met een andere vordering. Een bedreigde persoon die wil dat een beschermingsmaatregel wordt getroffen, kan daartoe bij een De link wordt in een nieuw venster geopend.kantonrechter een verzoek indienen. De rechter behandelt deze verzoeken in het kader van een verzoekschriftprocedure. Alvorens een beschermingsmaatregel te nemen, hoort de rechter de persoon voor wie de beschermingsmaatregel wordt aangevraagd en de persoon in wiens belang de procedure voor de uitvoering van de maatregel wordt gevoerd. Waar nodig hoort de rechter ook personen die nauw met de bovengenoemde personen zijn verbonden, of het gemeente- of stadsbestuur of de politie in de woonplaats van die personen.

Verzoekschriften aan een rechter moeten in het Ests worden opgesteld en voldoen aan de eisen van de artikelen 338 en 363 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Alle verzoekschriften moeten leesbaar en getypt worden ingediend. Waar mogelijk moeten ook elektronische kopieën van schriftelijk ingediende processtukken aan de rechtbank worden overgelegd. Contractuele vertegenwoordigers, notarissen, deurwaarders, faillissementscuratoren, centrale en lokale overheidsinstanties en andere rechtspersonen dienen stukken elektronisch bij de rechtbank in, tenzij er een goede reden is om een document op andere wijze in te dienen. Nadere voorschriften voor het indienen van elektronische stukken bij de rechtbanken, de vormvoorschriften voor stukken en het overzicht van documenten die via het portaal moeten worden ingediend, zijn te vinden in een De link wordt in een nieuw venster geopend.verordening van de De link wordt in een nieuw venster geopend.voor deze sector bevoegde minister. Wanneer een procesdeelnemer schriftelijke stukken en de bijbehorende bijlagen bij de rechtbank indient, moet hij of zij het vereiste aantal afschriften verstrekken van de stukken die aan de andere partijen moeten worden betekend.

Bij het indienen van een verzoekschrift of het instellen van een beroep in zaken die via een verzoekschriftprocedure opnieuw worden bekeken, is een overheidsvergoeding van 50 EUR verschuldigd. De kosten voor het indienen van een verzoek om bewarende maatregelen bedragen eveneens 50 EUR.

Volgens de Estse wet hoeven partijen zich in de rechtbank niet te laten vertegenwoordigen tijdens een procedure voor de toepassing van civiele beschermingsmaatregelen.

Tegen een uitspraak over het opleggen of het wijzigen van een contactverbod of andere maatregel ter bescherming van persoonlijkheidsrechten kan beroep worden aangetekend door de personen die zich aan het verbod of de maatregel moeten houden. Een dergelijk beroep moet schriftelijk bij een arrondissementsrechtbank worden ingesteld, via de kantonrechtbank tegen de uitspraak waarvan beroep is aangetekend. Een beroep moet worden ingesteld binnen 15 dagen na de datum waarop de uitspraak is betekend. Vanaf vijf maanden na een uitspraak in een vordering of een verzoekschriftprocedure kan tegen die uitspraak geen beroep meer worden ingesteld, tenzij in de wet anders is bepaald. Als de omstandigheden veranderen, kan de rechter een contactverbod of andere maatregel ter bescherming van persoonlijkheidsrechten vernietigen of wijzigen. Alvorens een maatregel te vernietigen of te wijzigen, hoort de rechter de partijen. Een uitspraak over het opleggen van een contactverbod of een andere maatregel ter bescherming van de persoonlijkheidsrechten wordt betekend aan de personen op wie en in wier belang zulke maatregelen worden toegepast.

Uitspraken over beschermingsmaatregelen moeten worden uitgevoerd vanaf het moment dat deze aan de desbetreffende persoon (de persoon van wie de dreiging uitgaat) worden bekendgemaakt.

Een deurwaarder zorgt voor de tenuitvoerlegging van de uitspraak op grond waarvan de beschermingsmaatregel moet worden getroffen. Wanneer een beschermingsmaatregel wordt geschonden, krijgt de deurwaarder dit doorgaans van de bedreigde persoon te horen. Als de beschermingsmaatregel was bevolen voordat toegangsrechten werden vastgesteld, kan de rechter bij zijn besluitvorming over de toegangsrechten rekening houden met de getroffen beschermingsmaatregelen. In zijn analyse van 2008 van de jurisprudentie over contactverboden stelde het Hooggerechtshof zich op het volgende standpunt: als een bedreigde persoon en de persoon van wie de dreiging uitgaat, bij elkaar in de buurt wonen (of werken), is het beter afspraken te maken over hun onderling contact; daarbij zou de inhoud van de verboden (beschermingsmaatregelen) vooral kunnen bestaan uit een lijst van verboden handelingen.

