Aan de vertaling in het Nederlands wordt momenteel gewerkt.
De volgende vertalingen zijn al beschikbaar
Swipe to change

Soorten juridische beroepen

Frankrijk

Op deze pagina vindt u een overzicht van de verschillende juridische beroepen.

Inhoud aangereikt door
Frankrijk

Juridische beroepen – inleiding

Rechters

Organisatie

Er zijn twee soorten beroepsrechters, namelijk de zittende en staande magistratuur. Rechters worden vaak aangeduid als “zittende magistratuur”, terwijl het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door de “staande magistratuur”.

De zittende magistraten doen uitspraak in geschillen die hun zijn voorgelegd, de staande magistraten vertegenwoordigen de samenleving en zien toe op naleving van de wet. De status van de rechters is vastgelegd in beschikking nr. 58-1270 van 22 december 1958 houdende organieke wet inzake de status van de magistratuur. Daaruit vloeit voort dat elke rechter tijdens zijn loopbaan beide functies (zittende en staande magistratuur) kan bekleden: dit is het beginsel van de eenheid van de rechterlijke macht (artikel 1) dat door de Conseil constitutionnel (grondwettelijke raad) is bevestigd, met name in zijn beslissing van 11 augustus 1993. De rechters zijn lid van de gerechtelijke instantie die de individuele vrijheden door toepassing van artikel 66 van de Grondwet bewaakt. Niettemin verschilt hun status in bepaalde opzichten. De zittende magistraten vallen niet onder de hiërarchie van een hogere autoriteit en kunnen niet gedwongen worden een andere aanstelling te aanvaarden.

De meeste rechters worden via een vergelijkend examen geworven. Om het “eerste vergelijkend examen”, dat openstaat voor studenten, te kunnen afleggen, moeten de kandidaten met succes een vierjarige masteropleiding hebben afgerond. Kandidaten die voor het vergelijkend examen zijn geslaagd, worden aangesteld als gerechtsauditeur en volgen dezelfde opleiding aan de Ecole Nationale de la Magistrature (nationale school voor de magistratuur, ENM). Er zijn ook mogelijkheden om rechtstreeks toe te treden tot de rechterlijke macht. Na hun opleiding aan de ENM worden de gerechtsauditeurs bij decreet verbonden aan een rechtbank.

De hoofden van een rechtbank (president en procureur van de Republiek) en van een hof (eerste president en procureur-generaal) verrichten niet alleen gerechtelijke maar ook administratieve taken (bijv. indeling van de rechtszittingen).

Op 1 januari 2009 waren er 8 481 rechters waarvan 7 806 verbonden aan een rechtbank.

De Conseil supérieur de la magistrature (hoge raad voor de magistratuur)

De bepalingen met betrekking tot de Conseil supérieur de la magistrature (CSM) zijn te vinden in artikel 65 van de Grondwet. Dit artikel is gewijzigd bij de constitutionele wet van 23 juli 2008, met als gevolg dat samenstelling en bevoegdheden (wat betreft benoemingen) van de CSM zijn veranderd en dat zaken aan de CSM kunnen worden voorgelegd. De president van de Republiek is niet langer lid van de CSM.

De formatie die bevoegd is ten aanzien van de zittende magistratuur, wordt voorgezeten door de eerste president van het Cour de cassation (hof van cassatie). Daarnaast bestaat zij uit vijf zittende magistraten en één staande magistraat, een lid van de Conseil d’Etat (raad van state) die door de Conseil d’Etat is aangewezen, een advocaat en zes gekwalificeerde personen die geen lid zijn van het parlement, de gewone rechtbanken of de administratieve rechtbanken. De president van de Republiek, de voorzitter van de Nationale Assemblee en de voorzitter van de Senaat wijzen elk twee gekwalificeerde personen aan.

De formatie die bevoegd is ten aanzien van de staande magistratuur, wordt voorgezeten door de procureur-generaal bij het Cour de cassation. Daarnaast bestaat zij uit vijf zittende magistraten en één staande magistraat, alsmede het lid van de Conseil d’Etat dat door de Conseil d’Etat is aangewezen, de advocaat en de zes gekwalificeerde personen die in tweede alinea van artikel 65 worden genoemd.

De formatie van de Conseil supérieur de la magistrature die bevoegd is ten aanzien van de zittende magistratuur, doet voorstellen voor benoemingen van zittende magistraten bij het Cour de cassation, van de eerste president van een Cour d’appel (hof van beroep) en van de president van een Tribunal de grande instance (arrondissementsrechtbank). De overige zittende magistraten worden op basis van haar gunstig advies benoemd.

