Rechten van slachtoffers – per land

Luxemburg

Inhoud aangereikt door
Luxemburg

Via welke procedure kan ik van de dader schadevergoeding vorderen? (bv. rechtszaak, burgerlijke vordering, voeging)

In de meeste gevallen bepaalt de rechter die voor de berechting van de dader verantwoordelijk is, als hij de verdachte schuldig verklaart, het bedrag van de schadevergoeding en rente dat aan slachtoffers wordt toegekend als vergoeding van hun schade.

De aangezochte rechter kan alleen een beslissing over schadevergoeding geven als de slachtoffers zich als civiele partij in de strafrechtelijke procedure hebben gevoegd. Dit is mogelijk in elk stadium van het onderzoek. Slachtoffers hoeven niet op de zitting te verschijnen. Zij kunnen zich door een advocaat laten vertegenwoordigen en hun verzoeken schriftelijk indienen vóór de zitting.

Als een slachtoffer zich niet als civiele partij in de procedure voegt of geen verzoek indient, kan de rechter niet op eigen initiatief schadevergoeding en rente aan het slachtoffer toekennen.

Een slachtoffer dat zich niet civiele partij stelt tijdens de strafzitting, verliest zijn recht op schadevergoeding niet.

Hij kan nog steeds een rechtszaak tegen de dader beginnen bij de civiele rechter, mits hij optreedt voordat de civiele verjaringstermijn verstrijkt en aantoont dat de betrokken feiten een onrechtmatige daad vormen.

De rechter heeft de dader ertoe veroordeeld mij schadevergoeding te betalen. Hoe kan ik ervoor zorgen dat de dader betaalt?

De strafrechter kwantificeert de schade die de slachtoffers hebben geleden, maar mengt zich niet in de invordering van de toegekende schadevergoeding en rente.

Nadat de definitieve uitspraak is gedaan, is het aan de slachtoffers stappen te ondernemen om betaling van deze schadevergoeding van de dader te verkrijgen.

Meestal is het de advocaat die toeziet op de invordering van de schadevergoeding en rente, in eerste instantie langs minnelijke weg, door contact op te nemen met de advocaat van de veroordeelde of door een gerechtsdeurwaarder te verzoeken de uitspraak ten uitvoer te leggen.

Wanneer de veroordelende rechter een voorwaardelijke straf met een verplichting tot betaling van schadevergoeding oplegt, zal de procureur-generaal, die verantwoordelijk is voor de uitvoering van de straffen, controleren of de veroordeelde aan zijn verplichtingen voldoet.

Als de dader niet betaalt, kan de staat het bedrag dan voorschieten? Onder welke voorwaarden?

Tijdens het proces kan de rechter een tussentijdse betaling toekennen, bijvoorbeeld in afwachting van de uitkomst van een deskundigenrapport. Wanneer de dader weigert deze betaling te doen, of daartoe niet in staat is, kan het ministerie van Justitie deze verplichting op zich nemen in geval van een aangetoonde behoefte.

Heb ik recht op een schadevergoeding van de staat?

In de gewijzigde Wet van 12 maart 1984 inzake de schadeloosstelling van bepaalde slachtoffers van lichamelijk letsel dat het gevolg is van een strafbaar feit, is een recht op schadevergoeding door de staat opgenomen voor bepaalde slachtoffers van misdrijven. Dit is een belangrijke maatregel voor slachtoffers in het geval dat:

de pleger van het misdrijf niet is geïdentificeerd; de pleger van de agressie weliswaar is geïdentificeerd, maar niet te vinden is; de dader insolvent is.

Om dit recht te doen gelden, moeten slachtoffers zich wenden tot het ministerie van Justitie, dat binnen zes maanden een beslissing over vorderingen tot schadevergoeding neemt. De vorderingen moeten worden opgesteld in het Frans, Duits of Luxemburgs en de datum, de plaats en de precieze aard van de feiten moeten erin worden vermeld. Bewijsstukken van de feiten en van de door het slachtoffer geleden schade moeten bij deze brief worden gevoegd om de vordering te onderbouwen.