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

In Estland zijn de rechtbanken bevoegd om beschermingsmaatregelen te treffen. Conform artikel 5 is de kantonrechtbank die de beschermingsmaatregel heeft getroffen, bevoegd om een certificaat met betrekking tot de beschermingsmaatregel af te geven. Voor de afgifte van een certificaat moet een verzoek worden ingediend bij een kantonrechtbank. De contactgegevens van rechtbanken in Estland zijn te vinden op de De link wordt in een nieuw venster geopend.website van de rechtbanken.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Een persoon die zich wil beroepen op een beschermingsmaatregel die in een andere lidstaat is bevolen, moet contact opnemen met de deurwaarder die bevoegd is in de woon- of verblijfplaats van de schuldenaar, of in wiens rechtsgebied de activa van de schuldenaar zich bevinden. Deurwaarders starten tenuitvoerleggingsprocedures op basis van een verzoekschrift en een tenuitvoerleggingsdocument van de bedreigde persoon. De contactgegevens van deurwaarders zijn te vinden op de De link wordt in een nieuw venster geopend.website van de Kamer voor deurwaarders en faillissementscuratoren:

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

Een beschermingsmaatregel die in een andere lidstaat is bevolen, kan zo nodig door een daartoe bevoegde deurwaarder worden uitgevoerd. De deurwaarder die bevoegd is in de woon- of verblijfplaats van de schuldenaar, of in wiens rechtsgebied de activa van de schuldenaar zich bevinden, is tevens bevoegd tot uitvoering van een beschermingsmaatregel die in een andere lidstaat is bevolen. De contactgegevens van deurwaarders zijn te vinden op de De link wordt in een nieuw venster geopend.website van de Kamer voor deurwaarders en faillissementscuratoren:

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Om te voorkomen dat beschermingsmaatregelen die in een andere lidstaat zijn bevolen, worden erkend of uitgevoerd, moet een verzoek worden ingediend in de woonplaats van de schuldenaar of bij de kantonrechtbank die voor de beoogde tenuitvoerleggingsprocedures bevoegd is. De contactgegevens van rechtbanken in Estland zijn te vinden op de De link wordt in een nieuw venster geopend.website van de rechtbanken.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Ests en Engels

Laatste update: 19/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Griekenland

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Beschermingsmaatregelen kunnen worden gelast door een rechter van de rechtbank van eerste aanleg met enkelvoudige kamer van Athene (Monomelés Protodikeío Athinón), die zetelt in kort geding (diadikasía ton asfalistikón métron).

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

De bevoegde instantie is de voorzitter van de relevante vereniging van gerechtsdeurwaarders (Sýllogos Dikastikón Epimelitón), of diens plaatsvervanger.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

Dit kan gebeuren door een rechter van de rechtbank van eerste aanleg met enkelvoudige kamer, die zetelt in kort geding.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

De bevoegde instantie is de rechtbank van eerste aanleg met enkelvoudige kamer, die zetelt in niet‑contentieuze zaken (ekoúsia dikaiodosía).

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Grieks

Laatste update: 10/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Spanje

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

Niet van toepassing.

Er zijn in Spanje geen beschermingsbevelen in de zin van Verordening (EU) nr. 606/2013. Er zijn dus geen rechterlijke instanties die bevoegd zijn om dergelijke bevelen en de in artikel 5 van de verordening bedoelde certificaten af te geven.

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Niet van toepassing.

Er zijn in Spanje geen beschermingsbevelen in de zin van Verordening (EU) nr. 606/2013. Er zijn dus geen instanties die bevoegd zijn om dergelijke bevelen en de in artikel 5 van de verordening bedoelde certificaten af te geven.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

De rechtbank van eerste aanleg (Juzgado de Primera Instancia) of, in voorkomend geval, de familierechtbank (Juzgado de Familia) die bevoegd is in het arrondissement waar het slachtoffer woont.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De rechtbank van eerste aanleg of, in voorkomend geval, de familierechtbank die bevoegd is in het arrondissement waar het slachtoffer woont.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

De provinciale rechtbank (Audiencia Provincial).