Deze formatie van de Conseil supérieur de la magistrature fungeert als tuchtraad voor de zittende magistratuur. In dit geval bestaat deze formatie uit in de tweede alinea van artikel 65 genoemde leden en de zittende magistraat die deel uitmaakt van de formatie die bevoegd is ten aanzien van de staande magistratuur.

De formatie van de Conseil supérieur de la magistrature die bevoegd is ten aanzien van de staande magistratuur, geeft adviezen over de benoemingen van staande magistraten. Deze formatie van de Conseil supérieur de la magistrature geeft adviezen over de disciplinaire sancties tegen deze magistraten. In dit geval bestaat deze formatie uit in de derde alinea van artikel 65 genoemde leden en de staande magistraat die deel uitmaakt van de formatie die bevoegd is ten aanzien van de zittende magistratuur.

Openbaar ministerie

Organisatie

Het openbaar ministerie wordt vertegenwoordigd door staande magistraten die de belangen moeten behartigen van de samenleving die zij vertegenwoordigen. Dit doen zij door erop toe te zien dat de wet wordt nageleefd.

Met uitzondering van het parket-generaal bij het Cour de cassation, dat een apart plaats inneemt, vormt het openbaar ministerie in Frankrijk een hiërarchische piramide “onder het gezag van de minister van Justitie”. Zo wordt in artikel 30 van het Code de procédure pénale (wetboek van strafvordering) bepaald dat de minister van Justitie vorm geeft aan het beleid van de regering inzake strafvordering. Hij ziet erop toe dat dit beleid op het grondgebied van de Republiek op samenhangende wijze wordt uitgevoerd. Hiertoe geeft hij de magistraten van het openbaar ministerie algemene instructies omtrent strafvordering.

Bij elke Tribunal de grande instance geeft de procureur van de Republiek leiding aan een parket dat bestaat uit een of meer magistraten die onder hem staan. Hij verdeelt de taken en diensten binnen zijn parket tussen de plaatsvervangend procureurs, de viceprocureurs en de substituten. De procureur van de Republiek zelf handelt onder het gezag en de leiding van de procureur-generaal.

Behalve hiërarchisch van structuur is het parket:

  • ondeelbaar: de substituut heeft geen toestemming van zijn leidinggevende nodig om te handelen en alles wat hij doet, is bindend voor het gehele parket;
  • onwraakbaar: hiërarchisch ondergeschikt en onderworpen aan het principe van ondeelbaarheid als hij is, mag de magistraat die het openbaar ministerie tijdens een rechtszitting vertegenwoordigt, slechts de belangen behartigen van de samenleving die hij verdedigt. Het is dus niet mogelijk het parket te wraken want dat zou wraking van de samenleving betekenen;
  • onschendbaar: als een besluit wordt genomen met inachtneming van de wetten en fundamentele vrijheden. Deze waarborg geldt niet bij tuchtrechtelijke vergrijpen of schuldmisdrijven.

Rol en taken

Het parket heeft voornamelijk strafrechtelijke bevoegdheden. Het leidt de onderzoeken en neemt alle nodige stappen om strafbare feiten te vervolgen of ziet erop toe dat die stappen worden genomen. Verder beoordeelt het parket welke actie er in een strafzaak moet worden ondernomen overeenkomstig het opportuniteitsbeginsel (bijv. inleiding van een gerechtelijk vooronderzoek, verwijzing naar een rechtbank of sepot). Het treedt altijd op tijdens rechtszittingen en levert daar de vrije mondelinge bijdrage (over de feiten, de persoonlijkheid van de aangeklaagde en de straf) die het nodig acht met het oog op een goede rechtsgang. Bovendien is het parket belast met de uitvoering van de straffen.

Het is tevens belast met de bescherming van minderjarigen die in gevaar verkeren, en met bepaalde civiele taken (bijv. inzake de status van personen: wijziging van de burgerlijke staat van een persoon), administratieve taken (bijv. inzake cafés, tijdschriften, direct marketing) en commerciële taken (bijv. inzake collectieve procedures).

De rol en taken van de zittende magistratuur (rechters) wordt uitgebreid beschreven op de pagina over de gewone rechtbanken.

