Verordening Brussel I (herschikking)

Bulgarije

Inhoud aangereikt door
Bulgarije

Artikel 65, lid 3: Informatie over de wijze waarop overeenkomstig het nationale recht de gevolgen van de in artikel 65, lid 2 van de verordening genoemde beslissingen worden vastgesteld

N.v.t.

Artikel 74 - beschrijving van de nationale voorschriften en procedures betreffende tenuitvoerlegging

Op de rechtstreekse tenuitvoerlegging op grond van Verordening (EU) nr. 1215/2012 is artikel 622a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing:

"Artikel 622a (nieuw, Staatscourant nr. 50/2015)

(1) Een in een andere lidstaat van de Europese Unie gegeven beslissing is uitvoerbaar zonder dat daarvoor een verklaring van uitvoerbaarheid is vereist.

(2) De deurwaarder gaat, op verzoek van de betrokken partij, over tot tenuitvoerlegging van een uit een andere lidstaat van de Europese Unie afkomstige beslissing op basis van een afschrift van de beslissing dat is gelegaliseerd door het gerecht dat de beslissing heeft gegeven en een certificaat dat is afgegeven op grond van artikel 53 van Verordening (EU) nr. 1215/2012.

(3) Indien de deurwaarder vaststelt dat de maatregel of het bevel niet ten uitvoer kan worden gelegd onder de voorwaarden en overeenkomstig dit Wetboek, beveelt hij vervangende tenuitvoerlegging.

(4) Een in een andere lidstaat van de Europese Unie gegeven beslissing tot het opleggen van een voorlopige maatregel, met inbegrip van een voorzorgsmaatregel, is uitvoerbaar overeenkomstig de leden 1 en 2. Indien de maatregel is opgelegd zonder dat de gedaagde was gedagvaard, wordt er bewijs overgelegd van de betekening van de beslissing.

(5) Bij de tenuitvoerlegging betekent de gerechtsdeurwaarder een afschrift van het in lid 2 bedoelde certificaat aan de schuldenaar en nodigt hij hem uit vrijwillig mee te werken. Het certificaat gaat vergezeld van een afschrift van de in een andere lidstaat van de Europese Unie gegeven beslissing indien deze beslissing niet aan de schuldenaar is betekend.

(6) De schuldenaar kan, binnen een maand na betekening, een verzoek tot weigering van de tenuitvoerlegging instellen. Indien vertaling van de beslissing noodzakelijk is, wordt de termijn geschorst tot de vertaling aan de schuldenaar is verstrekt.

(7) Elk der partijen kan beroep instellen tegen de in artikel 436 bedoelde aanpassing van de maatregel of het bevel."

Op zaken die verband houden met de tenuitvoerleggingsprocedure die niet zijn geregeld in Verordening (EU) nr. 1215/2012 zijn de algemene regels van Deel Vijf "Tenuitvoerleggingsprocedure" van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van toepassing.

Artikel 75, onder a) – naam en contactgegevens van de gerechten waarbij de verzoeken overeenkomstig artikel 36, lid 2, artikel 45, lid 4, en artikel 47, lid 1, moeten worden ingesteld

Het verzoek op grond van artikel 36, lid 2, of artikel 45, lid 4, wordt ingediend bij de provinciale rechtbank die bevoegd is voor de woon- of vestigingsplaats van de wederpartij of, als die partij geen woon- of vestigingsplaats in Bulgarije heeft, voor de woon- of vestigingsplaats van de betrokken partij. Als ook de betrokken partij geen woon- of vestigingsplaats in Bulgarije heeft, moet het verzoek worden gericht tot de stadsrechtbank te Sofia (artikel 622 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).

Het verzoek op grond van artikel 47, lid 1, moet worden ingediend bij de provinciale rechtbank die bevoegd is voor de woon- of vestigingsplaats van de schuldenaar of voor de plaats van tenuitvoerlegging (artikel 622b van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).