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Spaans.

Laatste update: 17/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Italië

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Naar Italiaans recht is de rechtbank van de verblijfplaats van de beschermde persoon bevoegd om beschermingsmaatregelen te gelasten, en derhalve ook om certificaten af te geven overeenkomstig artikel 5.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel wordt ingeroepen en indien nodig afgedwongen onder toezicht van de rechtbank van de plaats waar de beschermde persoon woont of verblijft ten tijde van het verzoek.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De rechtbank van de plaats waar de beschermde persoon woont of verblijft, is bevoegd om beschermingsmaatregelen aan te passen overeenkomstig artikel 11, lid 1.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Dezelfde rechtbank als bedoeld onder (iii).

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Italiaans

Laatste update: 11/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Cyprus

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

Volgens artikel 32 van de Wet inzake de rechtbanken, Wet 14/60, kan elke rechtbank in het kader van de uitoefening van zijn bevoegdheid in burgerlijke zaken een verbod (voorlopig, permanent of dwingend) opleggen.

Volgens artikel 16 van de Wet inzake de familierechtbanken, Wet 23/90, hebben ook familierechtbanken deze bevoegdheid.

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

De instantie die bevoegd is om beschermingsmaatregelen te bevelen, is de districtsrechtbank (Eparchiakó Dikastírio tis Dimokratías) van het district waar de verzoeker op het desbetreffende tijdstip woont of verblijft.

In geval van een geschil op basis van het familierecht is de bevoegde instantie de familierechtbank (Oikogeneiakó Dikastírio tis Dimokratías) van het district waar de verzoeker of de verweerder op het desbetreffende tijdstip woont of verblijft. Als het geschil een minderjarige betreft, ligt de bevoegdheid bij de familierechtbank van het district waar de minderjarige is aangetroffen.

De districtsrechtbank of de familierechtbank die de beschermingsmaatregel heeft bevolen, is bevoegd om certificaten af te geven.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Instantie waarvoor men zich op een beschermingsmaatregel kan beroepen:

In alle gevallen is de bevoegde instantie de districtsrechtbank van het district waarnaar de persoon van wie de dreiging uitgaat, permanent of tijdelijk is verhuisd. Als het adres onbekend is, ligt de bevoegdheid bij de districtsrechtbank van Nicosia.

Instantie die bevoegd is om een dergelijke maatregel ten uitvoer te leggen:

In alle gevallen is de bevoegde instantie de districtsrechtbank van het district waarnaar de persoon van wie de dreiging uitgaat, permanent of tijdelijk is verhuisd. Als het adres onbekend is, ligt de bevoegdheid bij de districtsrechtbank van Nicosia.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

In alle gevallen is de bevoegde instantie de districtsrechtbank van het district waarnaar de persoon van wie de dreiging uitgaat, permanent of tijdelijk is verhuisd. Als het adres onbekend is, ligt de bevoegdheid bij de districtsrechtbank van Nicosia.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Rechterlijke instantie waarbij het verzoek tot weigering van erkenning moet worden ingediend:

De districtsrechtbank of de familierechtbank waarvoor men zich heeft beroepen op de beschermingsmaatregel die in de lidstaat van oorsprong is bevolen.

Rechterlijke instantie waarbij het verzoek tot weigering van tenuitvoerlegging moet worden ingediend (voor zover van toepassing):

De districtsrechtbank of de familierechtbank waarvoor men zich heeft beroepen op de beschermingsmaatregel die in de lidstaat van oorsprong is bevolen.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Stukken moeten in het Grieks worden ingediend. Een Engelse vertaling daarvan wordt ook geaccepteerd.

Laatste update: 18/04/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Letland

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

De voorschriften en procedures die van toepassing zijn op beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken zijn vastgesteld in de wet op de burgerlijke rechtsvordering.

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

De instanties die in Letland bevoegd zijn om beschermingsmaatregelen te gelasten en certificaten af te geven, zijn de districtsrechtbanken (of de gemeentelijke rechtbanken) (artikel 5411, lid 45, van de wet op de burgerlijke rechtsvordering).