Lekenrechters

Buurtrechters (juges de proximité)

Deze rechters zijn in het leven geroepen door de wet inzake de oriëntatie en planning voor justitie (loi d'orientation et de programmation pour la justice) van 9 september 2002, aangevuld door wet nr. 2005-47 van 26 november 2005. Zij worden per decreet na gunstig advies van de CSM voor zeven jaar benoemd. Een tweede termijn is niet mogelijk. Hun status is, op enkele uitzonderingen na, vastgelegd in bovengenoemde beschikking nr. 58-1270 van 20 december 1958.

Zij oefenen bepaalde taken van de rechters van de gewone rechtbanken uit. In civiele zaken zijn zij bevoegd voor persoonlijke of roerende rechtsvorderingen tot een waarde van 4 000 EUR, uitgezonderd zaken die aan de Tribunal d’instance zijn voorbehouden. In strafzaken zijn zij bevoegd voor overtredingen van de eerste vier categorieën, om op te treden als bijzitter van de Tribunal correctionnel (correctionele rechtbank) en om strafrechtelijke schikkingen goed te keuren.

Momenteel zijn er 618 buurtrechters.

Arbeidsrechters (conseillers prud’hommes)

De arbeidsrechters worden om de vijf jaar gekozen. De verkiezing van de rechters vindt plaats via colleges (bestaande uit werkgevers en werknemers) en sectoren (landbouw, industrie, handel, kader en diverse activiteiten) en via evenredige vertegenwoordiging zonder panacheren of voorkeursstemmen. De kandidaten moeten de Franse nationaliteit hebben, ten minste 21 jaar zijn en geen strafblad hebben in de zin van L.6 van de Code électoral (kieswet).

Zij kunnen worden gekozen door alle werknemers en werkgevers van ten minste 16 jaar oud, die een beroepsactiviteit of leercontract hebben of onvrijwillig werkloos zijn.

Bijzitters van de socialezekerheidsrechtbanken (tribunaux des affaires de la sécurité sociale)

Zij worden voor drie jaar aangewezen door de eerste president van het Cour d’appel. Daarbij wordt een keuze gemaakt uit een lijst die door het hoofd van de regionale dienst voor gezondheid en sociale zaken wordt ingediend.

Bijzitters van de rechtbanken voor geschillen in verband met arbeidsongeschiktheid (tribunaux du contentieux de l’incapacité)

Zij worden voor drie jaar aangewezen door de eerste president van het Cour d’appel in het rechtsgebied waar de rechtbank zijn zetel heeft, op voorstel van de meest representatieve beroepsorganisaties, hetzij door het hoofd van de regionale inspectie arbeid, werkgelegenheid en sociaal beleid in de landbouw hetzij door het hoofd van de regionale dienst voor gezondheid en sociale zaken.

Rechters van de handelsrechtbanken (tribunaux de commerce) (= juges consulaires)

Het gaat hier om vrijwilligers, handelaars die door andere handelaars voor twee of vier jaar worden gekozen.

Griffiers

De griffier is een specialist op het gebied van de gerechtelijke procedure. Hij assisteert de rechter bij het opstellen van de gerechtelijke stukken en is belast met de waarmerking van deze documenten in gevallen waarin de wet dat voorziet; zonder een dergelijke waarmerking zouden deze stukken nietig worden verklaard.

Als rechterhand van de rechter assisteert hij deze bij de voorbereiding van dossiers en bij documentenonderzoek. Verder is het zijn taak burgers te ontvangen en te informeren en les te geven aan de nationale griffiersopleiding (Ecole nationale des greffes).

De griffiers vervullen hun taken hoofdzakelijk binnen de diverse afdelingen van de rechtbanken. Afhankelijk van de grootte en organisatie van de rechtbank kan de griffier leidinggevende taken krijgen als hoofd of plaatsvervangend hoofd van de griffie of hoofd van een afdeling.

Advocaten

Advocaten zijn justitiële medewerkers en het beroep van advocaat is een vrij en onafhankelijk beroep. Zijn status vloeit voornamelijk voort uit wet nr. 71-130 van 31 december 1971 en decreet nr. 91-1197 van 27 november 1991. Via wet nr. 90-1259 van 31 december 1990 tot wijziging van de wet van 1971 en de uitvoeringsdecreten ervan is het nieuwe beroep van advocaat gecreëerd, waarin de beroepen van advocaat en juridisch adviseur zijn opgegaan.

Tot de dagelijkse werkzaamheden van de advocaat behoren advisering en verdediging.