Aan het recht op schadevergoeding zijn bepaalde voorwaarden verbonden waaraan slachtoffers moeten voldoen:

slachtoffers moeten hun reguliere woonadres hebben in het Groothertogdom Luxemburg of onderdaan zijn van een lidstaat van de Europese Unie of de Raad van Europa. Bovendien moeten slachtoffers ten tijde van het strafbare feit hun papieren in orde hebben gehad in het Groothertogdom Luxemburg of slachtoffer zijn van het in artikel 382, lid 1, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde strafbare feit [Mensenhandel].

De geleden schade moet het gevolg zijn van opzettelijke handelingen die de aard hebben van een strafbaar feit.

De schade moet bestaan in lichamelijk letsel en mag niet slechts materiële schade zijn (wat bijvoorbeeld schadevergoeding in geval van gekwalificeerde diefstal uitsluit).

De schade moet leiden tot een ernstige verstoring van de levensomstandigheden, die het gevolg kan zijn van een verlies of vermindering van inkomsten, een stijging van de uitzonderlijke kosten of uitgaven, het niet kunnen uitoefenen van een beroepsactiviteit, het verlies van één jaar onderwijs, lichamelijke of geestelijke schade of morele of esthetische schade, en fysiek of psychisch lijden. Slachtoffers van een strafbaar feit op grond van de artikelen 372 tot en met 376 van het Wetboek van Strafrecht zijn vrijgesteld van het leveren van bewijs van fysieke of psychische schade, die immers wordt verondersteld aanwezig te zijn.

De staat hoeft alleen schadevergoeding te betalen als het slachtoffer op geen enkele manier een doeltreffende en toereikende vergoeding kan krijgen (bv. van de dader of op grond van een socialezekerheidsregeling of een persoonlijke verzekering).

Het is belangrijk om te weten dat schadevergoeding kan worden geweigerd vanwege het gedrag van het slachtoffer ten tijde van het strafbare feit of diens relatie met de dader.

Als de staat een slachtoffer schadeloosstelt, kan hij zich nog steeds civiele partij stellen en aanvullende bedragen van de dader vorderen als hij de schadevergoeding onvoldoende vindt. In dat geval moet het slachtoffer de rechter laten weten dat hij een schadevordering heeft ingediend bij de staat of, in voorkomend geval, dat hij een dergelijke schadevergoeding van de staat heeft verkregen.

Heb ik recht op schadevergoeding als de dader niet veroordeeld is?

Slachtoffers hebben recht op schadevergoeding als de dader niet is veroordeeld, mits zij slachtoffer zijn van een strafbaar feit en de pleger van het misdrijf niet is geïdentificeerd of als de pleger van het misdrijf wel is geïdentificeerd maar niet te vinden is, of als de dader insolvent is.

Als er geen proces is en de rechter dus ook geen schadevergoeding kan vaststellen, kan het ministerie van Justitie een vast bedrag toekennen en/of een deskundigenonderzoek gelasten en bekostigen om het bedrag van de aan het slachtoffer toe te kennen schadevergoeding te bepalen.

Heb ik recht op een voorschot op dringende gronden in afwachting van de beslissing over mijn vordering tot schadevergoeding?

In geval van een naar behoren aangetoonde behoefte kan de minister van Justitie een betaling toekennen terwijl de aanvraag wordt onderzocht.

Laatste update: 08/11/2018

De verschillende taalversies van deze pagina worden bijgehouden door de betrokken lidstaten. De informatie wordt vertaald door de diensten van de Europese Commissie. Eventuele aanpassingen zijn daarom mogelijk nog niet verwerkt in de vertalingen. De Europese Commissie aanvaardt geen verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid met betrekking tot informatie of gegevens in dit document. Zie de juridische mededeling voor auteursrechtelijke bepalingen van de lidstaat die verantwoordelijk is voor deze pagina.

Feedback

Met onderstaand formulier kunt u ons opmerkingen en feedback sturen over onze nieuwe website