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

De instanties die bevoegd zijn om een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen, zijn de districtsrechtbanken (of de gemeentelijke rechtbanken) van de plaats waar de beslissing moet worden ten uitvoer gelegd of van de opgegeven woonplaats van de verweerder, of, bij gebreke van een dergelijke woonplaats, de werkelijke verblijfplaats of de maatschappelijke zetel van de verweerder (artikel 6513, lid 1, van de wet op de burgerlijke rechtsvordering).

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De districtsrechtbanken (of gemeentelijke rechtbanken) die bevoegd zijn voor de tenuitvoerlegging van de beschermingsmaatregelen zijn ook bevoegd voor de aanpassing van deze maatregelen (artikel 6515, lid 2, van de wet op de burgerlijke rechtsvordering).

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Dit zijn de districtsrechtbanken (of de gemeentelijke rechtbanken) binnen het rechtsgebied waarvan de door een buitenlandse rechterlijke instantie gelaste beschermingsmaatregel ten uitvoer moet worden gelegd (artikel 6443, lid 43, van de wet op de burgerlijke rechtsvordering).

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Elke op grond van deze verordening vereiste transliteratie of vertaling wordt opgesteld in de officiële taal van de Republiek Letland, d.w.z. het Lets.

Laatste update: 18/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Litouwen

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

In Litouwen worden onder de verordening vallende beschermingsmaatregelen gelast door de rechtbanken. Certificaten als bedoeld in artikel 5 van de verordening worden afgegeven door de rechtbank die de beschermingsmaatregel heeft gelast.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

In Litouwen zijn gerechtsdeurwaarders bevoegd voor de tenuitvoerlegging van onder de verordening vallende beschermingsmaatregelen. Wanneer gerechtsdeurwaarders worden gehinderd bij de tenuitvoerlegging van onder de verordening vallende beschermingsmaatregelen, beschikken zij over een algemeen recht de politie te verzoeken die hinder weg te nemen.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De onder de verordening vallende beschermingsmaatregelen worden overeenkomstig artikel 11, lid 1, aangepast door de gerechtsdeurwaarders die de beschermingsmaatregelen ten uitvoer leggen.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Verzoeken tot weigering van erkenning of, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging van een beschermingsmaatregel worden ingediend bij het Hof van beroep van Litouwen.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Elke op grond van deze verordening vereiste transliteratie of vertaling om te communiceren met de Litouwse bevoegde instanties wordt opgesteld in de officiële taal van de Republiek Litouwen, namelijk het Litouws.

Laatste update: 21/10/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Hongarije

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

De arrondissementsrechtbanken

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

De arrondissementsrechtbanken, de arrondissementsbureaus van de centrale en hoofdstedelijke districtsdiensten (samen "de arrondissementsbureaus" genoemd) en de politie.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De arrondissementsrechtbanken

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

De arrondissementsrechtbanken

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Hongaars

Laatste update: 16/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Nederland

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

Slachtoffers die in Nederland een beschermingsmaatregel willen verkrijgen moeten daarvoor een civiele procedure (kort geding) voeren. Men dient zich daarvoor te wenden tot een advocaat. Deze kan informatie geven over de te volgen procedure en de procedure namens het slachtoffer voeren.

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Rechtbanken die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel af te geven: rechtbankenPDF(167 Kb)nl

Als een beschermingsmaatregel is afgegeven op grond van de Wet tijdelijk huisverbod: de burgemeester van de plaats waarin de locatie ligt waarvoor het tijdelijk huisverbod is afgegeven.

Dezelfde instantie die een beschermingsmaatregel heeft afgegeven is ook bevoegd om het certificaat af te geven.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

•             Een deurwaarder

•             In geval van een beschermingsmaatregel die is afgegeven op grond van de Wet tijdelijk huisverbod: de politie.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

Voorzieningenrechter Rechtbank Den Haag

Prins Clauslaan 60, 2595 AJ Den Haag

PO Box 20302, 2500 EH Den Haag

 

Gerechtshof Den Haag

Prins Clauslaan 60, 2595 AJ Den Haag

PO Box 20302, 2500 EH Den Haag

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Voorzieningenrechter Rechtbank Den Haag

Prins Clauslaan 60, 2595 AJ Den Haag

PO Box 20302, 2500 EH Den Haag

 

Gerechtshof Den Haag

Prins Clauslaan 60, 2595 AJ Den Haag

PO Box 20302, 2500 EH Den Haag

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Nederlands

Laatste update: 04/07/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Polen

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Voor het gelasten van beschermingsmaatregelen bevoegde instanties:

districtsrechtbanken, regionale rechtbanken, hoven van beroep.