Artikel 75, onder b) – naam en contactgegevens van de gerechten waarbij overeenkomstig artikel 49, lid 2, een rechtsmiddel tegen de beslissing op het verzoek om een weigering van tenuitvoerlegging moet worden ingesteld

In Bulgarije, het hof van beroep te Sofia (Софийски апелативен съд). Het rechtsmiddel wordt ingesteld via de provinciale rechtbank die de beslissing tot weigering van tenuitvoerlegging of de beslissing dat er geen gronden voor weigering van erkenning zijn, heeft gegeven.

Artikel 75, onder c) – naam en contactgegevens van de gerechten waarbij een eventuele hogere voorziening overeenkomstig artikel 50 moet worden ingesteld

Hogere voorzieningen tegen beslissingen van het hof van beroep te Sofia moeten worden ingesteld bij het hof van cassatie (artikel 623, lid 6, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering).

Artikel 75, onder d) – talen die worden aanvaard voor de vertaling van de formulieren betreffende rechterlijke beslissingen, authentieke akten en gerechtelijke schikkingen

N.v.t.

Artikel 76, lid 1, onder a) – de in artikel 5, lid 2, en artikel 6, lid 2, vermelde bevoegdheidsregels

De Bulgaarse rechterlijke en overige instanties hebben internationale bevoegdheid als de eiser of verzoeker een Bulgaarse onderdaan is of een rechtspersoon die gevestigd is in de Republiek Bulgarije (artikel 4, lid 1, tweede alinea, van het Wetboek betreffende het Internationaal Privaatrecht).

Artikel 76, lid 1, onder b) – de in artikel 65 vermelde regels ten aanzien van het in het geding roepen van een derde

N.v.t.

Artikel 76, lid 1, onder c) – de in artikel 69 vermelde overeenkomsten

  • de Overeenkomst tussen Bulgarije en België betreffende bepaalde justitiële aangelegenheden, ondertekend te Sofia op 2 juli 1930;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Federale Volksrepubliek Joegoslavië inzake wederzijdse rechtshulp, ondertekend te Sofia op 23 maart 1956, die nog altijd van kracht is tussen Bulgarije, Slovenië en Kroatië;
  • het Verdrag tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Volksrepubliek Roemenië inzake rechtshulp in burgerlijke, familie- en strafzaken, ondertekend te Sofia op 3 december 1958;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Volksrepubliek Polen inzake rechtshulp en rechtsbetrekkingen in burgerlijke, familie- en strafzaken, ondertekend te Warschau op 4 december 1961;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Hongaarse Volksrepubliek inzake rechtshulp in burgerlijke, familie- en strafzaken, ondertekend te Sofia op 16 mei 1966;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Helleense Republiek inzake rechtshulp in burgerlijke en strafzaken, ondertekend te Athene op 10 april 1976;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Tsjechoslowaakse Socialistische Republiek inzake rechtshulp en de regeling van betrekkingen in burgerlijke, familie- en strafzaken, ondertekend te Sofia op 25 november 1976;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Republiek Cyprus inzake rechtshulp in burgerlijke en strafzaken, ondertekend te Nicosia op 29 april 1983;
  • de Overeenkomst tussen de Regering van de Volksrepubliek Bulgarije en de Regering van de Franse Republiek inzake wederzijdse rechtshulp in burgerlijke zaken, ondertekend te Sofia op 18 januari 1989;
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Italiaanse Republiek inzake rechtshulp en de tenuitvoerlegging van uitspraken in burgerlijke zaken, ondertekend te Rome op 18 mei 1990;
  • de Overeenkomst tussen de Republiek Bulgarije en het Koninkrijk Spanje inzake wederzijdse rechtshulp in burgerlijke zaken, ondertekend te Sofia op 23 mei 1993,
  • de Overeenkomst tussen de Volksrepubliek Bulgarije en de Republiek Oostenrijk inzake rechtshulp in burgerlijke zaken en inzake documenten, ondertekend te Sofia op 20 oktober 1967.
Laatste update: 25/03/2019

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website