Volgens de bepalingen van artikel 4, eerste alinea, van de wet van 31 december 1971 hebben advocaten vrijwel een monopoliepositie als het gaat om bijstand en vertegenwoordiging van partijen, het inleiden van gerechtelijke procedures en het voeren van pleidooien bij rechtbanken en gerechtelijke of tuchtrechtelijke instanties van welke aard dan ook.

Het beroep wordt gekenmerkt door de afwezigheid van een nationale orde van advocaten; de advocaten willen een evenwichtige vertegenwoordiging van alle ordes behouden. De advocaten zijn aangesloten bij de 183 ordes in Frankrijk en de overzeese gebieden, die horen bij de arrondissementsrechtbanken. Elke orde wordt “voorgezeten” door een deken en heeft een raad van toezicht, die tot taak heeft alle vragen in verband met de uitoefening van het beroep te behandelen en erop toe te zien dat advocaten hun plichten vervullen en dat hun rechten worden beschermd.

De Conseil National des Barreaux (CNB, nationale raad van advocatenordes), opgericht bij de wet van 31 december 1990 (artikel 15), is een instelling van algemeen nut met rechtspersoonlijkheid. Deze raad vertegenwoordigt het beroep van advocaat bij de overheid en zorgt ervoor dat de regels en praktijken van dit beroep worden geharmoniseerd.

De Conseil National des Barreaux heeft een website die voor iedereen toegankelijk is, gratis informatie verstrekt over de organisatie van het beroep en over actuele vragen in verband met het beroep, en kosteloos inzage verschaft in een gids met alle in Frankrijk ingeschreven advocaten. De meeste grote ordes van advocaten hebben hun eigen vrij en gratis toegankelijke website waarvan de adressen te vinden zijn in de gids met de regionale ordes op de site van de CNB.

De advocaten bij de Conseil d’Etat en het Cour de cassation vormen een aparte beroepsgroep: dit zijn ministeriële ambtenaren die bij besluit van de minister van Justitie zijn benoemd. Zij hebben het monopolie op vertegenwoordiging bij de hoogste rechtscolleges wanneer deze verplicht is. Hun status vloeit hoofdzakelijk voort uit de beschikking van 10 september 1817 op grond waarvan de orde van advocaten bij de Conseil d’Etat en het Cour de cassation is ingesteld, het decreet van 28 oktober 1850 en decreet nr. 91-1125 van 28 oktober 1991 inzake de voorwaarden voor toegang tot dit beroep.

Sinds 10 juli 1814 is het aantal advocaten bij de twee hoogste rechtscolleges bij beschikking onherroepelijk vastgesteld op zestig.

De advocaten bij deze rechterlijke instanties vormen een autonome orde met aan het hoofd een voorzitter die wordt bijgestaan door een elfkoppige raad van toezicht. Dit orgaan stelt het huishoudelijk reglement op, doet onderzoek naar kandidaat-leden, treedt waar nodig tuchtrechtelijk op en vertegenwoordigt het beroep.

Al deze informatie is te vinden op de website van de Ordre des avocats au Conseil d’Etat et à la Cour de cassation (orde van advocaten bij de Conseil d’Etat en het Cour de cassation).

Bestaat er een gegevensbank op dit gebied?

Er bestaat een gegevensbank onder beheer van de Conseil National des Barreaux waarin de advocaten zijn opgenomen die ingeschreven staan bij elk van de ordes van advocaten in Frankrijk.

Is de toegang tot deze gegevensbank kosteloos?

De toegang tot deze databank op de website van de Conseil National des Barreaux is gratis.

Notarissen

Organisatie

De notarissen zijn openbare en ministeriële ambtenaren, die bij besluit van de minister van Justitie worden benoemd. Niettemin fungeren zij als een vrije beroepsgroep. Hun status vloeit hoofdzakelijk voort uit de wet van Ventôse Jaar XI, beschikking nr. 45-2590 van 2 november 1945 en uit decreet nr. 45-0117 van 19 december 1945 inzake de organisatie van het notariaat, decreet nr. 73-609 van 5 juli 1973 inzake de beroepsopleiding en de voorwaarden voor toegang tot het notariaat en decreet nr. 78-262 van 8 maart 1978 houdende vaststelling van het honorarium voor notarissen.