Voor het afgeven van certificaten bevoegde rechtbanken:

de districtsrechtbanken, regionale rechtbanken en hoven van beroep die de beschermingsmaatregelen hebben gelast.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

De districtsrechtbanken

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De districtsrechtbanken

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

De regionale rechtbanken

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Pools

Laatste update: 15/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Finland

Artikel 17 - Informatie die ter beschikking van het publiek wordt gesteld

In Finland staan de in Richtlijn 2011/99/EU en Verordening (EU) nr. 606/2013 bedoelde beschermingsmaatregelen vermeld in de Wet betreffende contactverboden (898/1998).

Op grond van deze wet kan een contactverbod worden opgelegd om een misdrijf tegen het leven, de gezondheid, vrijheid of privacy, de dreiging van een dergelijk misdrijf of enige andere vorm van ernstige intimidatie te voorkomen. Als de persoon die zich bedreigd voelt en de persoon tegen wie een verzoek om een contactverbod is gericht, permanent in dezelfde woning samenleven, kan een contactverbod worden opgelegd om een misdrijf tegen het leven, de gezondheid of vrijheid van de bedreigde persoon of de dreiging van een dergelijk misdrijf te voorkomen (contactverbod binnen het gezin).

Richtlijn 2011/99/EU heeft betrekking op contactverboden die in Finland zijn opgelegd, als zo'n contactverbod vanwege een strafbaar feit of een vermeend strafbaar feit is ingesteld. Als het contactverbod geen verband houdt met een strafbaar feit als bedoeld in de richtlijn, valt het onder Verordening (EU) nr. 606/2013.

Zoals uitvoeriger in de desbetreffende uitspraak wordt beschreven, mag een persoon aan wie een contactverbod is opgelegd, de persoon die onder bescherming staat, niet ontmoeten en evenmin op andere wijze proberen met hem of haar in contact te komen (basiscontactverbod). Ook is het verboden de persoon die onder bescherming staat, te volgen en te observeren. Een persoon aan wie een contactverbod binnen het gezin is opgelegd, moet de woning verlaten waar hij of zij en de persoon die onder bescherming staat, permanent samenleven, en mag daar niet terugkeren. Als er reden is om aan te nemen dat een basiscontactverbod tekortschiet, kan het contactverbod worden uitgebreid. In dit geval geldt het contactverbod tevens voor het zich ophouden in de buurt van de permanente woning, het vakantieverblijf of de werkplek van de persoon die onder bescherming staat, of in de buurt van een andere vergelijkbare plaats die afzonderlijk wordt aangeduid (uitgebreid contactverbod). Het contactverbod heeft echter geen betrekking op een contact waarvoor een geldige reden bestaat en dat kennelijk noodzakelijk is. De afspraken voor noodzakelijk contact moeten bij voorkeur reeds in het besluit over het contactverbod zijn opgenomen.

Een contactverbod kan voor ten hoogste een jaar worden opgelegd. Een contactverbod binnen het gezin kan voor ten hoogste drie maanden worden opgelegd. Een contactverbod wordt van kracht nadat de districtsrechtbank het heeft opgelegd. Dit besluit moet worden uitgevoerd ongeacht of er beroep is ingesteld, tenzij de hogere rechtbank die de zaak behandelt, anders oordeelt. Verlenging van een contactverbod is mogelijk. In dat geval kan het contactverbod voor ten hoogste twee jaar worden opgelegd. Een contactverbod binnen het gezin kan met ten hoogste drie maanden worden verlengd.

Iedereen die een geldige reden heeft om zich door een andere persoon bedreigd of geïntimideerd te voelen, kan om een contactverbod verzoeken. Het verzoek kan ook worden gedaan door een met vervolging belaste instantie, de politie of de sociale dienst. Het verzoek dient mondeling of schriftelijk via een speciaal formulier te worden ingediend.

Zaken met betrekking tot contactverboden worden door de districtsrechtbank behandeld. De bevoegde rechtbank is de districtsrechtbank van de plaats waar de te beschermen persoon verblijft of waar het contactverbod vooral zou gelden. Het is mogelijk dat de persoon tegen wie een verzoek om een contactverbod is gericht, wordt verdacht van een misdrijf dat bij de behandeling van de zaak met betrekking tot het contactverbod relevant kan zijn. In dat geval is de desbetreffende strafrechter eveneens bevoegd in een dergelijke zaak.

Voor zover passend hebben de bepalingen over de strafrechtelijke procedure ook betrekking op een rechtszaak in verband met een contactverbod. In de Finse jurisprudentie wordt een contactverbod vrijwel zonder uitzondering opgelegd als een zelfstandige maatregel die losstaat van de behandeling van een strafzaak, hoewel een dergelijk verbod volgens de wet ook in het kader van een strafproces aan de orde kan komen.

Een contactverbod kan worden opgelegd als er goede redenen zijn om aan te nemen dat de persoon tegen wie het verzoek om een verbod is gericht, vermoedelijk een misdrijf zal begaan tegen het leven, de gezondheid, vrijheid of privacy van de persoon die zich bedreigd voelt, of hem of haar op een andere wijze ernstig zal intimideren.

Een contactverbod binnen het gezin kan worden opgelegd als de persoon tegen wie het verzoek om een verbod is gericht, vermoedelijk een misdrijf zal begaan tegen het leven, de gezondheid of vrijheid van de persoon die zich bedreigd voelt, te oordelen naar de dreigementen die eerstgenoemde persoon heeft geuit en eerdere strafbare feiten of ander gedrag. Tevens moet daarbij het opleggen van een contactverbod niet onredelijk zijn, met inachtneming van de ernst van het te plegen misdrijf, de omstandigheden van de personen die in hetzelfde huishouden wonen en andere feiten die in de zaak naar voren worden gebracht.

Bij de beoordeling van de vereisten voor het opleggen van een contactverbod moet worden gekeken naar de omstandigheden van de betrokken personen, de aard van in het verleden gepleegde misdrijven of intimidatie en of deze herhaaldelijk hebben plaatsgevonden, en naar de kans dat de persoon tegen wie het verzoek om een contactverbod is gericht, de intimidatie zal voortzetten of een misdrijf zal begaan tegen de persoon die zich bedreigd voelt.

Er kan ook een tijdelijk contactverbod worden opgelegd. Een besluit daartoe wordt genomen door een ambtenaar met aanhoudingsbevoegdheid of door een rechter. Deze ambtenaar moet zijn of haar besluit onverwijld en uiterlijk binnen drie dagen aan de bevoegde districtsrechtbank voorleggen.

In beginsel worden de kosten van een zaak die betrekking heeft op een contactverbod door de partijen zelf gedragen.
De rechter kan echter een partij veroordelen in het geheel of een deel van de juridische kosten van de tegenpartij, als daarvoor zwaarwegende redenen bestaan. Er worden geen proceskosten in rekening gebracht.

De partijen hebben recht op een advocaat en ook op gratis rechtshulp, als aan de voorwaarden van de Wet op de rechtsbijstand (257/2002) is voldaan.

De rechtbank moet een uitspraak tot het opleggen, intrekken of wijzigen van een contactverbod onmiddellijk in het computersysteem van de politie invoeren.

De uitspraak wordt ook bekendgemaakt aan de verzoeker, de persoon die door het contactverbod moet worden beschermd en de persoon tegen wie het verzoek om een contactverbod was gericht. De uitspraak moet op controleerbare wijze worden betekend aan de persoon aan wie het contactverbod was opgelegd, tenzij deze in het bijzijn van die persoon werd afgegeven.

De politie ziet toe op de handhaving van contactverboden.

Schendingen van contactverboden zijn strafbaar op grond van hoofdstuk 16, artikel 9a, van het Wetboek van Strafrecht (39/1889).

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten

Algemene rechtbanken (districtsrechtbanken, hoven van beroep en het hoogste gerechtshof)

Instanties die bevoegd zijn certificaten af te geven overeenkomstig artikel 5

Algemene rechtbanken (districtsrechtbanken, hoven van beroep en het hoogste gerechtshof)

Het certificaat wordt afgegeven door de rechtbank die een contactverbod heeft opgelegd dat onder de verordening valt en vermeld wordt in de Wet betreffende contactverboden (898/1998).