Het beroep is georganiseerd in departementale en regionale kamers, die belast zijn met de regulering van en het (tuchtrechtelijk) toezicht op de notarissen in hun rechtsgebied. De instantie die de beroepsgroep bij de overheid vertegenwoordigt, is de Conseil supérieur du notariat (hoge raad voor het notariaat).

Behalve vertegenwoordiging bij de overheid heeft de Conseil supérieur du notariat tot taak beroepsgeschillen tussen notarissen die niet onder dezelfde regionale kamer vallen, te voorkomen en in der minne te schikken. De Conseil supérieur du notariat heeft een gratis website met daarop de belangrijkste kenmerken van het beroep en een gids van de notarissen en departementale en regionale kamers.

Rol en taken

Notarissen zijn bevoegd om authentieke aktes op te stellen, waarvan de uitvoering kan worden afgedwongen zonder dat daarvoor een rechterlijk vonnis nodig is.

Tevens verstrekken zij adviezen aan particulieren en bedrijven, al dan niet gekoppeld aan het opstellen van aktes, en kunnen zij als derden optreden in vermogensbeheer en onroerendgoedtransacties.

Andere juridische beroepen

Gerechtsdeurwaarders

Deurwaarders zijn openbare en ministeriële ambtenaren, die bij besluit van de minister van Justitie worden benoemd. Niettemin vormen zij een vrije beroepsgroep. Hun status vloeit vooral voort uit beschikking nr. 45-1418 van 28 juni 1945, beschikking nr. 45-2592 van 2 november 1945, decreet nr. 56-222 van 29 februari 1956 en decreet nr. 75-770 van 14 augustus 1975.

Zij mogen uitsluitend processtukken betekenen en rechterlijke vonnissen en executoire titels uitvoeren. Verder kunnen zij op last van een rechtbank of op verzoek van particulieren processen-verbaal van constatering opstellen. Bovendien kunnen zij met toestemming van de minister van Justitie optreden als beheerder van onroerend goed en verzekeringsagent.

Deurwaarders ontvangen in civiele en handelszaken voor hun werkzaamheden vaste vergoedingen, die zijn neergelegd in decreet nr. 96-1080 van 12 december 1996.

De beroepsgroep wordt in elk rechtsgebied van de hoven van beroep vertegenwoordigd door departementale en regionale kamers. Daarnaast vertegenwoordigt een nationale kamer de beroepsgroep als geheel bij de overheid en beslecht geschillen tussen de kamers en, in bepaalde gevallen, tussen deurwaarders. De Chambre nationale des huissiers de Justice (nationale kamer van deurwaarders) heeft een website met daarop de belangrijkste kenmerken van het beroep en een gids van de desbetreffende beroepsbeoefenaren.

Overige justitiële medewerkers

De handelsrechtbanken hebben griffiers in dienst. Het betreft openbare en ministeriële ambtenaren met als belangrijkste taak de leden van de handelsrechtbanken tijdens de rechtszitting bij te staan en de president van deze rechtbank te ondersteunen bij al diens administratieve werkzaamheden. Zij geven leiding aan de griffieafdelingen en beheren het handels- en ondernemingsregister en de repertoria en dossiers van de rechtbank. Zij verzorgen expedities en geven kopieën af, houden de gerechtelijke zegels en de ter griffie gedeponeerde bedragen in bewaring, stellen de griffiedocumenten op en regelen de formaliteiten binnen hun bevoegdheden.

De regelgeving voor dit beroep is te vinden in de artikelen L.741-1 t/m R.741-1 en volgende van het Code de commerce (wetboek van koophandel).

Het beroep wordt bij de overheid vertegenwoordigd door de Conseil national des greffiers des tribunaux de commerce (CNGTC, nationale raad van handelsrechtbankgriffiers), een instelling van algemeen nut met rechtspersoonlijkheid, die belast is met de behartiging van de collectieve belangen van de beroepsgroep. Dit orgaan regelt de initiële en permanente educatie van de griffiers en de griffiemedewerkers en tevens de beroepsexamens, faciliteert stages en houdt toezicht op het verloop daarvan. Op de website van de Conseil national des greffiers des tribunaux de commerce is al deze informatie terug te vinden.

Rechtskundig adviseurs/bedrijfsjuristen

Het beroep van rechtskundig adviseur is bij wet nr. 90-1259 van 31 december 1990 samengevoegd met het beroep van advocaat.

Bedrijfsjuristen zijn niet aan specifieke beroepsvoorschriften onderworpen.

Links

Juridische beroepen

Laatste update: 27/09/2013

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.