Het certificaat wordt afgegeven conform de artikelen 5 tot en met 7 van de verordening. Van het certificaat wordt kennisgeving gedaan aan de persoon van wie de dreiging uitgaat, conform artikel 8 van de verordening en artikel 5 van de Wet (227/2015) tot uitvoering van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken.

De link wordt in een nieuw venster geopend.https://oikeus.fi/tuomioistuimet/fi/index.html

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Districtsrechtbank van Helsinki.

Contactgegevens: De link wordt in een nieuw venster geopend.http://www.oikeus.fi/karajaoikeudet/helsinginkarajaoikeus/fi/index.html

Een beschermingsmaatregel die in een andere lidstaat is opgelegd, wordt in Finland conform artikel 4, lid 1, van de verordening erkend zonder dat daarvoor een afzonderlijke procedure nodig is, als bepaald in artikel 4 van de Wet (227/2015) tot uitvoering van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken. Een dergelijke beschermingsmaatregel wordt op dezelfde wijze als een in Finland opgelegd contactverbod ingevoerd in het register dat vermeld wordt in artikel 15 van de Wet betreffende contactverboden (898/1998).

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

Districtsrechtbank van Helsinki.

Contactgegevens: De link wordt in een nieuw venster geopend.http://www.oikeus.fi/karajaoikeudet/helsinginkarajaoikeus/fi/index.html

Aanpassing van een beschermingsmaatregel vindt plaats zoals beschreven in artikel 11 van de verordening in overeenstemming met de schriftelijke procedure die vermeld wordt in artikel 3 van de Wet (227/2015) tot uitvoering van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Districtsrechtbank van Helsinki.

Contactgegevens: De link wordt in een nieuw venster geopend.http://www.oikeus.fi/karajaoikeudet/helsinginkarajaoikeus/fi/index.html

De erkenning of tenuitvoerlegging van de uitspraak wordt geweigerd op basis van artikel 13 van de verordening in overeenstemming met de schriftelijke procedure die vermeld wordt in artikel 3 van de Wet (227/2015) tot uitvoering van de Verordening van het Europees Parlement en de Raad betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

De geaccepteerde talen zijn Fins, Zweeds en Engels. Een in een andere taal afgegeven certificaat kan ook worden geaccepteerd, mits daarvoor geen andere beletsels aanwezig zijn.

Laatste update: 16/08/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken - Zweden

Artikel 18, onder a)(i) - de instanties die bevoegd zijn beschermingsmaatregelen te gelasten en het certificaat af te geven overeenkomstig artikel 5

Het Zweeds recht kent geen burgerrechtelijke beschermingsmaatregelen als bedoeld in Verordening (EU) nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken. Bijgevolg is geen instantie bevoegd om dergelijke maatregelen te gelasten of om certificaten als bedoeld in artikel 5 af te geven.

Artikel 18, onder a)(ii) - de instanties waarvoor men zich kan beroepen op een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel en/of die bevoegd zijn om een beschermingsmaatregel ten uitvoer te leggen

Een in een andere lidstaat gelaste beschermingsmaatregel kan worden ingeroepen voor de openbare aanklager (åklagaren) van de plaats waar de maatregel moet worden toegepast of hoofdzakelijk moet worden toegepast.

Artikel 18, onder a)(iii) - de instanties die bevoegd zijn voor het aanpassen van een beschermingsmaatregel overeenkomstig artikel 11, lid 1

De openbare aanklager van de plaats waar de maatregel moet worden toegepast of hoofdzakelijk moet worden toegepast, is bevoegd om beschermingsmaatregelen aan te passen overeenkomstig artikel 11, lid 1.

Artikel 18, onder a)(iv) - de rechterlijke instanties bij wie overeenkomstig artikel 13 het verzoek tot weigering van erkenning en, in voorkomend geval, van tenuitvoerlegging wordt ingediend

Een verzoek tot weigering van erkenning als bedoeld in artikel 13 moet worden ingediend bij de arrondissementsrechtbank (tingsrätt) van Stockholm.

Artikel 18, onder b) - de taal die wordt/de talen die worden aanvaard voor de in artikel 16, lid 1, bedoelde vertalingen

Zweeds.

Laatste update: 09/07/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.